Foutmelding

  • There are no workflow states available. Please notify your site administrator.
  • There are no workflow states available. Please notify your site administrator.

Luc Bertrand: "Ondemocratisch gedrag wordt moeilijker en moeilijker. Kijk maar naar Egypte en Tunesië."

Naam: Luc Betrand

Leeftijd: 60 jaar

Diploma: Handelsingenieur

Functie: Voorzitter executief comité Ackermans & van Haaren, sinds 1990 bestuurder directeur-generaal van AvH en voorzitter van DEME, Dredging International, Van Laere, NMP, Finaxis, Sofinim, Leasinvest Real Estate, Tour & Taxis, Egemin International

Titel: Wordt in 2001 uitgeroepen tot Manager van het Jaar.


De nieuwe glazen hoofdingang naast het oude gebouw symboliseert de opgang van Ackermans & van Haaren de voorbije jaren. De groep, met onder meer DEME, Bank J. Van Breda en de plantagegroep Sipef in portefeuille, heeft goed geboerd. “We zijn 25 jaar geleden met een klein team begonnen en met een eigen vermogen van 100 miljoen euro. Eind 2010 was dat 1,7 milard euro”, zegt topman Luc Bertrand. De topman van AvH is wat sceptisch over zijn verkiezing tot laureaat van de award van de Vlerick Alumni, maar ontdooit helemaal als hij zijn strategie kan ontvouwen. “We staan op de drempel van een nieuwe wereld. De nieuwe landen groeien momenteel tegen 8 tot 10%. Als ondernemers moeten wij gaan waar de groei is. Waarom zouden we als gekken vechten in een land met een groei van -1%? De ganse groep verschuift naar het oosten. Onze bedrijven investeren ginder en sinds drie jaar kijken we systematisch naar mogelijke overnames. Gemakkelijk is dat niet: we moeten in elk land, in elk dossier onze weg vinden. Al besef ik dat we immens verwend zijn in ons land, omdat wij hier zoveel talent vinden. Wie hier een universitair diploma haalt en sociaal is, kan heel veel. Die vindt later overal in de wereld zijn weg."

Luc Bertrand reageert redelijk optimistisch op de stelling dat het economische herstel nog niet stabiel is: “De voorbije crisis was te wijten aan de destabilisering van het financieel systeem. Onze bankiers hebben te veel risico's genomen en verspeelden een groot stuk van hun kapitaal. Daarom beschikken onze banken vandaag over minder activa, wat een gevolg heeft voor onze economie. Ze verstrekken in ons land niet minder kredieten, maar ze hebben zich teruggetrokken uit een reeks internationale markten. Ze zijn veel minder actief in de nieuwe opkomende landen.

Dat maakt ons leven wat moeilijker, want ze verlenen ons daar veel minder ruggensteun dan vroeger. Ook zijn de kredieten die we bij hen kunnen opnemen duurder. Dat heeft ons en andere Belgische ondernemingen niet belet om toch mooie resultaten voor te leggen. Want we genieten van de groei van vier procent van de wereldeconomie.”

Met zijn poot ‘Energie en Grondstoffen’ mikt de groep op de trend van de hogere prijzen op de grondstoffenmarkt. Luc Brtrand beaamt de stelling over een toenemend tekort aan grondstoffen: “Binnen enkele jaren telt de aarde negen miljard inwoners. Van de Indiërs en de Chinezen zijn er momenteel amper 200 miljoen opgenomen in de wereldeconomie. Maar ze beginnen in te zien hoe ze ook dat miljard andere inwoners stilaan kunnen laten genieten van een zekere welvaart. En ze willen nooit meer terug. Ze hebben allemaal grondstoffen nodig. Daarnaast moeten de westerse naties aanvaarden dat we 100 jaar geleefd hebben met goedkope grondstoffen. Dat verandert nu. In het begin van mijn carrière ging de olieprijs van 8 naar 10 dollar en we vonden dat hoog. Nu kost een vat olie 120 dollar, binnenkort staat het 200 dollar. We leven in een wereld waar de Afrikanen, de Arabieren en de Aziaten een belangrijk deel van de economie bezetten. Dat is veel eerlijker. Maar het zal een enorm impact hebben op het gebruik van grondstoffen. Daarom hebben we recent met DEME aangekondigd samen met de Nederlandse onderneming IHC Merwede op zoek te gaan naar grondstoffen op grote diepte in de oceanen. Dat kan maar omdat die grondstoffen vandaag zo duur zijn.”

Eerste van de klas

In het rapport ‘From risk to opportunity’ van het World Economic Forum vrezen zakenleiders dat de voorbije crisis in vele landen de illegale economie heeft aangezwengeld en de corruptie heeft verergerd. Luc Bertrand gaat niet akkoord met deze analyse: “Ik ben eerder een optimist. Vele landen ontwikkelen zich goed: hun economie wordt transparanter, de regels duidelijker en de overheid krijgt er meer middelen. De 'brainpower' in die landen groeit aan. We evolueren naar een minder corrupte wereld. Naarmate de communicatie en de economie transparanter wordt, wordt ondemocratisch gedrag moeilijker en moeilijker. Kijk maar naar landen als Egypte, Tunesië en Bahrein. Mensen die in het buitenland gevormd zijn, worden de nieuwe toplaag in die landen. Er is dus hoop, die er vroeger niet was. Via de markteconomie, sijpelt de groei door naar de bevolking. Vroeger bleef de groei plakken aan de vingers van de bovenste klassen.”

De vier laureaten van de Vlerick Award sturen elk een onderneming met een hoofdkwartier in België. Luc Bertrand heeft daar zo zijn idee over: “België is zeer naïef en stelt zich totaal open voor buitenlandse kapitaalgroepen. Op dat vlak willen we de eerste van de klas zijn. Onze bedrijven en financiële groepen zijn op geen enkele manier beschermd. Het gevolg is wel dat een hele generatie topbedrijven uitverkocht werd. Nederland, Duitsland, Groot-Brittannië en zeker Frankrijk, zijn lang niet zo naïef.” En hij ergert zich aan het gebrek aan chauvinisme in dit land: “Om het even wie hier binnenstapt vanuit het buitenland, krijgt het beter en sneller gedaan dan de Belg. Ik ken tientallen voordelen dat de buitenlandse investeerders hier kregen, waar wij in het buitenland zelfs nog niet moeten van dromen: telefoonconcessie, grote bouwprogramma's, subsidies, ... . Misschien maakt dat deel uit van ons surrealisme.” Een bron van frustratie? “Niet voor ons, want wij zijn bij de overlevers. Maar terwijl AvH internationaal een kleine groep is, zijn we in België groot. Daarom krijgen we nu minder de steun die we dertig jaar geleden wel kregen toen we nog klein waren. Kijk maar naar de Oosterweelverbinding: wij hadden de beste prijs met een Belgische groep, maar een Franse groep met een hogere prijs kreeg het project. Men heeft ons geforceerd samen te gaan met de Fransen. In Frankrijk was dat onmogelijk. Dat steekt.”
“Al is het beeld nooit volledig zwart of wit”, nuanceert Luc Bertrand. “Gelukkig krijgen onze baggeractiviteiten wel de steun van alle overheden. Men ziet ons als een trekpaard van de economie dat alles terugbrengt naar België.”

“In het buitenland is onze Belgische afkomst niet echt een nadeel. Een Amerikaan die in de Emiraten vliegtuigen wil verkopen, zal daar sneller in lukken. Of als president Sarkozy in Abu Dhabi een atoomcentrale wil bouwen, wordt er geluisterd. Maar als men moet kiezen tussen twee, drie grootmachten, krijgen de kleine Belgen plots een kans. Als we goed uitkijken vinden we in een bepaalde omgeving wel dossiers die ons liggen. Maar we moeten beseffen waar onze plaats is, en daar het beste van maken.” Hij ergert zich aan sommige sociale voordelen. “De welstand in ons land gaat kapot. Als de mensen niet meer willen werken en ze zelfs beloond worden om niet te werken, wordt er een zekere immoraliteit gecreëerd. Daarnaast is het praktisch onmogelijk om nog een groot project uit de grond te krijgen. Vlaanderen wordt het bureaucratische India van tien jaar geleden. En omgekeerd, wordt India het dynamische Vlaanderen van gisteren. Mijn Vlaams-Belgisch model heeft daar meer kans dan hier. Ondernemen hier wordt moeilijker.”

Terug naar het coververhaal.