Werken onder je niveau: doen of niet?

Steeds meer werkzoekenden werken onder hun kunnen. Hoe maak je er het beste van? En hoe vind je weer iets dat wél aansluit bij jouw niveau?

“Als het moet, dan ga ik putjes scheppen.” Bonto Fattah (38) verdiende een paar jaar geleden nog bakken met geld, nu gaat hij voor het minimumloon langs de deuren om Nuon-contracten te verkopen.

“Ik ben van de generatie die persoonlijke ontwikkeling belangrijker vindt dan een geijkt carrièrepad. Geheel in die geest gaf ik vijf jaar geleden mijn salesbaan met een jaarsalaris van 80.000 euro op en vertrok ik naar Azië. Maar bij terugkomst was de crisis ineens toegeslagen en kwam ik nergens meer aan de bak.”

Helaas, je valt net buiten het profiel

Van marktkoopman tot barman, Fattah heeft het intussen allemaal gedaan. “Of ik nu op de markt sta of achter de bar, ik ben en blijf een salesjongen. Geef mij een ijskast en ik verkoop ‘m aan een Eskimo. Ik krijg in deze tijd alleen geen kans om het op hoger niveau uit te voeren.”

Fattah perst er zo’n tien sollicitatiebrieven per week uit. “Maar kon je voorheen nog tegen het gezochte functieprofiel aanschuren, nu moet je aan alle eisen voldoen. ‘Geen twintig jaar saleservaring in de tandpastadoppenbranche? Niet eens een jaartje in Oezbekistan gewerkt? Maar vijf talen in je repertoire? Helaas, je valt net buiten het profiel.’ Gewoon een goeie salesjongen zijn, is allang niet meer voldoende.”

Niet lullen maar poetsen

Dat Fattah van aanpakken houdt en niet werkloos op de bank is gaan zitten, levert hem ook geen bonuspunten op. “Sterker nog, mijn headhunter zei me laatst dat ik op mijn cv maar niet moest vermelden dat ik op dit moment Nuon-contractjes verkoop. Ik kon beter zeggen dat ik een paar maanden een werkloosheidsuitkering had gekregen om te kunnen nadenken over wat ik nu precies wil met mijn leven. Toen brak toch echt mijn klomp.’

Fattah blijft ondanks alles positief. “Ik ben van boven naar beneden geduikeld, en diep. Sommige zogenaamde vrienden hebben me zelfs laten vallen omdat ik niet meer die gevierde gast was. Maar ik heb mezelf nooit verloochend. Het is nu gewoon niet lullen maar poetsen, ook al moet ik letterlijk met mijn handjes in het sop.”

Niet goed genoeg

Eva (25) ging vorig jaar vol goede moed de arbeidsmarkt op met een master in rechten. Ze kwam al snel van een koude kermis thuis. “Tijdens mijn studie heb ik meerdere stages gelopen. Daarnaast had ik een goede bijbaan als juridisch medewerker op een advocatenkantoor. Het bleek allemaal niet goed genoeg. Want waar was mijn buitenlandse stage? En waarom had ik eigenlijk niet ook nog in het bestuur van een studentenvereniging gezeten? Dat ik mijn studie zonder vertraging had afgerond, voornamelijk om kosten te besparen, werd nauwelijks gewaardeerd.”

Tientallen open dagen, netwerkborrels en kennismakingsgesprekken verder: het fulltime solliciteren had na vijf maanden nog helemaal niks opgeleverd en het spaargeld was inmiddels op. Uit pure noodzaak ging Eva aan de slag bij een incassobureau. “De hele dag bellen met alleenstaande moeders die hun rekeningen niet hadden betaald. Ik ging elke dag met lood in mijn schoenen naar het werk.”

Elke dag doodmoe

Toch probeerde ze er het beste van te maken en dat bleef niet onopgemerkt. Ze kreeg zelfs een contract aangeboden. ‘Het bleek een wurgcontract van zes maanden, tussentijds opzeggen mocht niet. Ik zou dan ook een maand lang worden getraind en die investering moest ik natuurlijk wel voor ze terugverdienen.’ Ze besloot het niet te doen. ‘Onverstandig misschien in deze tijd, zes maanden inkomenszekerheid is niet niks, maar ik werd een heel ander persoon van dat werk; ambitieloos, slecht gehumeurd en elke dag doodmoe.’

Nieuwe baan via uitzendbureau

Inmiddels heeft Eva via een uitzendbureau nieuw werk gevonden. “Maar ook dat bleek lastiger dan gedacht, bij veel bureaus werd ik binnen twee tellen weggestuurd. ‘Overgekwalificeerd, het heeft echt geen zin om jou in ons bestand te zetten.’”

Bij uitzendbureau Legalbylegal had ze wel geluk, de komende vijf maanden werkt ze via hen bij een zorgverzekering. “En ik mag tussentijds gewoon opzeggen, mocht ik ineens toch iets vinden in de advocatuur. Niet dat ik daar nog echt in geloof, laatst las ik dat het op dit moment de allerlastigste branche is om werk in te vinden.”

 

Blijf in jezelf investeren

Zit je ook weleens te balen op je werkplek omdat het niet uitdagend genoeg is? Je bent niet de enige. Vier op de tien werknemers speelt weleens met het idee om een andere job te zoeken, blijkt uit onderzoek van Monsterboard.nl. Rikke Wivel, marketing director bij de vacaturesite: “Er zitten momenteel ongelooflijk veel mensen op een functie waar ze zich niet thuis of op hun gemak voelen. Ze weigeren alleen te vertrekken, omdat ze als de dood zijn dat ze werkloos zouden raken. Begrijpelijk, het is ook makkelijker gezegd dan gedaan om in de huidige tijden al je zekerheden overboord te gooien. Maar als je situatie het niet toelaat om onverantwoorde risico’s te nemen, dan is het wél zaak om in jezelf te blijven investeren. Ken je arbeidsmarktwaarde en zorg dat die op peil blijft of toeneemt. Volg cursussen, workshops of opleidingen. Doe vrijwilligerswerk dat misschien wel aansluit bij jouw denk- en opleidingsniveau. Dan heb je straks, als je toch de mogelijkheid krijgt om een stap in je carrière te zetten, voldoende bewijs om aan te tonen dat je de aangewezen persoon bent voor die nieuwe baan op jouw niveau.”

Maak een plan B

Of je nu een goede job hebt, onder je kunnen werkt of werkloos op de bank zit, iedereen zou zich nú moeten omscholen tot iets waar nog wel werk in is. Dat vindt Marcel van Bronswijk, CEO van opleidings- en coachingsbureau Schouten & Nelissen. “Niks is meer zeker in deze tijd. Maak een plan B. Dat werken leuk moet zijn, is echt passé.”

Van psycholoog naar loodgieter

Van Bronswijk is ervaringsdeskundige. In 1981 studeerde hij af als psycholoog en ook in die tijd was er sprake van grote werkloosheid. “Ik heb me laten omscholen tot loodgieter. Toen ik begon had ik twee linkerhanden, het eerste jaar liep ik alleen maar puin te sjouwen. Maar wat moest, dat moest. Ik heb dat werk uiteindelijk zeven jaar gedaan.”

Inmiddels is Van Bronwijk alweer vijfentwintig jaar werkzaam als psycholoog en trainer. “Ik vraag mensen altijd waar ze over vijf jaar willen staan. Wil je bijvoorbeeld meer verdienen of je verder ontwikkelen? Dan moet je in een branche gaan werken waar dat ook daadwerkelijk tot de mogelijkheden behoort. Die tijden waarin je altijd maar kon doorgroeien zijn bij veel bedrijven voorbij.”

 

Je werkt om te leven

Van Bronswijk: “De leuze is nog altijd: je werkt om te leven, je leeft niet om te werken. Je moet in je eigen onderhoud kunnen voorzien, ook als dat betekent dat je niet met je hoofd maar met je handen moet gaan werken. Dat is voor je gevoel misschien tien stappen terug en ver onder je niveau, maar kop op: nieuwe job, nieuwe kansen. Of je nu het vuilnis ophaalt, bij een callcenter werkt of loodgieter wordt, als je de knop omzet en er vol voor gaat, komen je talenten vanzelf bovendrijven.”

Wivel vult aan: “Het gaat allemaal om de juiste mindset. Je kunt jezelf wel iedere dag met lood in de schoenen naar het werk slepen, om wéér een dag werk te doen dat niet aansluit bij je capaciteiten. Maar je kunt er ook voor kiezen om iedere dag opnieuw te bewijzen dat je meer in je mars hebt. Maak er een sport van om je dagelijks werk zo goed mogelijk te doen. Misschien zijn er speciale projecten waar je aan kunt meewerken. Het komt regelmatig voor dat je dan meer of andere verantwoordelijkheden krijgt. Lever topprestaties en maak die zichtbaar voor je collega’s en leidinggevende. Wie weet komt jouw droomfunctie daar ineens vrij!”

Dit artikel verscheen eerder op Intermediair.nl.

Tekst: Sophie Verschoor