Lijst met knelpuntberoepen groeit al 20 jaar aan

De lijst met knelpuntberoepen wordt elk jaar langer. Waarom studeren er te weinig jongeren af in die richtingen? Kampen die jobs met een imagoprobleem? Of is er veel meer aan de hand?

Het knelt op de arbeidsmarkt

Al twintig jaar groeit de lijst van de knelpuntberoepen aan. Vacatures voor ingenieurs, informatici en boekhouders geraken steeds moeilijker ingevuld. Hoe is dat mogelijk? Want wie een studie volgt die naar zo’n knelpuntberoep leidt, vindt gegarandeerd een baan.

Eigenaardig genoeg daalde het aantal beginnende studenten industrieel ingenieurs sinds 1990 van 4.900 naar 3.000 in Vlaanderen.

De VDAB stuurt ondertussen elk jaar 2.500 jongeren die een ‘verkeerd’ diploma hebben meteen naar een herscholing. En zelfs in de voorbije recessiejaren verdwenen de knelpuntberoepen niet. We kampen hier dus met taaie, structurele tekorten.

“Het is natuurlijk frustrerend dat die lijst groter wordt”, geeft Fons Leroy, gedelegeerd bestuurder van VDAB, meteen toe. “Door de snelle vergrijzing van Vlaanderen evolueren we naar een knelpunteneconomie. Het is gemakkelijker te onthouden welke beroepen geen knelpuntkarakter hebben. Vanuit het beleid moeten we veel meer gericht sleutelen aan de knelpuntberoepen en kijken welke kritieke beroepen echte welvaart creëren. We mogen niet in de verleiding komen om op alle sectoren in te zetten, hoe nuttig ze ook zijn. We moeten meer oog hebben voor de sterkhouders van onze economie. Daarom moeten we ons vooral richten naar de technologieprofielen.”

Wilson De Pril, directeur-generaal van Agoria Vlaanderen, trekt al jaren aan de kar: “Ondanks de vele acties om jongeren te mobiliseren rond de nieuwste technologieën, botsen we soms op een zekere onverschilligheid. Onze jongeren groeien op in welvaart en beseffen soms te weinig dat er een verband bestaat tussen een salaris en de geleverde inspanning. In Aziatische landen bestaat er een groter besef omdat de jongeren daar als eerste generatie een zekere welvaart opbouwen dankzij hun technische scholing.”

Onderwijs hervormen

Het is een oud zeer dat het onderwijssysteem onze jongeren onvoldoende aanspreekt op hun technisch talent. Hier wil de onderwijshervorming die het Vlaams parlement nu bespreekt, een mouw aan passen. In dit concept valt in de eerste graad van het middelbaar het verschil tussen ASO en TSO weg. Leerlingen zullen voor modules met techniek kunnen kiezen. Fons Leroy: “We hopen dat jongeren meer zullen doorstromen naar technologische opleidingen. Maar eenmaal de nieuwe wet gestemd en uitgevoerd is, zijn we acht jaar verder voor de eerste lichting op de arbeidsmarkt verschijnt. En tegen 2015 zullen we al 450.000 vacatures moeten ingevuld hebben, waaronder bijna de helft knelpuntberoepen. We zullen dus sneller moeten gaan.”

Ruim tien jaar reeds voeren organisaties en bedrijven acties om jongeren te tonen hoe boeiend technologie kan zijn. Zo rijdt er in de provincie Antwerpen een ‘Techno Trailer’ rond vol testjes voor leerlingen uit het vijfde en het zesde studiejaar. Er is Technopolis in Mechelen, er is de campagne rond ‘technoladies’, enzovoort.

Fons Leroy: “Deze acties zijn zeer gefragmenteerd. Men zou een voorbeeld moeten nemen aan de social profitsector die in gesloten slagorde optreedt. Daar hebben de werkgevers, de vakbonden, de onderwijsinstellingen en de sectorale vormingsfondsen de handen in elkaar geslagen om op meerdere fronten tegelijk krachtig op te treden. Niet alle acties lukken even goed, maar de sector zit wel op het juiste spoor en plukt nu al de vruchten. De knelpuntberoepen knellen er iets minder.”

Leroy wil hetzelfde voor de industrie: “Ook hier is dringend een gezamenlijk plan nodig. Ik verwacht dat stilaan eenzelfde alliantie in de industrie mogelijk wordt omdat de Vlaamse regering de krachtlijnen van het nieuwe industrieel beleid heeft goedgekeurd. Het talentmanagement komt daarin ook aan bod. Wanneer de sociale partners, de bedrijven en de scholen echt beginnen samen te werken, zullen de knelpuntberoepen wegsmelten.”

Verandering in de lucht

“Sinds de crisis van 2008-2009 zijn onze bedrijven er ook van doordrongen dat het loont hun werknemers zo veel mogelijk te houden. Dat is een echte doorbraak. Vele bedrijven, zoals het voedingsbedrijf Campina, ontdekten dat het effectiever is om vacatures eerst intern trachten in te vullen. Vele medewerkers opereren onder hun niveau en mits wat bijscholing kunnen ze doorstromen”, getuigt Fons Leroy.

Daarom organiseert VDAB nu meer opleidingen op de werkvloer, voor ‘service ingenieurs’ in de it, voor heftruckchauffeurs, voor lassers.

“In de PipeTech Academy in Sint-Niklaas werken montagebedrijven, scholen en sociale partners samen. De beste ambassadeurs voor het lassen zijn gedreven vaklui uit de bedrijven die gemakkelijker de vonk kunnen doen overslaan op de jeugd. Ik geloof dat we met dergelijke gemengde opleidingen vlotter de knelpuntberoepen kunnen wegwerken. Die formule willen we uitbreiden naar andere gespecialiseerde centra, voorzien van de nieuwste machines en met de beste leraars.”

Wilson De Pril (Agoria) is vandaag eerder optimistisch gestemd omdat hij een kentering voelt: “Jongeren herontdekken de technologische studierichtingen. In oktober startten voor het eerst 9 procent meer jongeren in de richtingen industrieel en burgerlijk ingenieur, industriële wetenschappen en informatica. Ik hoop dat dit het begin is van een ommekeer. Door de mondiale crisis beseffen ze dat technische richtingen een mooi salaris en meer jobzekerheid opleveren.”

De Pril verwijst ook naar de regeringsvorming: “Werkzoekenden sneller aan een baan helpen, staat in het werkboekje van Di Rupo. Daarom geloof ik dat de komende vijf jaar de knelpuntberoepen voor lager geschoolden min of meer opgelost zullen raken. De crisis dwingt de overheid deze groep naar deze jobs te heroriënteren. Het is niet langer houdbaar om deze groep in de werkloosheid te houden, terwijl de knelpuntfuncties niet ingevuld raken.”

Voornaamste knelpuntberoepen in 2.000 en 2010: zoek de zeven verschillen

2000

  • ingenieur
  • medisch en paramedisch personeel
  • tekenaar
  • technicus
  • informaticus
  • vertegenwoordiger
  • mecanicien
  • loodgieter-buizenfitter
  • lasser
  • metselaar-vloerde
  • beenhouwer-slachterijarbeider
  • kapper

2011

  • ingenieur
  • verplegend en verzorgend personeel
  • kinesist en ergotherapeut
  • opvoeder en begeleider kinderopvang
  • tekenaar
  • technicus
  • informaticus
  • boekhouder
  • leerkracht secundair onderwijs en basisonderwijs
  • vertegenwoordiger
  • medewerker callcenter
  • land- en tuinbouwarbeider
  • chauffeur
  • mecanicien
  • elektricien
  • schrijnwerker
  • heftruckchaffeur en magazijnmedewerker
  • personeel horeca
  • schoonmaakpersoneel

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

(bron: studies van VDAB uit 2001 en 2011)

In 1990 begon de Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling op te lijsten in welke beroepen ze op een tekort aan kandidaten botste. Na tien jaar publiceerde ze bovenstaande lijst met de ‘klassiekers’ onder de knelpuntberoepen. Die lijst wordt elk jaar langer. “Het is intussen gemakkelijker te onthouden welke beroepen geen knelpuntkarakter hebben”, grapt VDAB-baas Fons Leroy. De loodgieter, de beenhouwer en de kapper zijn uit de nieuwe lijst verdwenen. In hun plaats kwamen meer dan tien andere beroepen, waaronder de kinesist, de boekhouder, de leerkrachten voor het secundair onderwijs en de medewerkers voor callcenters.

Tekst Erik Verreet
Foto Provincie Oost-Vlaanderen