Recht op vakantie? - NIEUWE REGELING VAN TOEPASSING
 

 

De laatste maanden hoor je vaak zeer uiteenlopende verhalen over de vakantieregeling voor schoolverlaters.

Vanaf het vakantiejaar 2001 wil de regering echter een nieuwe vakantieregeling doorvoeren ter vervanging van de "aanvullende vakantie voor de jeugdige werknemers".

Je recht op vakantie is in principe afhankelijk van het aantal dagen dat je presteerde het jaar voordien.

Aangezien je pas afgestudeerd bent, heb je - in de ogen van de wet - niet gewerkt en dus ook geen recht op betaalde vakantie.

Maar, zoals altijd zijn er uitzonderingen, door de nieuwe regeling die de regering in leven geroepen heeft. Hierdoor kan je als pas afgestudeerde toch nog genieten van maximum 4 weken vakantie.

. Aan welke voorwaarden moet je voldoen om jeugdvakantiedagen en -uitkeringen te bekomen?
  • op 31 december van het vakantiedienstjaar de leeftijd van 25 jaar niet bereikt hebben
  • in de loop van het vakantiedienstjaar je studies, leertijd of opleiding beëindigd hebben.
  • na deze beëindiging ten alminste 1 maands loontrekkende arbeid verricht hebben in de loop van het vakantiedienstjaar.
    De jongere moet gedurende ten minste één maand verbonden zijn door één of meerdere arbeidsovereenkomsten en deze tewerkstelling moet ten minste 75 arbeidsuren of gelijkgestelde uren omvatten. Een tewerkstelling met de vakantieregeling "openbare dienst" of met een uitgestelde bezoldiging (onderwijs) en een industriële leertijd tellen echter niet mee
. Wanneer kan je jeugdvakantiedagen opnemen?

De ligging van de jeugdvakantie wordt vastgesteld zoals de ligging van gewone vakantiedagen. Het gebeurt dus overeenkomstig een collectief akkoord of in onderling akkoord tussen de jongere en zijn werkgever. Let wel dat deze vakantie enkel genomen kan worden tijdens de tewerkstelling als loontrekkende (niet bijvoorbeeld na het beëindigen van een interim-overeenkomst).

De dagen kunnen in één of meerdere keren opgenomen worden per volledige of per halve dag. Je bent echter niet verplicht deze jeugdvakantiedagen op te nemen.

De andere takken van de sociale zekerheid (kinderbijslag, ziekteverzekering, pensioen) beschouwen de jeugdvakantie als gewone vakantie. Ook voor het recht op vakantie in het volgende jaar wordt de jeugdvakantie gelijkgesteld met gewone vakantie.

Per maand waarin deze jeugdvakantiedagen worden opgenomen zal een formulier "C103" deels door de werkgever, deels door de werknemer ingevuld worden. Dit formulier moet ingediend worden na verloop van elke vakantieperiode, maar wel ten vroegste in april 2001 en ten laatste in februari 2002.

Deze formulieren kan je aanvragen bij de RVA.

. Hoeveel jeugdvakantie-uitkering mag je verwachten?

Je krijgt 65% van het loon dat je tijdens de eerste maand waarin je je vakantie opnam, verdiende. Dit bedrag van je jeugdvakantie-uitkering is begrensd tot 60.482 BEF per maand. Gerekend in de zesdagenweek is het maximumbedrag gelijk aan 1.512 BEF per dag.

voorbeeld:

Je loon bedraagt 65.000 BEF. Je werkt voltijds en neemt één week jeugdvakantie. Je ontvangt dan 6 daguitkeringen van 1.512 BEF of 9.072 BEF voor die week. Van dit bruto bedrag hou je nog 8.147 BEF netto over.

berekening: 38 x 6/38 = 6

Tenslotte nog dit. Studentenarbeid telt niet mee voor je vakantieberekening.

. Betaalde feestdagen

Heb je niet het geluk aan de bovengestelde voorwaarden te voldoen, dan zijn er nog altijd de betaalde feestdagen die de werkdruk een beetje kunnen verzachten: 1 januari, paasmaandag, 1 mei, OH Hemelvaart, Pinkstermaandag, 21 juli, OLV Hemelvaart, Allerheiligen, 11 november, Kerstmis.

 

. Klein verlet

Voor familiale aangelegenheden werd er zoiets in het leven geroepen als 'klein verlet'. In volgende gevallen krijg je vakantie met behoud van loon:

  • huwelijk: 3 dagen
  • huwelijk in de familie: 1 dag
  • geboorte van kind: 3 dagen
  • adoptie: 3 dagen
  • overlijden familielid: 3 dagen
  • overlijden inwonende familie: 2 dagen
  • overlijden niet-inwonende familie: 1 dag
  • communie of feest van de vrijzinnige jeugd: 1 dag
  • familieraad vredegerecht: 1 dag
  • jury: de nodige tijd
  • stembureau: de nodige tijd
. Verlof om dwingende redenen

Jaarlijks kan je ook 10 dagen opnemen omwille van dwingende redenen. Hieronder verstaat men 'een plotse gebeurtenis onafhankelijk van de wil van de werknemer'. Voor deze dagen wordt je loon niet uitbetaald.

 

 

Deze nieuwe regeling verscheen onlangs in het Belgisch Staatsblad.

Voor meer informatie kan je terecht bij:

SD Worx,
RVA of
je personeelsdienst