Caroline Ven houdt een warm pleidooi voor kapitalisme

Faut le faire: een warm pleidooi voor het kapitalisme lanceren, uitgerekend op het moment dat ArcelorMittal en andere Fords duizenden banen schrappen in ons land. Caroline Ven, vroeger kabinetschef van premier Leterme en vandaag topvrouw van het ondernemersplatform VKW, ziet er nochtans geen graten in. “Er is niets mis met ondernemen en kapitalisme, als het maar op een duurzame manier gebeurt.”

Uw boek ‘Duurzame economie, een warm pleidooi voor kapitalisme’ is vers van de pers. Beetje ongelukkige timing toch, net nu uitgerekend het dolgedraaide casinokapitalisme ons op de rand van de afgrond heeft gebracht?

Caroline Ven: “Voor mij is de essentie van het kapitalisme dat het iedereen op een gelijkwaardige manier toegang heeft gegeven tot het verwerven van rijkdom en het bereiken van welvaart. Tegelijk heb je wel degelijk een overheid nodig die een en ander reguleert en in goede banen leidt. De crisis die we nu doormaken, heeft niets te maken met het feit dat er geen overheid was – met een overheidsbeslag van 50 procent in ons land kan je dat bezwaarlijk hard maken – maar wel met het gegeven dat die overheid tekort geschoten is in de strijd tegen de hebzucht en het korte termijndenken. Dat zijn typisch menselijke eigenschappen, die niet bepaald eigen zijn aan het kapitalisme.”

Hoe moeten we ons economisch systeem dan bijsturen, om nieuwe uitspattingen te voorkomen?

Caroline Ven: “Ik vind dat mensen op de blaren moeten leren zitten, ook ondernemers en aandeelhouders. Wie risico’s neemt, moet beseffen dat het soms ook verkeerd kan uitdraaien, en het gaat niet op om dat dan maar op de gemeenschap af te wentelen. Daarnaast moeten we mensen zo veel mogelijk kansen geven. In concreto: investeren in kwaliteitsvol onderwijs voor iedereen, maar net zo goed in een tweede kans voor wie gefaald heeft. Als we nu niet voluit inzetten op heel kwalitatief onderwijs, hoe willen we onze maatschappij dan voorbereiden op de gevolgen van de de-industrialisatie? Hoe willen we onze economie klaarstomen voor de concurrentieslag met lage loonlanden? Mensen die hun baan verliezen, of hun bedrijf op de klippen zien lopen, moeten evengoed een eerlijke nieuwe kans krijgen. Niet kunnen omgaan met falen is erg, maar geen succes verdragen, is nog stukken dramatischer. Dat besef moet in Vlaanderen absoluut meer doordringen, willen we een grotere economische dynamiek ontwikkelen.”

Uzelf liet in 2011 een topjob in de coulissen van de politiek – als kabinetschef van Yves Leterme – vallen om het ondernemersplatform VKW te leiden. Wat zegt dat over uzelf, of over de politiek?

Caroline Ven: “Niet zo veel, denk ik. Ik ben nooit een politiek dier geweest. Toen Leterme mij naar zijn kabinet haalde, was dat vooral omwille van mijn ervaring bij onder meer KBC en het Verbond van Belgische Ondernemingen. Hij vermoedde dat het sociaaleconomische luik een belangrijk onderdeel van zijn beleid zou worden. Ikzelf heb nooit echt bewust voor de politiek gekozen, het was eerder een beleidsmatige keuze. Je zal me niet horen zeggen dat ik me die carrièrestap vandaag beklaag, maar ik heb wel geleerd dat je als kabinetschef van de premier je eigen inbreng vooral niet moet overschatten. Compromissen sluiten tussen alle regeringspartijen, daar draait het voornamelijk om. Toen ik in de nasleep van die ellenlange regeringsvorming, indertijd, de vraag kreeg om het VKW te leiden, zag ik daarin een uitgelezen kans om mijn visie op ondernemen in de praktijk te realiseren. VKW focust zwaar op het belang van ethisch ondernemen en hecht veel belang aan maatschappelijk verantwoord ondernemen of kortweg MVO. Daarmee ben je anno 2013 net zo goed maatschappelijk relevant, vind ik.”

Kabinetschef van de premier, ik ken er nogal wat die een moord zouden plegen voor zo’n topjob.

Caroline Ven: (laconiek) “Ik in ieder geval niet. Ik ben daarin tamelijk onthecht, ik klamp me niet vast aan de macht. Wie enkel daarvoor in de politiek gaat, zal af en toe stevig met het hoofd tegen de muur lopen. In de politiek blijven puur omwille van de zogenaamde macht was dan ook niets voor mij.”

Met zowat 4.000 leden is VKW het kleine broertje van de Voka’s en Unizo’s van deze wereld. Hoe ziet u uw rol en impact dan, in het ondernemende Vlaanderen van de toekomst?

Caroline Ven: “Wij proberen onze ledenondernemers samen te brengen om na te denken over maatschappelijk verantwoord ondernemen. Dat lukt almaar beter, want zelfs in tijden van zware economische crisis groeien wij en merken we ook inhoudelijk meer belangstelling voor de thema’s die we aankaarten. Er beweegt dus wel degelijk iets, en dat besef drijft me voort.”

U pleit voor kapitalisme en u zweert bij duurzaam ondernemen, terwijl de geschiedenis ons nochtans leert dat kapitalisme vaak samengaat met niets ontziende winstmaximalisatie. Een lastig huwelijk?

Caroline Ven: “Op zich is er niets mis met winstmaximalisatie. Op voorwaarde natuurlijk dat je als ondernemer niet zuiver op korte termijn denkt en dus ook voldoende duurzaam onderneemt. Ik zie het als een kerntaak van VKW om het belang en de toegevoegde waarde van duurzaamheid te beklemtonen, al kan ik niet ontkennen dat dit binnen kmo’s en familiebedrijven vaak iets makkelijker ligt dan bij multinationals. In se is een bedrijf niets meer dan een groep mensen die samen waarde scheppen. En net die bedrijven die goed inspelen op wat maatschappelijk als waardevol wordt ervaren, blijken het meest succesvol te zijn. Neem nu het terugdringen van het gebruik van fossiele brandstoffen: ondernemers die daar nu volop op inspelen, hebben bij uitstek een lange termijnhorizon. Wat zullen de bedrijven die daar totaal niet van wakker liggen immers doen, als er binnen 50 jaar geen fossiele brandstoffen meer overschieten?”

Dat klinkt goed, maar wil een jonge, startende ondernemer vandaag niet gewoon het hoofd boven water houden?

Caroline Ven: “Uiteraard, maar ook hij moet klanten vinden met innovatieve producten, extra waarde creëren voor de ‘stakeholders’, zijn kosten minimaliseren en goed opgeleide mensen kunnen aantrekken. Maatschappelijk verantwoord ondernemen staat – in tegenstelling tot wat velen nog altijd lijken te denken – niet los van de kern van het ondernemen. Het maakt integraal deel uit van je businessmodel.”

Welke lessen moeten jonge ondernemers vandaag uit die crisis trekken?

Caroline Ven: “Boven alles: tegenover een groot rendement staat haast altijd een groot risico. Dat geldt voor een spaarboekje, maar net zo goed voor de eigen zaak die je opstart. En een tweede les: schoenmaker blijf bij je leest. Ga uit van je eigen kennis en expertise, en zorg er voor dat je verdomd goed beseft waar je mee bezig bent.”

Heeft het voor jonge mensen met ambitie vandaag nog wel zin om in Europa te blijven, nu de steile economische groei zich toch vooral elders lijkt te situeren?

Caroline Ven: “Ik ben niet zo defaitistisch ingesteld. De grote groei zit de komende jaren elders, dat klopt, maar is het leven elders daarom ook beter? Bovendien: de zogenaamd zachtere sector, en dan vooral de zorgsector, is zeker in Europa een niche met heel veel toekomst. Koppel die vaststelling aan het besef dat ook het grootste deel van onze vermogens in het oudere bevolkingssegment zit, en het wordt duidelijk dat daar voor ondernemers nog een gigantische lokale groeimarkt openligt. Idem dito overigens voor milieutechnologie en groene oplossingen. Welnu, het zou eigen moeten zijn aan ondernemers om kansen te zien en daarop in te spelen. Al ben ik het uiteraard wel met je eens dat we hier in Vlaanderen onze ogen en oren meer moeten open houden, en beseffen dat Europa niet langer de navel van de wereld is.”

Welke dromen koestert u zelf nog, op carrièrevlak?

Caroline Ven: “Ach, men mag me een topfunctie aanbieden, maar als ik er de maatschappelijke relevantie niet van inzie, dan zal ik wellicht passen. Zonder passie, geen job. Ik klop vandaag misschien zelfs nog langere dagen dan indertijd op het kabinet en heb totaal geen tijd voor hobby’s, maar vind dat allemaal niet zo dramatisch omdat ik mijn werk gewoonweg heel graag doe.”

Tekst: Filip Michiels
Fotografie: Jonas Lampens