Foutmelding

  • There are no workflow states available. Please notify your site administrator.
  • There are no workflow states available. Please notify your site administrator.

Luc De Bruyckere, Ter Beke: "Vraag is: willen we de uitdagingen wel aangaan?"

Naam: Luc De Bruyckere

Leeftijd: 65 jaar

Diploma: Licentiaat bedrijfspyschologie, MBA/PUB Vlerick School voor Management

Loopbaan: Is tussen 1980 en 2007 ceo van voedingsgroep Ter Beke, voorzitter van de Raad van Bestuur van Ter Beke, Group Joos en ACG Volvo, voorzitter van Voka, bestuurder van Neuhaus en Guberna, partner Vlerick Leuven Gent Management School

Titel: Wordt in 1986 uitgeroepen tot Manager van het Jaar.


“We kijken naar Wallonië als konijnen naar een lichtbak en de Walen kijken naar ons. Maar de echt concurrentie komt van elders", steekt Luc De Bruyckere van wal. Hij draagt vandaag twee voorzitterspetjes: dat van de Vlaamse patroonsorganisatie Voka en van voorzitter van de raad van bestuur van de voedingsgroep Ter Beke, dat hij 36 jaar lang heeft geleid. De stelling uit het rapport van het World Economic Forum over de verschuiving van de economische macht naar het oosten klinkt hem bekend in de oren: “McKinsey spreekt van de ‘great rebalancing’: de 21e eeuw zal oosters zijn. De helft van de groei van de wereldeconomie komt de volgende jaren uit niet-OESO-landen. Tegen 2025 zal de Indische economie vervijfvoudigen en China doet maal zeven. Ook Vietnam, Oekraïne, Thailand, Zuid-Afrika en andere Afrikaanse landen zijn volop bezig aan een heropstanding.”

Het rapport van het World Economic Forum geeft ook aan hoe onze bedrijven moeten reageren op die uitdaging. Luc De Bruyckere: "Om in die nieuwe wereld mee te kunnen, moeten wij en onze bedrijven een nieuwe dynamiek ontwikkelen en dringend leren out of the box te denken. We zullen meer karakter moeten tonen. Zoals een sportman die op de Olympische Spelen echt voor een medaille strijdt, moeten onze bedrijven een nieuwe vechtmentaliteit creëren. Dat we niet genoeg ondernemen, is ons eigen fout, we zijn te zelfgenoegzaam. We hebben nood aan een winnermentaliteit en een competitief kader. Ons land verstrekt het beste onderwijs en de beste gezondheidszorg, we leven gemiddeld in groot comfort. Willen we de concurrentie met de wereld wel aangaan?”

Nummer één

Het ontbreekt Luc De Bruyckere zeker niet aan vechtlust. Hij wil zijn bedrijf, Ter Beke, aan de top positioneren: “We willen in Europa de belangrijkste bereider van verse pastamaaltijden worden. En als marktleider erkend worden door de Europese retailers. Dat is onze ambitie. We hebben ervoor gekozen in de verse voeding te blijven. Dit is het moeilijkste segment, heel wat moeilijker dan  diepvries. Maar als je goed bent in verse producten, bouw je een muurtje dat het nieuwkomers veel moeilijker maakt om je aan te vallen. Vers betekent dat we dicht bij onze klanten moeten produceren. Het is heel belangrijk dat we echt innoveren, zelfs een transformatie van de bestaande businessmodellen nemen we onder ogen.”

Hij geeft het voorbeeld van de afdeling ‘Service Slicing’: “Sinds een jaar of zes bedienen wij de koeltoog van meerdere retailers in Europa. Concreet: samen met hen bepalen we het aanbod, we delen het voorraadbeheer, we leveren voorverpakte charcuterie aan hun distributiecentra. En dit volgens stringente afspraken vastgelegd in een ‘service level agreement’. We kunnen dit enkel doen omdat we zwaar investeerden in technologie. De contacten met de klanten gebeuren via Electronic Data Interchange (EDI), de standaard om digitaal informatie uit te wisselen: we bekijken de voorraad van onze klanten, … . Die digitale dialoog is de basis om heel fijnmazig te kunnen leveren.”

Ter Beke schuift ook verder naar het oosten. Luc De Bruyckere: “We bereiden een joint venture voor met Stefano Tosselli, een pastaproducent uit de buurt van het Franse Caen om samen een fabriek te bouwen in Polen. Stefano Tosselli is onze grootste concurrent op het vlak van pasta’s. We wisten van mekaar dat we al jaren de Oost-Europese markten onderzochten. We hebben out of the box gedacht en besloten samen een fabriek te bouwen om de Oost-Europese markten te bevoorraden met pastamaaltijden. In die sterk geautomatiseerde eenheid, zullen op termijn een tweehonderdtal mensen aan de slag zijn.”

Hij vat de strategie van Ter Beke samen: “Wij willen onze bestaande markten verder ontwikkelen met een operationele excellentie. Daarom werken we heel hard aan de kostenefficiëntie want de prijsdruk blijft op ons afkomen. We drijven onze inspanningen op het vlak van nieuwe producten en verpakkingen op. Onze internationalisering bouwen we verder uit. Dat belangrijke project in Oost-Europa maakt daar deel van uit. Dan dekken we praktisch heel Europa af. Daar zijn we de komende jaren nog wel even mee zoet.”

Leergeld betaald

Vele bedrijven krijgen het deksel op de neus als ze internationaal willen verkopen. Dat weet Luc De Bruyckere best: “Ook wij hebben ons leergeld betaald. Jaren geleden haalden we in Frankrijk te snel grote contracten binnen tegen een te lage marge. Het duurde jaren eer we die hadden geruild voor contracten met een leefbare marge. In Spanje kenden we een moeizame opbouw: met de pastamaaltijden hebben we daar nu onze niche gevonden. Ook in Duitsland en Scandinavië ging het met vallen en opstaan. In Zwitserland hadden we het geluk direct een goede importeur te treffen. En Nederland is al 30 jaar een thuismarkt die voor vleeswaren zelfs belangrijker is voor ons dan België. Het duurt wel even eer je weet of je met de juiste partners bezig bent. Je weet het nooit zeker. Daarvoor ben je een ondernemer.”

Met een bedrijf dat actief is in de voedingsnijverheid ondervindt hij de uitdaging van de snelle stijging van basis grondstoffen aan den lijve: “De voorbije weken dreigden leveranciers van verpakkingsfolie niet meer te leveren, tenzij de prijzen werden opgetrokken (folie wordt gemaakt uit petroleum, nvdr). Dat kwam snoeihard aan. Daarnaast worden granen en de zuivelproducten duurder. Heel de sector staat onder spanning. Fabrikanten met merkproducten, zoals Ter Beke, staan iets minder onder druk dan de producenten voor private labels.” Luc De Bruyckere vreest niet dat de prijsopstoot de groei van Ter Beke zal breken: “Misschien vertraagt de groei wat, maar pessimistisch ben ik niet. We zoeken met man en macht naar nieuwe besparingen in de waardenketen en naar productiviteitsverbeteringen.”

“Ons herstel is onzeker omdat we in dit land de moed niet hebben om ons sociaal model in vraag te stellen”, reageert hij op de stelling dat het herstel nog niet stabiel is. “Het Belgische model is niet meer aangepast aan de nieuwe kenniseconomie. Het werd ontworpen in een tijdperk toen de gemiddelde Belg rond zijn 15e begon te werken en op zijn 65e met pensioen ging, met een levensverwachting van 65 tot 70. Momenteel beginnen we veel later te werken, stoppen we veel vroeger en leven we véél langer. Tot voor kort mocht er zelfs niet gepraat worden over het activeren van 50-plussers! Deze discussie duurt al lang en we reageren er veel te traag op”, zo analyseert hij. Het is niet het enige punt van kritiek dat hij heeft op de vaderlandse en Vlaamse politiek. Want ook als het over ondernemen gaat, is er nog veel te wensen over. “Dit land moet de randvoorwaarden verbeteren opdat bedrijven zich kunnen ontwikkelen. Onze staatsstructuur en onze instellingen zijn veel te complex: onze overheidsstructuren zijn te duur, te log en te complex. Alles moet eenvoudiger. Dat geldt niet alleen voor het federale niveau maar evenveel voor het Vlaamse niveau. De Vlaamse administraties zijn de nieuwe regelneven. We moeten dat bestrijden. Maar de bedrijven zijn nauwelijks  beter. Mijn zoon heeft een autoconcessiegroep: als ik zie welke administratieve mallemolen de autoimporteurs opleggen aan hun concessiehouders: je houdt dat niet voor mogelijk. De randvoorwaarden om te ondernemen moeten aangepast worden. Daarom is de staatshervorming nodig. Maar dat zal nog wel even duren vrees ik.”

Terug naar het coververhaal.