Vreemde job: vee-inseminator

Patrick Gielen insemineert vee. Velen doen misschien wat lacherig over dat beroep, maar het blijft bovenal miskend. Reden genoeg om deze job die van een enorm belang is voor de rentabiliteit van het vee wat beter te leren kennen.

Geen enkele officiële opleiding

Niet zomaar iedereen kan beginnen met vee te insemineren. Na 6 jaar studie om het diploma van dierenarts te behalen, moet de kandidaat-inseminator gedurende 2 à 3 maanden een opleiding volgen bij een collega met voldoende ervaring. Er bestaat geen enkele officiële opleiding of diploma voor deze specifieke tak van de veerartsenij.

“Tijdens je opleiding tot dierenarts krijg je enkel wat rudimentaire kennis van gynaecologie mee”, zo vertelt Patrick. “Die kennis is onvoldoende om de technieken te leren kennen die je moet toepassen bij problemen met de eierstokken of aan de uterus. Ook weet je daarmee niet hoe je terugkerende vruchtbaarheidsproblemen in een veestapel moet analyseren.”

Patrick heeft er dus al een heel parcours opzitten: “Na mijn studies heb ik gedurende anderhalf jaar een praktijk voor kleine dieren gehad in Frankrijk. Maar al snel had ik genoeg van katten en honden en toen ontdekte ik het werk van een inseminator. Dit werk is gevarieerder dan het lijkt en door de regelmatige werkuren biedt het ook een betere levenskwaliteit. Ook al gebeurt het dat ik tijdens weekends of op feestdagen moet werken, toch kan ik mijn werkdag plannen in functie van de boeren die mij ’s ochtends hebben gebeld en ’s avonds ben ik sowieso thuis. Dat gemak hebben veel van mijn collega-dierenartsen niet: zij moeten vaak ook ’s nachts uitrukken voor een noodgeval.”

Privé-inseminator

Sommige boeren kunnen er toch voor kiezen om bij een landbouwersvereniging een korte opleiding te volgen om te leren om zelf hun vee te insemineren. Ze kunnen dan enkel privé-inseminaties uitvoeren, op hun eigen veestapel. “Maar wij blijven altijd beschikbaar voor de rest van het werk dat bij de voorplanting komt kijken: de gynaecologische opvolging, de behandeling van eventuele vruchtbaarheidsproblemen …”, zo preciseert Patrick.

Geen manier om rijk te worden

Biedt de job van inseminator financiële voordelen ten opzichte van een gewone dierenarts? “Helemaal niet, wij zijn een beetje het kneusje van de veeartsenij”, zo bevestigt Patrick. “Het is een weg die je meer uit overtuiging kiest, dan uit het verlangen om je te verrijken.”

En zijn er gestandaardiseerde tarieven? Wederom is het antwoord neen. “Wij zijn niet geconventioneerd en dus zijn er geen standaardtarieven voor onze tussenkomsten. Enkel de inseminaties zelf zijn een geval apart. De meeste inseminatoren voeren dat uit als zelfstandige onderaannemers van de ‘Association wallonne des éleveurs (AWE)’ en het tarief is dan hetzelfde voor heel Wallonië.”

Aangesloten bij de AWE: bewijs van kwaliteit

Niet alle inseminatoren werken voor de AWE, sommigen zijn volledig onafhankelijk. “Maar”, verduidelijkt Patrick, “het AWE heeft een ISO9001-certificaat en dat staat hoog aangeschreven in Wallonië. Als je aangesloten bent bij het AWE is dat dan ook een bewijs van kwaliteit.”

Die kwaliteit wordt onder meer verzekerd door het bijhouden en controleren van lastenboeken en door een jaarlijkse publicatie van de resultaten van elke inseminator. “Die statistieken tonen bijvoorbeeld het percentage van geslaagde bevruchtingen na de eerste inseminatie”, legt Patrick uit.

Een welomschreven rol

Het lidmaatschap van een inseminator bij de AWE legt ook zijn rol bij de boeren vast. “De inseminator komt tussen vanaf 14 dagen na het kalveren totdat de zwangerschap wordt vastgesteld. In die periode is de inseminator verantwoordelijk voor het ontdekken van eventuele vruchtbaarheidsproblemen. Eenmaal de zwangerschap is vastgesteld, is het de gewone dierenarts die het heft overneemt. De inseminator moet dan enkel nog opnieuw tussenkomen in geval van complicaties, bijvoorbeeld voor een abortus.”

De inseminator, bewaker van de rentabiliteit van de veestapel

Een landbouwer kan pas overleven als zijn dieren rendabel zijn en de inseminator speelt daarbij ook een rol: “Het is de bedoeling dat een koe éénmaal per jaar kalvert. Gebeurt dat niet, dan wordt de kudde minder rendabel voor de landbouwer. Het is daarom onze taak om de voortplanting van het vee te volgen en om tijdig een daling in de vruchtbaarheid op te merken en om de oorzaken daarvan te achterhalen. Het voortplantingstelsel is vooral gevoelig aan externe factoren. Slechte voeding kan bijvoorbeeld aan de basis liggen van vruchtbaarheidsproblemen. Dankzij een softwareprogramma, uitgewerkt door de AWE en het ICT-bedrijf Corilus, kunnen wij voortaan ook de opvolging doen van de vruchtbaarheid van elke veestapel. Op die manier kunnen wij een vermindering van de prestaties onmiddellijk opmerken. Daarna rest ons nog de taak om de oorzaken te achterhalen en om ze indien mogelijk te behandelen.”

Doordat hij verantwoordelijk is voor de bevruchting van het vee is de inseminator dus de bewaker van de rentabiliteit van de veestapel en, indirect, ook van het landbouwbedrijf.