Leiderschap: managementvaardigheden
Managers en leiders werken in een omgeving die ze niet kunnen voorspellen. Ze moeten daarom leren werken in een flexibele organisatie die voldoende stabiliteit bezit met gemotiveerde medewerkers en dit zonder de planning en controle uit het oog te verliezen.
Er zijn voor de manager daarom een aantal rollen weggelegd die hij moet weten te hanteren om op een goede manier te kunnen werken. Op verschillende niveaus en in verschillende functies zal de nadruk meer op andere rollen komen te liggen. Ook hier moet de manager mee overweg kunnen als hij in een andere functie terecht komt.
De managementvaardigheden
Bestuurder: plant en stelt doelen vooropProducent: neemt verantwoordelijkheid op en werkt productiefControleur: gaat na of doelen worden gehaald, of mensen zich aan de regels houdenCoördinator: onderhoudt structuur en sturing binnen het systeemStimulator: moedigt samenwerking aanMentor: zorgt voor ontwikkeling van medewerkersInnovator: maakt veranderingen en aanpassingen mogelijkBemiddelaar: gebruikt overredingskracht en invloed om bijkomende productiemiddelen te verkrijgen van buitenaf.
Bron: Robert E. Quinn
