Outplacement: rinkelende kassa, rammelende kwaliteit?

Vorige week sneuvelden in één week tijd meer dan 1200 jobs. Slecht nieuws voor de tewerkstelling, goed nieuws voor de outplacementsector. Want zij mogen de meeste ontslagen werknemers klaarstomen voor sollicitatierondes en een gloednieuwe job. Maar hoe efficiënt is outplacement? En krijgt elke deelnemer evenveel waar voor het geld van zijn ex-werkgever?

Donderdag 2 februari kondigde ceo Bert De Graeve aan dat Bekaert 609 banen zal schrappen. Eerder die week maakten Nokia Siemens Networks, Kraft Foods, Crown en Alcatel-Lucent bekend dat honderden mensen uit moeten kijken naar een andere job. In amper een week tijd verdwenen 1243 banen door herstructureringen en collectieve ontslagen, en deze week volgden onder meer biervatenproducent Comet en de Nederlands-Limburgse autofabriek Nedcar (waar 1500 werknemers op straat komen te staan, onder wie 300 Belgen). Slecht nieuws voor al die mensen van wie de job bedreigd is, maar goed nieuws voor de outplacementsector. Want sinds de economische herstelwet van 27 maart 2009 zijn werkgevers verplicht om bij collectief ontslag outplacementbegeleiding aan te bieden aan alle getroffen werknemers. “Het klopt dat outplacementkantoren beter gedijen in perioden van laagconjunctuur”, zegt Herwig Muyldermans, algemeen directeur van Federgon, de belangenvereniging voor onder andere de outplacementbranche. “Als de economie sputtert, vallen er ontslagen en krijgen outplacementconsulenten meer werk. Als de economie goed draait, hebben ze minder omhanden.”

Ferme boost

Een kwarteeuw geleden was outplacement een individueel exclusief voorrecht voor ontslagen kaderleden en directeurs. In 2002 werd outplacement een recht voor alle 45-plussers die op straat gezet werden. In december 2007 werd dat recht een plicht: ontslagen 45-plussers werden voortaan verplicht deel te nemen aan outplacementsessies. In maart 2009 breide de wetgever daar een vervolg aan: voortaan moesten alle getroffen werknemers bij collectief ontslag, ongeacht hun leeftijd of anciënniteit, outplacement aangeboden krijgen. De kosten moesten gedragen worden door de ex-werkgever. “Die maatregelen hebben de outplacementsector een ferme boost gegeven”, zegt Herwig Muyldermans. “In tien jaar tijd zijn we van drieduizend begeleidingen geëvolueerd naar 20.000.”

In overleg met de VDAB kent Federgon sindsdien het kwaliteitslabel Certo toe aan outplacementkantoren die kwaliteit hoog in het vaandel voeren. Herwig Muyldermans: “Zo wordt het kaf van het koren gescheiden. Outplacementkantoren krijgen het Certo-certificaat als ze een gedragscode onderschrijven en naleven. Ze moeten bereid zijn om de begeleiding te laten opvolgen door de VDAB, om de beroepskennis van de consulenten te laten evalueren, om mee te werken aan een tevredenheidsmeting bij de begeleide kandidaten en bij de werkgevers en om hun volle medewerking te verlenen bij eventuele klachten.”

Alle 23 outplacementleden van Federgon hebben het Certo-kwaliteitslabel. De meeste outplacementproviders behoren tot een grotere hr-groep; zo is outplacementspecialist Galilei deel van Randstad. Herwig Muyldermans: “De kennis die nodig is voor loopbaanbegeleiding spoort gelijk met die voor outplacement: het komt telkens neer op het helpen van mensen bij de uitbouw van hun carrière.”

Wat mag een ontslagen werknemer verwachten van outplacement? “Het is een springplank naar een nieuwe job. Ontslag is een ingrijpende ervaring: outplacement zorgt voor psychologische begeleiding. Daarnaast biedt het mensen hulp bij het vinden van nieuw werk. Bij de werknemers die bij Bekaert ontslagen worden bijvoorbeeld  zitten mensen die er al jarenlang werken en nog nooit gesolliciteerd hebben. Outplacement zal hen die vaardigheden aanleren.”

Itinera & Itinera

“Onze manier van werken wordt bepaald door de deelnemers aan de outplacementsessie”, zegt Erik Leenders, directeur van outplacementkantoor Itinera. “Voor ontslagen 45-plussers gaat dat van psychologische ondersteuning, over sollicitatiebegeleiding tot het opstellen van een sollicitatiebrief. Maar outplacement kan ook veel meer omvatten: over het vastleggen van je eigen marketingplan om jezelf te verkopen op de arbeidsmarkt en het gebruik van netwerktools zoals Linkedin tot hulp bij de opstart van een eigen zaak. Wij bieden outplacement aan zowel individuen als groepen aan. Hoe kleiner de groep is, hoe meer we op maat werken. Bij collectieve vormen van outplacement vormen we groepen van mensen met dezelfde opleidingsgraad en hetzelfde functieniveau. Hoe hoger iemands functie, hoe individueler er gewerkt wordt. Dat wordt bepaald door de opdrachtgever, de ex-werkgever, want hij betaalt.”

Hoeveel kost outplacement? “De marktprijzen schommelen tussen 1300 euro voor groepsbegeleiding tot 7000 euro voor een op maat geschreven begeleiding van een directielid. De duur wordt bepaald door de opdrachtgever of door het type van ontslag. Bij collectief ontslag duurt de outplacementbegeleiding drie maanden voor mensen die jonger zijn dan 45 en zes maanden voor de ouderen. Bij een doorsnee individueel ontslag duurt het 1 jaar. Onze opdrachtgevers zijn niet alleen bedrijven, maar ook sectorfondsen die de outplacementmarkt managen voor het paritair comité waar zij verantwoordelijk voor zijn. Cevora is daar een voorbeeld van: zij beslissen welk outplacementkantoor de begeleiding mag verzorgen voor bedrijven die tot het Aanvullend Nationaal Paritair Comité voor Bedienden behoren. Een kantoor zoals het onze staat op de beurtrol en krijgt door Cevora outplacementdossiers toegewezen die door hen vergoed worden.”

Volgens professor Marc De Vos, arbeidsmarktdeskundige en directeur van de denktank Itinera (die niets te maken heeft met outplacementkantoor Itinera), is er te weinig onafhankelijk cijfermateriaal voorhanden om te bepalen hoe efficiënt outplacement is. “Outplacement rendeert als het bij collectief ontslag mensen uit het brugpensioen houdt en bij individuele begeleiding 45-plussers aan een nieuwe baan helpt. Dat is nu een heel belangrijke kwestie, want outplacement vormt een onderdeel van het beleid om vervroegde pensionering te vermijden. Jammer genoeg is er weinig betrouwbare informatie beschikbaar en is er ook veel onduidelijkheid over de kwaliteit die door outplacementdiensten wordt aangeboden.”

Onderzoek naar de kwaliteit van outplacement wordt nu gevoerd door het HIVA, maar de resultaten daarvan worden pas eind 2012 verwacht. In tussentijd verzamelt belangenvereniging Federgon haar eigen cijfermateriaal. “De kwaliteit van outplacement is af te lezen aan de hertewerkstellingsgraad”, zegt Herwig Muyldermans. “In 2010 bedroeg die 56 procent, een jaar eerder was hij nog 63 procent. Dat cijfer is gedaald omdat de vacaturemarkt begin 2010 barre tijden beleefde. Het lastigste is om mensen boven de 55 een nieuwe baan te vinden. Dat komt gedeeltelijk doordat sommigen zich liever nestelen in brugpensioen, maar het is ook zo dat sommige werkgevers nog steeds niet geïnteresseerd zijn in die leeftijdscategorie. Dat is jammer, want 55-plussers zijn vaak veel loyaler dan twintigers of dertigers.”

Lees de getuigenis van een outplacementcursiste