McDonald’s-bediende moet 550 jaar werken voor jaarloon CEO

In het magazine Bloomberg Businessweek verscheen deze maand het schrijnende verhaal van Tyree Johnson. Deze 44-jarige man uit Chicago moet twee jobs bij McDonald’s combineren om de huur voor zijn appartement te kunnen betalen. Tussen twee shifts door wast hij zich in de toiletten van de hamburgerketen en spoedt hij zich per metro naar het andere filiaal waar hij ook werkt.

Hoewel Johnson al twintig jaar aan de slag is bij McDonald’s maakt hij geen aanspraak op een voltijdse job en verdient hij nog steeds niet meer dan het minimumloon van 8,25 dollar of 6,33 euro per uur.

Een schril contrast dus met de situatie van de voormalige McDonald’s-CEO James ‘Jim’ Skinner die in het laatste jaar voor zijn pensioen 8,75 miljoen dollar (6,72 miljoen euro) mocht incasseren. Om het jaarloon van Skinner (of zijn opvolger Don Thompson) te verdienen zou Tyree Johnson meer dan 1,1 miljoen werkuren moeten presteren. Dat betekent dat, als hij elke week van het jaar 40 uur zou werken, hij pas na meer dan vijf eeuwen Skinner geëvenaard zou hebben.

Cheryll Ocampo Forsatz, woordvoerster van McDonald’s, regeerde in een e-mail op de situatie door te zeggen dat de meeste restaurants van de hamburgerketen door geranten worden uitgebaat. “We waarderen de inspanningen van onze werknemers en bedanken hen voor wat ze elke dag doen”, zo schrijft ze.

Geen geïsoleerd geval

De loonspanning bij McDonald’s is geen alleenstaand geval in de snel groeiende sector van de fastfoodketens, waar in tegenstelling tot vroeger niet enkel studenten tewerkgesteld zijn. Bij Yum! Brands, het bedrijf achter onder meer Pizza Hut, verdient CEO David Novak bijvoorbeeld 20,4 miljoen dollar (15,5 miljoen euro). Een gemiddelde werknemer die per uur 7,50 dollar verdient moet daarvoor dus 2,7 miljoen uur of 1.308 jaar werken.

Ook bij een winkelketen als Walmart zien we hetzelfde verhaal: een gemiddelde werknemer moet daar 986 jaar werken om aan CEO Michael Duke’s jaarsalaris van 18,1 miljoen dollar (13,7 miljoen euro) te komen.

En bij ons?

In België gaat het er zo gortig niet aan toe. Ons land staat immers bekend om zijn lage loonspanning. Nergens zijn de verschillen tussen de hoogste en de laagste inkomens zo klein als in België, zo leert ons de OESE-Employment Outlook van vorige zomer. Het verschil tussen het negende en het eerste inkomensdeciel bedraagt hier 2,25 punten, terwijl dat in alle andere OESO-landen groter is. Enkel Scandinavië kent een loonspanning die slechts lichtjes hoger is.

Dit neemt evenwel niet weg dat er ook in ons land bedrijven zijn waar het verschil tussen de lonen erg groot kan zijn. Zo moest minister van Overheidsbedrijven Paul Magnette in het parlement toegeven dat CEO Didier Bellens tweeëntwintig keer meer verdient dan de gemiddelde Belgacom-medewerker. Bij Bpost ligt de vergoeding van topman Johnny Thijs drieëntwintig keer hoger dan die van een gemiddelde medewerker. De loonspanning bij de spoorwegen is ook nog steeds relatief groot: NMBS-topman Marc Descheemaecker verdient elf keer meer dan de gemiddelde werknemer, zijn collega's Jannie Haek van de NMBS Holding en Luc Lallemand van Infrabel verdienen respectievelijk tien en negen keer meer dan een gemiddelde werknemer.