Traficon ziet markt voor videodetectie verschuiven richting BRIC-landen

Traficon, gespecialiseerd in videodetectie, mag dit jaar 20 kaarsjes uitblazen. “Met behulp van videotechnologie houden wij het verkeer in de gaten,” legt ceo Lode Caenepeel uit. “We tellen hoeveel auto’s er voor een verkeerslicht staan en berekenen hoe lang het groen moet blijven voor een optimale verkeersdoorstroming. We gaan na waar er files staan en hoe lang die zijn, waar zich ongelukken voordoen en spotten spookrijders en voetgangers op snelwegen. Al die gegevens spelen we door aan onze klanten: verkeerscentra en overheden, overal in de wereld.” Minder dan 1 procent van zijn omzet draait Traficon in eigen land. “België is te klein om te groeien in deze branche. En het verkeersinfarct is ten slotte een mondiaal probleem. Noord-Amerika was ons eerste buitenlands succesverhaal, halfweg de jaren 1990. Onze projecten daar leverden de nodige liquide middelen op om de rest van de wereld te veroveren. Ondertussen zijn we in alle continenten actief en hebben we kantoren in België, Frankrijk, Duitsland, Spanje, het V.K., de V.S. en China. Ons personeelsbestand telt nu 80 mensen, een verviervoudiging op 10 jaar tijd.”

“In het begin stuurden we Belgische expats uit, maar daar zijn we op teruggekomen. Voor een project in Rusland of China heb je een Rus of een Chinees nodig. Iemand die de taal spreekt, maar vooral ook de lokale cultuur begrijpt. Die mensen vinden is niet evident. Een zoektocht van een jaar is niet uitzonderlijk.”

“In onze niche zijn we met een viertal wereldspelers, maar daarnaast zien we steeds meer lokale concurrenten opduiken. Ook bedrijven uit aanpalende sectoren schuiven hun aanbod op in onze richting. Anderzijds kunnen we zelf ook niet anders dan verbreden. Vroeger beperkten we ons tot software en elektronica, nu ontwikkelen we ook eigen camera’s en zorgen we zelf voor de aansturing en de behuizing ervan. Verder evolueert de technologie veel sneller dan vroeger. Ging een bepaald type chip vroeger 10 jaar mee, dan moeten we nu al om de twee jaar nieuwe chips integreren.”

De R&D-afdeling, gevestigd in Wevelgem, wint dus aan belang. De geschikte profielen daarvoor liggen echter niet voor het rapen. “We zitten hier ook niet in het gebied waar de schaarse ict’ers afstuderen. We rekruteren ook voor die jobs steeds meer internationaal.”

De omzet is de voorbije jaren spectaculair gestegen: van 4,2 miljoen euro in 2001 over  9,3 miljoen in 2006, om in 2011 af te klokken op 16,3 miljoen. Wat niet wil zeggen dat het makkelijk is geweest. “De achteruitgang in de traditionele markten moeten we opvangen door groei in de BRIC-landen. Goede verkopers, bereid om daar netwerken uit te bouwen, worden hier met open armen ontvangen.”

<< Terug naar het dossier West-Vlaanderen