Foutmelding

  • There are no workflow states available. Please notify your site administrator.
  • There are no workflow states available. Please notify your site administrator.

De succestapes - Marleen Temmerman, ‘s werelds meest verdienstelijke gynaecologe

Verwondering én verontwaardiging stuwen Belgiës bekendste gynaecologe Marleen Temmerman. Al van kindsbeen af. Alsof ze ooit Obelixgewijs in twee ketels toverdrank is gesukkeld. “Ik herinner me een pater die kwam spreken over Congo. Ik was toen als zesjarige erg verontwaardigd over zwartwitfoto’s van blootvoetse zwarte kinderen.” Marleen Temmerman is een kind van de naoorlogse jaren vijftig. Ze groeit op in Lokeren, in een gezin van vier kinderen. “Mijn vader had niet kunnen verder studeren omwille van de Tweede Wereldoorlog. Hij werkte als postbode. Door keihard te werken en deel te nemen aan allerhande examens kon hij toch doorgroeien. Mijn mama was een huisvrouw. We hadden thuis een aardbeienveld, aardbeien die mijn ouders op de vroegmarkt verkochten. Hun hele leven stond in het teken van een betere toekomst voor hun kinderen.”

Het nieuwsgierige kind van de jaren vijftig groeit uit tot een kritische tiener in de jaren zestig. Revolteren tegen de dogma’s van de Kerk en de ‘pensée unique’ van het establishment, het Onze-Lieve-Vrouw Ten Doorninstituut in Eeklo zal Marleen Temmerman allicht niet snel vergeten. “In het gareel lopen en zwijgen was niet aan mij besteed. Al in het middelbaar las ik over de bevrijdingstheologen in Latijns-Amerika. Vanaf het vierde jaar Latijn-Grieks aan het college begon ik te zagen om naar een andere school te gaan. Maar dat mocht niet van thuis. Ik herinner me nog goed wat mijn leraar geschiedenis zei: ‘Ofwel zwijg je, ofwel stap je naar de middenjury’.” Zwijgen was geen optie. Marleen Temmerman trekt naar Brussel. En slaagt voor de middenjury. Een jaar vroeger dan normaal begint ze aan haar studie geneeskunde aan de toenmalige  Rijksuniversiteit Gent. “In die tijd niet zo evident voor meisjes. De verwachting was dat je onderwijzeres of regentes werd. Geneeskunde was al helemaal niet weggelegd voor mensen uit onze middens.” De decibelmeter ten huize Temmerman schoot nu en dan stevig de hoogte in. “Mijn vader was erg gewonnen voor de Vlaamse strijd en de Volksunie indertijd. Ikzelf dompelde me volledig onder in het verhaal van Che Guevara en de revolutie. De strijd van de onderdrukte mens. Mijn ouders vonden me nogal rebels.”

Afrika: liefde op het eerste zicht

Haar sociale bewogenheid neemt de student in Marleen Temmerman gewoon mee naar Gent. Ze werkt als vrijwilliger in het gezondheidscentrum van een achtergestelde wijk. “Ik heb zelfs Turks geleerd.” De keuze voor geneeskunde was allerminst een bevlieging. “Ik wou een beroep uitoefenen waarin je je sociaal maximaal kan engageren.” Eind 1975 zet Marleen Temmerman een eerste keer voet aan grond op het Afrikaanse continent. Als stagiaire geneeskunde in het Rwandese Butare. “Het was liefde op het eerste gezicht. Daar had ik echt het gevoel nuttig te zijn.”

Ondertussen had het gynaecologievirus haar lelijk te grazen. “Je begeleidt de vrouw in alle fasen van haar reproductief leven: van kind over meisje tot volwassen vrouw. Je hebt het over voorbehoedsmiddelen, vrouwen die heel moeilijk of te makkelijk zwanger raken, enzovoort. Ongemeen boeiend en gevarieerd.” En ongemeen moeilijk. Ons land kende in die periode amper vrouwelijke studenten geneeskunde, laat staan studenten gynaecologie. “De toenmalige hoogleraars vonden gynaecologie te zwaar voor meisjes. Voor een stuk was dat zo. We draaiden als studenten in opleiding werkweken van 100 à 120 uur. Minimum. Gedurende vijf jaar.” Omdat ze in eerste instantie in België geen plek vond voor haar specialisatie gynaecologie, volgde Marleen Temmerman eerst twee jaar een niet-universitaire opleiding met veel praktijk in het Nederlandse Breda. Nadien kon ze haar opleiding vervolledigen aan de Vrije Universiteit Brussel. We schrijven 1981. Drie jaar voordien kwam ‘s werelds allereerste proefbuisbaby ter wereld, Louise Brown. Aan de VUB sloeg Marleen Temmerman de weg van de onvruchtbaarheid in. “Het was de periode van de liberalisering van abortussen, toen nog illegaal. Aan de VUB voerden wij abortussen uit en zetten we ons in voor een progressieve wetgeving. Intellectueel erg interessant, maar het dreef me te ver af van mijn sociale bewogenheid.”

Wanneer de Belg Peter Piot, voormalig topman van UNAIDS en toenmalig hoofd van de afdeling microbiologie van het Tropisch Instituut in Antwerpen, Marleen Temmerman polst of ze geen onderzoek wil doen in Kenia, valt alles wonderwel in de plooi. “We kenden elkaar van onze studententijd in Gent. Peter zocht iemand die onderzoek wou doen aan de Universiteit van Mombasa rond hiv en zwangerschappen: de overdraagbaarheid op het kind, enzovoort. Ik wou dolgraag werken in een ontwikkelingsland, maar tegelijk met wetenschappelijk onderzoek bezig zijn. Dat kon perfect via die weg.” Marleen Temmerman neemt in 1987 eerst een jaar verlof zonder wedde aan de VUB. Uiteindelijk zal ze dik vijf jaar in Kenia werken. “Om onderzoek te doen had ik grote groepen zwangere vrouwen nodig. Op die manier kwam ik in een materniteit terecht van een staatsziekenhuis. Met 100 bevallingen per dag. Een dag op drie hadden we er geen elektriciteit en water. De moedersterfte was er erg hoog. In een mum van tijd hielp ik mee in het ziekenhuis, gaf ik er opleidingen en haalde ik onderzoeksbeurzen binnen. Ik klopte op de deuren van de Europese Commissie, de Belgische en Nederlandse ambassade, voor middelen. Daarmee hebben we de materniteit en het verloskwartier kunnen opknappen.”

40.000 frank per maand

In 1992 beslissen Marleen Temmerman en haar echtgenoot toch terug te keren naar België. “Onze zoon Bram was bijna vijf. Ofwel kies je dan voor het leven van een expat, ofwel laat je je kind groot worden in je eigen land. Bovendien wou ik het liefst van al aan een universitair ziekenhuis werken, waar ik alles wat ik belangrijk vond kon combineren: onderzoek, opleiding en praktijk. Dan kun je best niet tien jaar of langer in het buitenland blijven.” Marleen Temmerman en haar gezin vestigen zich uiteindelijk in het ouderlijk huis van haar echtgenoot in Eksaarde, tussen Antwerpen en Gent. Ze stuurt een sollicitatiebrief naar het Universitair Ziekenhuis Gent. “Mijn deeltijdse aanstelling in het UZGent als gynaecologe was echt een geschenk uit de hemel.” Het UZGent zat met de handen in het haar. Het telde op dat moment geen enkele vrouwelijke gynaecologe. De patiënten vroegen er nochtans steeds nadrukkelijker naar. En het aantal bevallingen – 600 per jaar – had een absoluut dieptepunt bereikt. “Een jaar lang kreeg ik op mijn 39ste een salaris van 40.000 Belgische frank, nog nooit in mijn leven had ik zo weinig verdiend. Ondertussen behaalde ik mijn doctoraat aan de UGent. (grijns) Wel plezant, aan dezelfde unief die me destijds als student gynaecologie had geweigerd.” Marleen Temmerman werd uiteindelijk de allereerste vrouwelijke professor gynaecologie in de Benelux.

En dan gaat het hard. Heel hard. Marleen Temmerman publiceerde meer dan 250 wetenschappelijke artikels, schreef vier boeken, coachte meer dan 120 onderzoeksprojecten en is consultant voor de Wereldgezondheidsorganisatie en andere internationale gezondheidsorganisaties. Vorig jaar werd ze uitgeroepen tot ‘Beste gynaecologe ter wereld’, dit jaar bewierookte het invloedrijke medische tijdschrift British Medical Journal haar met de ‘Lifetime Achievement Award’: hoe heeft het allemaal zo’n vaart kunnen lopen?  “(onderbreekt me) De pers heeft er ‘beste gynaecologe’ van gemaakt. Dat hoor ik niet graag. Schrijf op: ‘Prijs van de meest verdienstelijke gynaecologe’. Mijn geheim? Veel publiceren. Zaken die je doen nadenken. Ik drijf op verwondering. En verontwaardiging. Hoe zou ik hier willen bevallen, dacht ik bij mijn aanstelling in het UZGent? Ik heb na discussies met mijn stafleden twee grote lijnen uitgezet. Ten eerste moeten we een huiselijke materniteit zijn, voor mensen uit de buurt. Vrouwen moeten hier in alle rust kunnen bevallen. Ten tweede fungeren we als doorverwijscentrum voor Oost- en West-Vlaanderen wat betreft gecompliceerde zwangerschappen.” Met succes, want als diensthoofd van de afdeling gynaecologie en verloskunde telt de Vrouwenkliniek van het UZGent 300 werknemers. Het jaarlijkse aantal bevallingen - 1.300 – ligt meer dan twee keer zo hoog als toen Marleen Temmerman achttien jaar geleden aan boord kwam. "Ik ben een slavendrijver, het moet lastig zijn om met zo’n baas te werken’, liet Marleen Temmerman zich ooit ontvallen tegenover een journalist. “Ik vergeet hoeveel taken ik aan iemand doorspeel, in die zin ben ik geen goeie baas. Maar ik verwacht van mijn medewerkers dat ze zelf vertellen wanneer bepaalde zaken niet te combineren vallen. De beste medewerkers zijn zij die niet altijd ‘ja’ knikken.”

International Centre for Reproductive Health

Alle eretitels en internationale erkenning ten spijt, beschouwt Marleen Temmerman het succes van haar International Centre for Reproductive Health, erkend door de Wereldgezondheidsorganisatie, als haar strafste prestatie. “Toen we begin jaren negentig terug kwamen naar België, wou ik absoluut met internationaal onderzoek bezig blijven. Daarom heb ik in 1994 het ICRH opgericht. Een onderzoeks-, onderwijs- en dienstverleningscentrum dat werkt rond thema’s als hiv/aids, moeder-kind-relaties, familieplanning enzovoort.  De hoofdzetel ligt in het Keniaanse Mombasa, maar we hebben ondertussen centra in Mozambique, een tiental landen in Afrika en Latijns-Amerika, en China. Vandaag stellen we al 350 mensen tewerk. Ik ben er zo fier op omdat zoiets vanuit het niets uit de grond stampen zeer moeilijk is. Altijd maar weer dienen we projecten in bij het Belgische Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek, bij de Europese Commissie, bij de Bill en Melinda Gates Foundation… Daar kruipt erg veel tijd en energie in. Slechts de helft van die fondsenaanvragen wordt goedgekeurd. Die artsen werken één voor één keihard onder tijdelijke contracten en zouden elders veel meer kunnen verdienen. Prachtig, die gedrevenheid.”

Toch blijft er anno 2010 wereldwijd heel wat werk op de plank liggen. Vooral op het vlak van familieplanning en vrouwenrechten, aldus Marleen Temmerman. “Vrouwen worden nog altijd gestenigd. Vrouwen hebben geen toegang tot onderwijs. Vrouwen worden uitgehuwelijkt op hun twaalfde. Ik heb het heel moeilijk met de toenoemende verkilling in Europa. ‘Ikke ikke ikke, en de rest kan stikken’. Solidariteit vind ik het allerbelangrijkste. Ons verblijf op deze aardbol is al zo kortstondig.” Of ze het niet jammer vindt dat ze naast de topjob bij het nieuwe Vrouwenagentschap van de Verenigde Naties heeft gegrepen? “Neen, helemaal niet. Ik ben heel blij dat de ex-presidente van Chili, Michelle Bachelet, die functie heeft gekregen. Ze is ook arts én socialiste. Ze zet zich net als ik al haar hele leven in voor vrouwenrechten.” Marleen Temmerman heeft nog andere ijzers in het vuur.  “We werken samen met onder andere afvalverwerker Ivago en energieproducent Eandis aan een soort ‘Mombasa Healthy City Project’ in Kenia. Een privaat-publiek partenariaat waarmee we verder willen gaan dan enkel de gezondheidszorg, verder dan de klassieke ontwikkelingssamenwerking.”

Marleen Temmermans echtgenoot Lou Dierick werkt ondertussen al ettelijke jaren voor ICRH, hoofdzakelijk vanuit Mombasa. “De relatie lijdt er niet onder, maar we zien elkaar weinig. Ik ben alleszins vastberaden om mijn mandaat als senator voor sp.a (Temmerman zetelt al sinds 2007 en legt zich vooral toe op volksgezondheid en ontwikkelingssamenwerking) en als diensthoofd aan het UZGent uit te doen. Nadien zie ik me vertrekken. Al is nog niets beslist. En nu moet ik echt naar de volgende vergadering, ik ben al een kwartier te laat…”

Foto: Griet Dekoninck

Verschenen in Vacature Magazine van 30 oktober 2010.