Foutmelding

  • There are no workflow states available. Please notify your site administrator.
  • There are no workflow states available. Please notify your site administrator.

Het cv van Bert Gabriëls

Humorist Bert Gabriëls heeft een juristendiploma, maar is toch vooral bekend als zotskap in ‘Zonde van de zendtijd’ en ‘Comedy Casino’. Het cv van de man die samen met Henk Rijckaert de kijkcijfers van CANVAS de hoogte in stuwt …

Personalia

Naam: Bert Gabriëls
Geboortedatum: 11 december 1973
Geboorteplaats: Londerzeel
Woonplaats: Schoten, Antwerpen
Burgerlijke staat: in een relatie, zijn eerste kindje wordt verwacht voor maart 2012

Opleiding

Rechten en antropologie aan de KULeuven
Docent regie aan de Toneelacademie Maastricht. Zijn afstudeerproject , ‘Het stuk Oh’, is een coproductie met de Zwarte Komedie in Antwerpen.

Carrière

Als student in Leuven is Bert Gabriëls cultuurpraeses en is hij actief bij Amnesty International en bij Oxfam Wereldwinkel. Hij speelt ook amateurtoneel bij de lokale vereniging ‘Sienjaal’ in Steenhuffel en later bij zijn eigen groep ‘Cie De Hitte’ in Leuven. Voor deze laatste schrijft hij drie theaterteksten. Ook voor ‘Poos Plastiek’ schreef hij een voorstelling.

Na zijn studies werkt Bert Gabriëls een tijdje als jurist voor de Dienst Vreemdelingenzaken in Antwerpen, voor Vluchtelingenwerk Vlaanderen, voor advocatenkantoor Verstrepen en voor het Vlaams Minderhedencentrum. Daarna leidt zijn liefde voor theater hem naar de Toneelacademie in Maastricht.

In Maastricht richt hij mee het gezelschap 101punt op. Als schrijver en acteur is hij ook de drijvende kracht achter enkele van hun voorstellingen. Het gezelschap maakte van 2001 tot en met 2004 vijf theaterproducties en speelde in Maastricht, Amsterdam, Antwerpen en Gent.

Vanaf 2004 stort Bert Gabriëls zich op de comedy. In februari maakt hij zijn debuut als staande komiek in De Engelenbak in Amsterdam. Al snel oogst hij succes in allerlei wedstrijden: hij haalt de finale in het AKF stand up concours, wint de 123comedy award en de Radio 2-humorprijs. Ook haalt hij de finale van de Culture Comedy Award en het Deltion Cabaret Festival en wint hij de Knock Out Comedy Award in Amsterdam.

Daarnaast maakt Bert zijn opwachting op tv: hij is te zien in ‘De Bovenste Plank’, ‘In de Ban van Urbanus’ en in ‘Comedy Casino’.

Na al die prijzen en tv-verschijningen is het tijd voor een eerste avondvullende show: in november 2006 speelt Bert voor de eerste keer ‘Gestorven Onzin’, een compilatie van zijn beste materiaal van de voorbije twee jaar. De show wordt in samenwerking met CANVAS opgenomen en komt ook op de buis. Later zal P-Magazine de voorstelling als dvd uitbrengen.

In 2008 verschijnt Bert weer op tv: in ‘Comedy Casino’, maar ook in het programma SPAM, waarin hij commentaar geeft op de actualiteit.

Begin 2009 is Bert, samen met Henk Rijckaert, voor het eerst te zien in het komische CANVAS-programma ‘Zonde van de zendtijd’. Die show brengt een combinatie van sketches, parodieën en grappen met de verborgen camera. Aanvankelijk is de kritiek nogal wisselend, maar het programma weet wel al snel heel wat kijkers te lokken.

Vanaf september 2009 vinden we Bert weer terug in de theaterzalen. Met zijn tweede show ‘Pech’ toert hij door Vlaanderen. Hij werpt zich ook nog eens op als jurist: in het najaar verschijnt bij uitgeverij Lancier ‘Verblijfswetgeving 2009-2010’, een overzichtwerk met artikels van zijn hand over vreemdelingenrecht.

Het tweede seizoen van ‘Zonde van de zendtijd’, dat in januari 2010 van start gaat, kent spectaculaire kijkcijfers. Bert en Henk worden ware vedetten en in maart wordt hun programma ook bekroond met de Vlaamse Televisie Ster voor het beste humor- en comedyprogramma.

Na zelf verschillende keren te hebben meegedaan Comedy Casino op CANVAS neemt Bert in 2010 ook de presentatie van de zesde reeks van dat programma op zich.

Ook de herfst van 2011 is weer druk: samen met Henk Rijckaert presenteert hij het derde en laatste seizoen van ‘Zonde van de zendtijd’ en daarnaast slaat hij aan het try-outen voor zijn derde zaalshow ‘Druk druk druk’.