Een werkdag op het departement Welzijn in de gemeente Opwijk

Karel Lesy

Functietitel: diensthoofd Welzijn bij de gemeente Opwijk
Diploma: maatschappelijk assistent
Leeftijd: 44

Elke week blogt een m/v-talent dat aan de slag is bij de Vlaamse Overheid over zijn job. Deze week is het de beurt aan Karel Lesy, diensthoofd welzijn bij de gemeente Opwijk.

Lees de rest van zijn werkweek op de website van Jobpunt Vlaanderen.

Vandaag is het sociaal huis niet open voor bezoekers, behalve na afspraak. Een tijdje geleden werd er voor gekozen om één dag in de week de deuren te sluiten, om de medewerkers de mogelijkheid te geven door te werken aan administratieve zaken. Een goede maatregel, al dient gezegd dat ik zelf niet zo veel eerstelijnswerk doe maar ik heb er alle begrip voor. Donderdag is dan ook het ideale moment om vergaderingen te plannen of om afspraken te maken met de OCMW-voorzitter die ook schepen van sociale zaken is. Het is opvallend rustig in het sociaal huis. De meeste ‘bewoners’ zijn op huisbezoek en/of op vergadering.

Het verslag van de vergadering van het Derdewereldhuis van de voorbije maandag zit in de mailbox. Omdat er toch wel wat zaken werden besproken die een collegebeslissing vergen, had ik aan de verslaggever van het Derdewereldhuis gevraagd niet te lang te wachten met het opstellen van het verslag. Ik stuur het door naar de collegeleden en de gemeentesecretaris zodat zij alvast weten waarover het gaat als het volgende week wordt geagendeerd.

Een lekker tussendoortje. Karen van het dienstenchequebedrijf Piccobello presenteert me een zelfgebakken cupcake. Telefoon van het diensthoofd burgerzaken, Annemie. Een mevrouw heeft zich aangeboden voor een job als busbegeleider. Of ik hier meer informatie over heb? Die heb ik helaas niet. Ik kijk nog even onze vrijwilligerskrant na die we enkele weken geleden in elkaar hebben gestoken.  Ook daarin nergens een spoor over een eventuele vacature. De mevrouw wordt verder geholpen.

Ik neem het papieren verslag door van de zitting van het schepencollege van vorige week. De eerste digitale lezing begin deze week wordt nu overgedaan maar grondiger.  Verschillende punten vragen geen verdere acties. Bij een aantal andere beslissingen staat mijn naam vermeld, bijvoorbeeld wanneer het gemeentebestuur een toelage geeft aan instellingen en voorzieningen voor andersvaliden die hun dienstverlening aanbieden aan inwoners van Opwijk.  Dat kan gaan van instellingen voor kortverblijf, tehuizen voor gehandicapten tot diensten voor thuisbegeleiding.  Het is elk jaar een hele klus om de nodige documenten en bewijsstukken bij elkaar te krijgen of in sommige gevallen zelfs te bedelen. Uiteindelijk werd alles in één agendapunt gegoten en werd beslist het ingediende voorstel goed te keuren.  Ik haal het bundeltje met bijlagen en documenten erbij en stel per instelling een aparte brief op met daarbij de vermelding van de goedkeuring en het bedrag.  Ik beantwoord een aanvraag van een school in Aalst die een stageplaats zocht voor haar leerlingen in onze kinderopvang.  Donderdag … dat is vaak een’ tokkel’-dag achter de computer.    

Na een halfuurtje middagpauze verstuur ik verschillende e-mails, laat ik al aan enkele senioren weten wat de plannen zijn met de huidige seniorenraad en maak diverse brieven klaar voor ondertekening door de gemeentesecretaris en de burgemeester. In de ruimte ernaast heeft OCMW-collega Ria een bijeenkomst met de medewerkers van Zorgoverleg.  Ik selecteer alle documenten die vorige week werden besproken tijdens de collegezitting, lees ze, beantwoord en klasseer ze vervolgens.  Enkele vers aangevoerde documenten worden doorgenomen en al gewaardeerd op hun grootte van hoogdringendheid.  

Buiten heeft de natuur haar kuren. Een stevige sneeuwbui zet op enkele minuten de parking van ons gemeenschapscentrum onder een wit tapijt. Als dat maar goed komt met het optreden later die avond, denk ik. De groep ‘Het zesde metaal’ staat er  binnen enkele uren op de planken met hun voorstelling ‘Ploegsteert’. Het liedje gaat over de overleden wielrenner Frank Vandenbroucke  en is één van mijn favoriete songs. Ik zal er helaas niet bij zijn.

Het is al 17 uur voorbij wanneer ik halt houd in het gemeentehuis. Donderdagnamiddag vindt er wekelijks de bijeenkomst van het schepencollege plaats. Ik herken de wagens van enkele schepenen én weet dus dat de vergadering nog niet voorbij is. Ik kopieer verschillende brieven, maak ze klaar voor ondertekening en leg de signatair op de tafel bij van de gemeentesecretaris. Ik verwijder tussendoor enkele affiches van de muur in de trappengang met aankondigingen van activiteiten die reeds achter de rug zijn. Ik kijk nog even het postbakje na van zowel de dienst welzijn als van De Wegwijzer.  Langslopen doe ik bij de financiële dienst, vraag aan collega Heidi om enkele betalingen uit te voeren en geef er wat uitleg bij. Het gaat om betalingen aan instellingen voor andersvaliden en ook nog een waterrekening van het gebouw waar voorheen De Wegwijzer was gehuisvest en waar ik vorige week ben langsgelopen om er de waterstand te noteren.  Als diensthoofd zijn we mee verantwoordelijk voor de correctheid van de ingestuurde facturen en de goedkeuring ervan. De laatste werkminuten van de dag  bestaan uit een praatje met onze bestuurssecretaris Katleen.  Het is half zes als de werkdag erop zit.