Foutmelding

  • There are no workflow states available. Please notify your site administrator.
  • There are no workflow states available. Please notify your site administrator.

Beroep: de vuile was van politici buitenhangen

Al twintig jaar snuffelen de Democraten Huffman en Rebejian onder de radar naar negatieve verhalen over politieke kandidaten. Ze hangen de vuile was buiten van politieke tegenstrevers (en hun medestanders) en schreven daar nu een boek over. “Wij graven net zolang tot we de grond van de zaak hebben blootgelegd.”

“De jongeman wachtte me in zijn auto op een wegeltje in North Carolina op”, vertelt ‘opposition researcher’ Michael Rebejian (53). “Hij had een geweer op zijn schoot, want hij vertrouwde de situatie niet echt. Toch vertelde hij me over onze politieke tegenstander waar hij ooit voor werkte. Die had indertijd iemand betaald om zijn eigen bedrijf in brand te steken. Zijn zaken draaiden slecht en na de brand betaalde de verzekering hem een flinke som uit. De volgende dag vond ik documenten die het verhaal van mijn bron bevestigden. Een van de campagnevoerders heeft deze informatie gelekt aan een bevriende journalist. Zoals wel vaker durfde onze kandidaat niet rechtstreeks met deze belastende informatie uit te pakken. Maar hij won wel.”

Een voorbeeld van een typische werkdag voor Michael Rebejian en Alan Huffman, die hun carrière als journalisten bij lokale kranten uit het Amerikaanse zuiden begonnen. In 1993 voert het duo in Chicago zijn eerste politieke onderzoek: “We vonden een aantal contacten tussen de politieke tegenstrever en mensen over wie verteld werd dat ze bindingen hadden met de georganiseerde misdaad. Na wat rondvragen begonnen er telefoontjes binnen te lopen met bedreigingen dat we beter stopten met ons onderzoek. Uiteindelijk konden we die geruchten niet hard maken, maar misschien speelde ons onderzoek wel een rol achter de schermen: de tegenstander verloor. Daarna leefden we letterlijk van mond-tot-mondreclame.” Enkele maanden geleden doorbrak het duo hun stilzwijgen met de publicatie van hun boek We’re with Nobody. Nooit eerder verschenen ze in de pers.

Huffman en Rebejian werken nu twintig jaar samen vanuit Jackson, Mississippi. “Wij tweeën voeren het echte onderzoekswerk uit. We werken tien tot twintig projecten per jaar af”, vertelt Rebejian aan de telefoon vanuit Jackson. “Onze opdrachtgevers zijn steeds de Democraten. Op dat vlak lopen we aan een leiband. Maar dat is onze keuze. In dit spel moet je één kant kiezen, of je blijft niet geloofwaardig. We zien ons werk als een onderdeel van het politieke spel in Amerika dat zich dikwijls in de obscuriteit afspeelt.”

Wat doet een professionele ‘opposition researcher’?

Michael Rebejian: “Wij verdiepen ons in dat deel van het politieke spel dat het grote publiek niet kent: het proces waarbij de kandidaten systematisch worden uitgekleed, geëvalueerd en voorbereid op een mogelijke politieke aanval. Alan en ik worden ingehuurd door campagneleiders om, indien mogelijk, een beschadigend profiel te schetsen van de politieke tegenstander. Tijdens het campagneseizoen reizen we het hele land rond om getuigen te spreken en documenten op te snorren.”

De Amerikaanse verkiezingsrace loopt praktisch ten einde. Heb je het nog druk?

“Alan en ik bulken nu van het werk. Dit is het drukste seizoen in de Amerikaanse politiek. Alle volksvertegenwoordigers en een reeks senatoren staan voor een herverkiezing; daarnaast wordt er een nieuwe president verkozen. We zijn permanent onderweg voor achtergrondchecks van politici. Het moet allemaal snel, accuraat en onder grote druk. Het is nu alweer juni en midden november is het allemaal weer voorbij.”

Hoe begin je aan zo’n opdracht?

“We beginnen elk project met een klassiek onderzoek naar de persoon op het internet. Dan vliegen we naar de stad waar die kandidaat leeft en werkt. Twee weken lang bezoeken we rechtbanken, overheidsdiensten en mensen die de kandidaat goed kennen. We doorploegen soms dagenlang kilometers officiële documenten. Dat kan heel saai zijn maar evengoed spannend, als we iets vinden.”

“We kijken steeds naar twee mensen: onze kandidaat en zijn tegenstrever. We leggen zowel hun persoonlijke als hun professionele leven scrupuleus op de rooster. Betalen ze hun belastingen, zijn ze hun partner trouw, zijn ze betrokken bij criminele activiteiten of zijn ze ooit gearresteerd voor drugs of te hard rijden? En wat vinden ze van gevoelige thema’s zoals abortus, migratie, het homohuwelijk, … Minstens even belangrijk: liggen hun daden in lijn met hun standpunten?

Je werkt meestal met openbare informatie. Lever je iets extra?

“Iedereen kan die informatie opvragen in een rechtbank of bij de belastingdiensten. De truc is die informatie naar een politieke context te vertalen. Meestal combineren we feiten uit verschillende steden of van verschillende tijdstippen. Uit die mix ontstaat een verhaal. Als we in de lijst van financiers iemand vinden die door de kandidaat ooit werd geholpen met overheidscontracten, dan zijn die feiten los van elkaar misschien weinig verbazingwekkend. Het is juist de combinatie die het tot een heet hangijzer doet uitgroeien.”

Je wijt jullie succes grotendeels aan het feit dat de politieke strijd veel te vaak via geruchten en ongefundeerde beschuldigingen wordt gevoerd.

“Via het internet kan iedereen geruchten verspreiden. Zo creëer je een sfeer. Wij daarentegen leveren rapporten met alleen maar harde feiten, gebaseerd op officiële documenten. Dat is keihard bewijsmateriaal. Zo vertelde een ex ons dat een kandidaat zijn vriendin had geslagen op een luchthaven. Na lang zoeken vonden we het beveiligingsrapport dat bewees dat het incident inderdaad had plaatsgevonden.”

Wat gebeurt er met jullie bevindingen?

“Meestal worden we betaald door de campagneleider van een kandidaat. Aan hem of haar presenteren we onze bevindingen in een rapport. Dat geven we af en dan rijden we verder. Met die gegevens zullen de ‘pollsters’, zeg maar de politieke enquêteurs, kiezers bellen om hen te vragen wat ze van de kandidaten en hun standpunten vinden. Bijvoorbeeld, als uit ons rapport blijkt dat de tegenstander zijn onroerende voorheffing niet betaalde, zal de pollster eerst vragen of de stemgerechtigden daar een probleem mee hebben. Op basis van die antwoorden worden de campagnethema’s uitgezet en de televisiespots gemaakt.”

Wat soort van informatie ‘scoort’ bij de kiezer?

“Er zijn de klassieke gevoelige thema’s, de zogeheten ‘hot-button issues’: abortus, homorechten of migratie bijvoorbeeld. Maar de kiezer wordt pas echt woedend als een politicus hypocriet is, als hij A zegt en B doet. Bijvoorbeeld: Mitt Romney is nu tegen overheidssteun voor bedrijven die bijna failliet gaan. Maar de krant The Boston Globe publiceerde een maand geleden dat Mitt Romney in 1991 zelf 10 miljoen dollar steun ontving van de Federal Insurance Corp voor zijn noodlijdende bedrijf.”  

De eerste jaren waren jullie verwonderd over de vele duistere praktijken in de politiek. Duiken er vandaag nog zo’n verrassingen op?

“Neen, niet echt meer. Maar we zijn nog steeds verwonderd over de nonchalance van de kandidaten. Ze geloven dat ze hun minder leuke kanten verborgen kunnen houden. Neem de Afro-Amerikaan Herman Cain die een tijdje de beste kansen maakte als presidentskandidaat voor de Republikeinse partij. Tot hij door enkele vrouwen werd beschuldigd van ongewenste intimiteiten. Meestal maken dergelijke beschuldigingen een kandidaat niet af, maar zijn reactie erop. Cain ontkende. Hij had de waarheid kunnen vertellen. Dan had hij zijn campagne misschien verder kunnen zetten. Nu moest hij na enkele dagen zijn kandidatuur intrekken.”

Obama voert een harde campagne met video’s die het banenverlies door de private equity-groep Bain Capital van Republikeins kandidaat Mitt Romney sterk in de verf zetten. Is dit het soort informatie dat u levert?

“Wij zijn niet betrokken bij de campagne van Obama, maar inderdaad, dat is het soort informatie dat wij vinden. Met die video’s wil de president het contrast tussen hem en zijn tegenstander sterker in de verf zetten. De campagnemedewerkers van Obama hadden het gemakkelijk: ze zagen de Republikeinse kandidaten elkaar afslachten. De president weet dat Romney hem zal beschuldigen van wanbestuur tijdens de crisis en een gebrekkige respons op het bijbehorende banenverlies. Hij slaat nu als eerste toe door Romney precies op datzelfde punt aan te vallen.”

De Amerikaanse kiescampagnes zijn bijzonder bitsig van toon?

“Ze ontaarden steeds vaker in moddergevechten. De oorzaak ligt bij de ‘Citizens United’-uitspraak van het Hooggerechtshof, die grote ondernemingen sinds kort toelaat massaal veel geld te pompen in de zogenaamde ‘Super Pacs’. Het doel van dergelijke grote ‘political action committees’ (Pacs, nvdr) is het vernietigen van de tegenstander. Met die miljoenen dollars wordt er vooral via televisie met scherp geschoten op de kandidaten. Wij werken niet voor dergelijke Super Pacs, maar rechtstreeks voor de campagneteams.”   

Zijn jullie duur?

“We hanteren uiteenlopende prijzen. Enkele tienduizenden dollar voor een campagne voor een congreslid en enkele honderdduizenden dollar voor een presidentiële campagne. De prijs hangt af van de grootte van de opdracht. Voor elke kandidaat beperken we ons tot een stad of een staat.”

Word je er rijk van?

(lacht) “Neen, je moet er gewoon van houden. Daarom hebben we ook ons boek geschreven. Het werd tijd dat de kiezers leren dat er mensen zijn zoals wij.”

Jullie zijn nu 20 jaar ‘on the road’. Is het een harde job?

“Soms is het vermoeiend. Alan en ik geloven dat we nuttig werk verrichten, maar ik ontken ook niet dat de duistere kant van de politiek ons aantrekt. Soms begint de minkant door te wegen. Daarom trachten we het plezant te houden.”

“We slagen ook niet altijd. In Jersey City reed een anonieme politiewagen ons ooit naar een vergaderzaaltje. De zes mensen rond de tafel verklaarden dat ze het lokale Congreslid wilden treffen met onthullingen. Uit zijn woorden begreep ik vooral dat de groep rond de tafel uit was op politieke wraak. En ze stonden zwak, want ze hadden zelfs geen politieke tegenkandidaat. Ik waarschuwde hen dat het moeilijk ging worden, want het Congreslid zou hard terugslaan als hij voelde dat een groep zijn reputatie wou beschadigen. We ontdekten dat het parlementslid heel gemengd gestemd had en dat hij vastgoedontwikkelaars die zijn campagne financierden pleziertjes had gegund. Met deze onthullingen konden ze hem een vervelend moment bezorgen, maar het bewijsmateriaal was niet zwaarwegend genoeg om een bekend en geliefd politicus echt in een lastig parket te brengen. Daarvoor was veel politieke moed nodig en de zes opdrachtgevers hadden die duidelijk niet. Ze beslisten er niet mee door te gaan.”

Ben je nooit in elkaar getimmerd?

“Het heeft dikwijls niet veel gescheeld. Sommige politici zijn gevaarlijk.”

In de Romeinse tijd heeft Cicero dankzij politieke spionage de samenzwering van Catalina ontmaskerd. Jullie werk is van alle tijden?

“Heel juist. Ook president Nixon wou harde informatie over de Democratische tegenstanders. Alleen waren zijn inbrekers in het Watergatehotel iets minder gelukkig.
In ons land, net als in België, moet een verstandig kiezer goed uitzoeken wie de persoon is waaraan hij zijn stem wil geven. Lees over die vrouw of man. Zorg dat je de feiten kent.”

Michael Rebejian en Alan Huffman, We’re with nobody, uitgeverij William Morrow, New York, 2012, 191 blz.