Waar kan een jonge ondernemer startkapitaal vinden? [win!]

In zijn boek Jong ondernemend Vlaanderen gaat Frederic De Meyer op bezoek bij de entrepreneurs achter elf succesvolle jonge Vlaamse ondernemingen. Hij heeft het onder andere over de problematiek van financiering: hoe kan een goed idee aan voldoende kapitaal raken om een product of dienst in de markt te zetten, en te laten groeien? Een fragment uit het boek.

Startkapitaal

Er is in Vlaanderen geen gebrek aan investeringsgeld. De meeste ondernemers hebben de eerste fases van hun start-up zelf gefinancierd, en de anderen die wel startersgeld nodig hadden, hebben dit in relatief korte tijd kunnen bijeenbrengen.

Dat ligt natuurlijk aan het feit dat de activiteiten van de ondernemers niet veel kapitaal vergen. De voornaamste investering voor de meesten onder hen is de tijd die ze in de ontwikkeling van hun project steken, en in de kennis die ze de jaren ervoor hebben verworven.

Dit ligt anders bij activiteiten waarbij er bijvoorbeeld veel onderzoek en ontwikkeling nodig is, zoals in de 'high tech' - of biotech-sector, of wanneer een team programmeurs gefinancierd moet worden. Dit ligt ook anders bij activiteiten die, om succesvol te zijn, onmiddellijk beroep moeten doen op een grotere markt dan België of Vlaanderen.

Onvoldoende startgeld

Volgens technologiegoeroe en entrepreneur Peter Hinssen schuilt hierin een reëel risico. Hij ziet veel mensen met briljante ideeën die ze niet kunnen uitvoeren door een gebrek aan 'seed capital'. Toch van start gaan met onvoldoende kapitaal leidt volgens Hinssen gegarandeerd tot mislukking.

Wel ziet hij heil in initiatieven zoals het Tina-fonds, dat opgericht werd door investeringsbedrijf PMV en het Vlaamse Gewest. Het fonds wordt aangewend om innovatie in specifieke, toekomstgerichte markten sneller naar de markt te brengen. Maar het bijzondere eraan is dat ze deze investeringen doen samen met marktpartijen die optreden als consortiumpartners. Deze investeringen gaan dus niet naar een onderneming, maar naar een cluster van ondernemingen rond een bepaalde problematiek of investering. Het zet hiermee ondernemingen aan om samen te werken.

Naar de VS?

Dergelijke initiatieven dekken echter niet de behoeften van alle (potentiële) entrepreneurs. Het vinden van business angels die voldoende willen investeren in risicoprojecten blijft een moeilijke zaak. Misschien moeten we deze entrepreneurs de toegang tot risicokapitaal in de VS vergemakkelijken. Organisaties zoals het Flanders Investment and Trade of het IBBT zouden daar een rol in kunnen spelen. Exporteren we daardoor geen talenten die we beter in Vlaanderen kunnen houden?

Volgens Peter Hinssen alvast niet. Entrepreneurs die een tijdlang ervaring opbouwen in de VS kunnen juist heel nuttig zijn op de Vlaamse markt. Een orgaan uitbouwen dat Vlaamse entrepreneurs toegang verschaft tot een netwerk van business angels en andere entrepreneurs in Silicon Valley zou daarvoor heel nuttig kunnen zijn. In zekere mate vormt Webmission.be, een initiatief van Bruno Delepierre, hier een antwoord op, door Belgische webentrepreneurs te groeperen om hen in het buitenland kenbaar te maken en nuttige contacten te leggen.

Crowdfunding

Maar ook de markt voor seed capital is onderhevig aan innovatie. International werden al een aantal initiatieven gelanceerd die start-ups geld bezorgen via een crowdfundingmodel. Hierbij wordt beroep gedaan op de anonieme massa op het internet om te investeren in nieuwe projecten, vaak met kleine bijdragen.

Ook in België heeft dit vorm gekregen met initiatieven zoals Mymicroinvest.com en Angel.me. Dit laatste is een initiatief van Bart Becks (foto), die mee aan de wieg stond van SonicAngel, een initiatief dat jonge muziekgroepen via crowdfunding aan kapitaal helpt om professionele opnames en marketing te financieren. Wat voor muziekgroepen kan, moet ook voor start-ups kunnen. Het principe van Angel.me kent dan ook veel gelijkenissen met SonicAngel: mensen kunnen stemmen op hun favoriete projecten, en de investeerders krijgen specifieke voordelen die eraan verbonden zijn (net zoals ze bijvoorbeeld een cd krijgen wanneer ze een muziekgroep financieren via SonicAngel).

Mentors

Er zijn echter ook verschillen. Zo zal er een selectie van start-ups plaatsvinden door ervaren entrepreneurs, en zullen de projecten ook concrete ondersteuning verkrijgen van mentors. In principe kunnen start-ups van alle aard hier een beroep op doen, al zal voor een aantal sectoren Angel.me ook een stap verder gaan en als incubator dienen.

Peter Hinssen en Bart Becks kaarten echter een bijkomend probleem aan: in België bestaat er volgens beiden een disconnectie tussen seed capital en venture capital. Seed capital is de investering die wordt gedaan in het prille begin van een start-up, veelal voordat een product of dienst nog op de markt is verschenen. Venture capital daarentegen, is de investering die gebeurt in een groeifase van een jonge onderneming, wanneer het product of de dienst al een markt heeft gevonden.

Venture capitalists hebben echter niet noodzakelijk kennis van alle initiatieven of ideeën die zich in een seed-capitalfase bevinden, en omgekeerd hebben start-ups met seed capital niet noodzakelijk toegang tot het venture capital om verder door te groeien. Hierdoor gaat heel wat potentieel verloren. Het Angel.me van Bart Becks heeft alvast als bijkomend doel voor een aantal start-ups de toegang tot venture capital te vergemakkelijken.

Fragment uit: Frederic De Meyer / Jong Ondernemend Vlaanderen
Uitgegeven bij die Keure, €19

Win win win!

Jong Ondernemend VlaanderenZin gekregen in ondernemen? Wil je dit boek zelf lezen? Vacature geeft 10 exemplaren weg.

Laat ons voor 27 november weten waarom jij dit boek moet in je bezit hebben en wie weet valt het binnenkort wel bij jou in de bus.

Zin om te winnen? Stuur een mailtje naar wedstrijd@vacature.com met als onderwerp 'Jong ondernemend Vlaanderen'.