Je wachttijd
 

 


Hoelang duurt je wachttijd?

Vooraleer je een wachtuitkering ontvangt, moet je een wachttijd doorlopen. De duur van die wachttijd is afhankelijk van je leeftijd op het moment dat je een uitkering aanvraagt.

jonger dan 18 jaar 155 dagen wachttijd
tussen 18 en 26 jaar 233 dagen wachttijd
tussen 26 en 30 jaar 310 dagen wachttijd

Je wachttijd gaat in vanaf het moment dat je je ingeschreven hebt bij de VDAB of de BGDA. Belangrijk dus je zo snel mogelijk in te schrijven.


Welke dagen komen niet in aanmerking voor je wachttijd?

Niet alle dagen worden meegerekend bij je wachttijd.

dagen die NIET in aanmerking komen
  de dagen van inschrijving gelegen tussen het einde van de lessen en 1 augustus komen niet in aanmerking indien je 18 jaar geworden bent op het ogenblik van je inschrijving als werkzoekende
 

de dagen van onbeschikbaarheid. bijvoorbeeld:
- dagen van hospitalisatie
- gevangenzetting
- arbeidsverbod vóór en na een bevalling
- arbeid als zelfstandige
- dagen waarvoor je uitdrukkelijk hebt laten weten dat je niet of enkel onder bepaalde voorwaarden kan werken
- stages opgelegd door de voorschriften inzake toegang tot of uitoefening van een vrij of zelfstandig beroep
- opzoekingswerk als niet-bijdrageplichtige bursaal voor de sociale zekerheid


Hoe moet je je wachtuitkering aanvragen, na je wachttijd?

Je wachttijd is verstreken en ondanks je verwoede pogingen heb je je droomjob nog niet gevonden. Je hebt nu recht op een wachtuitkering. Wij overlopen even met je wat je moet doen om je aanvraag voor een wachtuitkering in te dienen:

  1. je herbevestigt je inschrijving bij de VDAB of de BGDA.
  2. hierna ga je naar je vakbond of naar de hulpkas voor werkloosheidsuitkeringen. Het adres van de hulpkas bij jou in de buurt kan je opvragen bij de VDAB
  3. je krijgt formulier C109/art 36 dat je moet laten invullen door enerzijds je school of leersecretaris en anderzijds de VDAB of BGDA. Neem best ook je identiteitskaart mee en het formulier 'onderwerping aan de RSZ'. Dat laatste formulier moet je later aan de mutualiteiten bezorgen nadat het ingevuld is door je uitbetalingsinstelling

Nadat je al deze stappen hebt doorlopen, stuurt de hulpkas of de vakbond het formulier C109/art 36 naar de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening (RVA). Zij onderwerpen je dossier aan een streng onderzoek waarbij ze volgende zaken nagaan.

De RVA onderzoekt of je voldoende studies gedaan hebt. Hiermee bedoelen ze dat je je humaniora volledig moet hebben doorlopen of dat je minstens 3 jaar beroeps- of technisch onderwijs achter de rug moet hebben.

Daarnaast gaan ze ook na of je je wachttijd wel helemaal doorlopen hebt. Zijn deze twee dingen in orde, dan word je dossier bij de RVA geklasseerd en sturen ze een 'machtiging tot betaling' naar je hulpkas of vakbond.

Je hebt nu recht op een wachtuitkering. Nu heb je enkel nog een stempelkaart nodig, die je bij de RVA, de hulpkas of de vakbond kan halen. Twee maal per maand moet je nu bij je hulpkas of vakbond je stempeltje gaan halen:
dit is de 3de en de 26ste van de maand.

Enkele bijzondere situaties:

Ben je maar tot je 16de (tot die leeftijd ben je voltijds leerplichtig) naar school geweest en zit je nu in een deeltijds werken/deeltijds studeren-systeem, dan maak je kans op een overbruggingsuitkering. Die kan je aanvragen op dezelfde wijze als de wachttijduitkering.

Ben je 30 jaar of ouder, dan zal je andere middelen moeten aanspreken om in je levensonderhoud te voorzien. Je komt immers niet in aanmerking voor een wachttijduitkering.

Heb je alle formaliteiten in orde gebracht, dan kan de VDAB je werkaanbiedingen sturen waarop je in principe verplicht bent te reageren tenzij je elders een gesprek of sollicitatie hebt.

Welke bedragen plakken er op de uitkeringen?

In onderstaande tabel vind je de nieuwe bedragen voor Wachtuitkering en Overbruggingsuitkeringen (vanaf 1.06.2001).

 
dag
maand
samenwonend (gewoon)
---jonger dan 18 jaar
304 BEF
7.904 BEF
---tussen 18 en 20 jaar
485 BEF
12.610 BEF
---vanaf 21 jaar
485 BEF
12.610 BEF
samenwonend (bevoorrecht*)
---jonger dan 18 jaar
322 BEF
8.372 BEF
---tussen 18 en 20 jaar
518 BEF
13.468 BEF
---vanaf 21 jaar
518 BEF

13.468 BEF

alleenwonend
---jonger dan 18 jaar
348 BEF
9.048 BEF
---tussen 18 en 20 jaar
547 BEF
14.222 BEF
---vanaf 21 jaar
855 BEF
22.230 BEF
samenwonend met gezinslast
1.250 BEF
32.500 BEF
* bevoorrecht: als werkloze + partner uitsluitend vervagingsinkomen ontvangen

Zodra je werk gevonden hebt, moet je dat onmiddellijk aan de VDAB of BGDA melden. Meer details omtrent de uitkeringen kan je vinden in de rubriek Barema's van de RVA-site.

Wat is het verschil tussen een wachtuitkering en een werkloosheidsuitkering?

Een wachtuitkering is niet hetzelfde als een werkloosheidsuitkering. Een wachtuitkering wordt gegeven aan schoolverlaters die nog niet voldoende arbeidsdagen gepresteerd hebben.

Op een werkloosheidsuitkering daarentegen kan je aanspraak maken als je zonder werk valt nadat je een tijdje gewerkt hebt. Op basis van je brutoloon kan dan het bedrag van je uitkering berekend worden. Val je na een tijdje werken terug zonder werk, schrijf je je best terug in bij de VDAB. Zij zullen je verder helpen om al je papieren in orde te maken.

We geven je alvast een overzicht van de bedragen (zonder anciënniteitstoeslag) die je mag verwachten bij een werkloosheidsuitkering (vanaf 1.06.2001).

werkloosheidsuitkering (bef)
dag
maand
 
min
max
min
max
samenwonend met gezinslast
1.282
1.424
33.332
37.024
alleenwonend
---1ste jaar
971
1.424
25.246
37.024
---2de periode
971
1.068
25.246
27.768
samenwonend
---1ste jaar
714
1.305
18.564
33.930
---2de periode
714
830
18.564
21.580
---forfaitperiode (eventueel)
----- gewoon
533
13.858
----- bevoorrecht*
711
18.486

* als de werkloze + partner uitsluitend uitkeringen ontvangen waarvan het totaal bedrag lager is dan het maximum voor een samenwonende met gezinslast.