Foutmelding

  • There are no workflow states available. Please notify your site administrator.
  • There are no workflow states available. Please notify your site administrator.

Waarom een koffiepauze je niet oplaadt

Een korte koffiepauze geeft vaak geen extra energie, dat blijkt uit een nieuw, controversieel Amerikaans onderzoek. Waarom laden sommige korte breaks ons niet op? En welke korte pauzes zijn wel heilzaam?

Een koffie tussendoor kan zalig smaken. Met haar nieuwe studie gooit professor Charlotte Fritz van de Amerikaanse Portland State University roet in onze koffie. Uit haar onderzoek blijkt dat die koffiepauzes ons rendement niet verhogen, eerder integendeel. “Werknemers putten uit een koffiepauze niet meer energie. Zo’n pauze vermindert hun vermoeidheid niet. Meer nog, andere korte pauzes zoals het beluisteren van muziek leiden tot meer vermoeidheid, lezen we af uit onze resultaten.”

Charlotte Fritz onderzocht bij een softwarebedrijf en een consultancyfirma hoe de medewerkers daar hun ‘microbreaks’ beleven. “De microbreaks zijn al die korte onderbrekingen die we tijdens onze werkuren nemen. Je weet wel, even naar het toilet of om water of koffie, een korte babbel met de collega, checken of er persoonlijke mailberichten zijn binnengelopen, … We geloven dat die ons energie opleveren. Maar ons onderzoek zegt het tegenovergestelde: indien die ‘breaks’ niets met het werk te maken hebben, laden die onze batterij niet op.”

Bart Van de Ven reageert op deze controversiële studie van Charlotte Fritz. Hij is doctor assistent in de vakgroep Bedrijfspsychologie aan de Universiteit Gent. “Dit is een zeer interessant onderzoek, vooral omdat de onderzoekster een duidelijk onderscheid maakt tussen de lengte van de pauzes. Ze is begonnen met het bestuderen van vakanties, dan lunchpauzes en nu bestudeert ze de micropauzes. Maar de hamvraag is: nemen we een koffiepauze op zoek naar nog meer energie, of is het omgekeerd, we zitten met een dipje en lassen daarom een pauze in?”

Volgens Charlotte Fritz puren we wel energie uit korte ‘breaks’ die binnen ons werk passen: “We halen energie uit korte gesprekken met collega’s, uit momenten dat we iets bijleren tijdens een pauze, dat we een collega feliciteren met een geslaagd project, enzovoort. Eens we aan de slag zijn, zijn we efficiënter en voelen we ons ook beter als we ons echt op het werk concentreren.”

Autonomie: antigif tegen stress

“Uit vele onderzoeken blijkt dat we onze batterij slechts opladen indien we loskomen van het werk (‘detachment’)”, meent Bart Van de Ven. “Daarom is het moeilijk ons energieniveau te herstellen tijdens zulke korte breaks. Microbreaks zijn lang genoeg om ons werkritme te verstoren, maar te kort voor herstel. Eigenlijk meet Charlotte Fritz vooral het korte termijneffect. Ik geloof dat hier ook een langetermijneffect speelt: wat indien onze bazen ons zouden verbieden even om een koffie te lopen? Of ons zouden vragen om enkel op vaste momenten naar het toilet te gaan? Zulke bevelen zouden onze werklust veel sterker ondergraven. Uit onderzoek weten we dat onze autonomie een van de sterkste hulpmiddelen is om onze job goed uit te voeren. Daarom is beslissingsvrijheid een van de krachtigste middelen tegen stress en burn-out bij een werknemer. In organisaties waar de werknemers onder zware druk werken en weinig sociale steun en beslissingsmacht krijgen, duiken er meer gezondheidsklachten op en zijn de mensen vaker afwezig, dikwijls wegens burn-out.”

Hij ziet ook een verschil in de aanleidingen om even een korte pauze in te lassen. “De break waarover je zelf beslist hebt, heeft in mijn ogen positieve effecten. Is het eerder een ongecontroleerde onderbreking, dan heeft die eerder negatieve effecten. Zoals het signaaltje dat je krijgt bij een nieuwe mail. Dat duurt maar enkele seconden, maar het is een heel storende onderbreking die je uit je concentratie haalt.”

In sommige bedrijven kan je natuurlijk niet anders dan toiletpauzes afspreken, bijvoorbeeld voor werknemers die aan een lopende band werken.

25 minuten werken, 5 minuten pauze

Niemand kan acht uur aan één stuk geconcentreerd blijven werken. Iedereen moet af en toe kunnen rechtstaan van zijn bureau om een koffie te halen. Dat beseft Charlotte Fritz maar al te best: “Natuurlijk moeten we onze batterijen opladen, maar dat gebeurt blijkbaar best buiten het werk. Tijdens het werk halen we wel energie door binnen de werkcontext andere activiteiten te doen, zoals afspraken maken met collega’s.”

Hoelang kunnen we ons concentreren? Bart Van de Ven verwijst naar de pomodoro-techniek, die hij soms zelf gebruikt: “Die wordt gebruikt in het ‘timemanagement’ en is afkomstig van een Italiaanse onderzoeker die een kookwekkertje gebruikte in de vorm van een tomaat, een ‘pomodoro’. Hij zette die op 25 minuten. In deze tijdsspanne werkte hij gefocust aan een taak.

Als het ‘tomaatje’ afliep, gunde hij zich vijf minuten pauze. Hij deelde zijn dag in tijdspannes van een half uur in, in ‘pomodoro’s’. Maar het verschil in concentratie verschilt van mens tot mens en van situatie tot situatie. Geraak je in een ‘flow’, een zalige toestand van opperste concentratie, dan word je beter niet gestoord. Daarom zijn de afzonderlijke ruimtes of het thuiswerken binnen het ‘nieuwe werken’ in mijn ogen een enorme vooruitgang.”

Ook een korte wandeling vindt geen genade in de ogen van de Amerikaanse professor Fritz: “Als die wandeling kort is en niet binnen je werk past, levert die ook geen energie op. Toch zou ik je aanraden om tijdens de middag even buiten een frisse neus te halen.”

Waarom maakt ze een onderscheid tussen microbreaks en lunchbreaks? Bart Van de Ven: “Tijdens een lunchbreak die je gebruikt om te tennissen of te zwemmen kom je volledig los van het werk. Daarom zal die eerder positieve effecten hebben. Vooral omdat je dan lang genoeg weg bent. Dat is het probleem met die microbreaks: wie vijf minuten over zijn vakantieplannen praat met een collega, is zijn concentratie kwijt en niet noodzakelijk losgekomen van zijn werk.”

Bart Van de Ven ziet nog een ander negatief effect van de korte breaks die niets met het werk te maken hebben: “Door bijvoorbeeld te vertellen over de ziekte van je kind of over de problemen met de verbouwing, dringen die problemen ook binnen op de werkvloer, zonder dat je er iets aan kan doen.”

Wetenschappers vinden blijkbaar dat wij anders reageren naargelang de lengte van de break? Charlotte Fritz: “Juist, wat tijdens onze vakantie werkt, werkt niet noodzakelijk tijdens de middagpauze. Veel heeft te maken met afstand nemen van ons werk. Daardoor kunnen we onze batterijen opladen. Dat lukt niet met een korte wandeling en soms ook niet tijdens de middagpauze, omdat we nog in de kantooromgeving vertoeven.”

Steun van collega’s cruciaal

Het ‘nieuwe werken’ besmet steeds meer werknemers. Die werknemers blijven ook na de uren via gsm, smartphone of laptop nog met het werk verbonden. Dat is blijkbaar geen juiste manier om nieuwe energie op te slaan? Bevestigt dit nieuw onderzoek niet de oude theorie dat we ons best dubbel plooien tussen 9 en 5 uur, om daarna thuis alles van ons af te werpen? “Ja, dat verrast me ook”, knikt professor Fritz. “We werken vandaag anders, maar misschien niet zo gezond.”

“Neen”, reageert Bart Van de Ven. “Hier volg ik professor Fritz niet meer. De kans is groot dat we net een koffiepauze nemen omdat we een dipje hebben. Op langere termijn is elke vorm van zelfregulering van het werk veel beter. Dus die nieuwe vormen van flexibel werken zorgen voor meer energie en creativiteit op het werk. Die pauzes hebben we nodig om contact te houden met onze collega’s. Sociale steun op het werk is héél belangrijk. De collega’s spelen een essentiële rol om de hoge werkdruk aan te kunnen. Ze kunnen ons tips geven hoe we een taak het best aanpakken. En laat ons ook af en toe eens lachen en grollen om al die zaken die ‘dringend’ moeten afgewerkt worden.”