De maandag van Alain Remue, hoofd van de cel Vermiste Personen

In Engis, in de provincie Luik, vielen zondagnamiddag twee meisjes van 6 en 12 jaar in de Maas. Alain Remue, hoofd van de cel Vermiste Personen van de gerechtelijke federale politie, leidde zondagnacht en maandag de zoekactie naar de twee meisjes.

00.00 uur. Middernacht. Ik ben sinds zondagavond in Luik om de zoekactie te coördineren. We zijn ondanks de duisternis in de weer met een ploeg van de civiele bescherming, brandweer en scheepvaartpolitie. We kunnen niet héél veel doen in deze omstandigheden, maar we doen wat we kunnen. De brandweer zocht kort na de feiten nog naar levende kinderen, maar de hoop om ze levend terug te vinden is er al vlug niet meer, door de stroming en de koude.

Ik laat een helikopter met warmtecamera komen en we zetten ook sonarmateriaal in. We vinden een muts. Om 2.30 uur zetten we de zoekacties stop. Ik doe een korte debriefing met de aanwezige hulpdiensten. We spreken af dat we om 9 uur de zoekactie heropstarten met de grote middelen. Ik rij niet terug naar mijn woonplaats in het Gentse, maar naar mijn kantoor in Etterbeek. Ik slaap twee en een half uur, sta op, neem een douche en rij terug naar Flémalle, van waaruit we de acties coördineren.

9.15 uur. Ik kom aan in Luik. De scheepvaartpolitie is samen met de lokale politie al ter plaatse. De civiele bescherming komt even later met extra manschappen en zodiacboten. Bij de zoekactie zijn in totaal zo’n 40 mensen betrokken: een twintigtal van gespecialiseerde teams en evenveel van lokale politie en brandweer. We zijn de hele dag in de weer met het terugvinden van de meisjes, vanuit de lucht en vanop het water.

We bestrijken met de actie het gebied tussen Engis en de Nederlandse grens, zo’n 50 kilometer. Ook over de grens wordt gezocht: daar nemen de Nederlandse collega’s het over. Ik coördineer alle inspanningen en blijf intussen ook in contact met collega’s die zich elders met andere dossiers bezig houden. Als daar vragen over komen, wil ik ook de stand van zaken kennen.

13.00 uur. We organiseren een perspunt, naar aanleiding van de nieuwsuitzendingen van 13 uur op radio en televisie. De pers is massaal opgedaagd en volgt de zoekactie vanop enige afstand. We kunnen hen helaas niet veel nieuws geven. De zoekactie heeft voorlopig niets opgeleverd.

15.00 uur. Op de plaats waar de meisjes in het water vielen, lagen twee binnenschepen, die we laten weghalen. Onder de plaats waar de boten lagen, vinden we een helm, die later door de ouders herkend wordt als de fietshelm van het oudste meisje. In overleg met het parket hou ik nauw contact met de ouders en de rest van de familie van de vermiste kinderen, die onze actie volgen langs de kade. Ze zitten met enorm veel vragen, maar ze willen vooral weten of ik Amélie en Allyson kan terugvinden. Daar kan ik hen geen antwoord op geven.

17.30 uur. We zetten de zoekactie opnieuw stop. De duisternis is gevallen en het heeft weinig zin nu verder te gaan. Ik sta de pers te woord. Nadat al het materiaal opgeborgen is, geef ik een debriefing aan iedereen die bij de zoekactie betrokken was: wat is er vandaag allemaal gebeurd, wat heeft de actie opgeleverd en wat doen we morgen? We maken de planning op. Ik ga naar mijn kantoor in Brussel, waar ik nog wat operationele administratie klaar maak.

23.15 uur. Ik kom thuis aan, drink een kop soep en neem een douche. Ik kruip in bed en val als een blok in slaap.