Bedrijven verplicht om stageplaatsen te voorzien

Het tewerkstellingsplan van de regering Di Rupo moet de werkgelegenheid in ons land bevorderen. Eén van de onderdelen van het plan is de verplichting voor bedrijven om stageplaatsen te creëren. Maar voor wie gelden de regels? En hoeveel stageplaatsen moeten er komen?

“Volgens de wet moeten alle werkgevers uit de privésector, ongeacht hoeveel personen zij tewerkstellen, jaarlijks een aantal stageplaatsen creëren a rato van één procent van het totale personeelsbestand”, vertelt Kris De Schutter, advocaat arbeidsrecht bij Loyens & Loeff. “Als later blijkt dat er collectief onvoldoende stageplaatsen worden gecreëerd, kan de eis worden omgezet in een individuele verplichting voor afzonderlijke bedrijven.” Alleen bedrijven met meer dan 100 werknemers zullen dan plaatsen moeten voorzien.

Wie zal deze plekken invullen? “Dat zijn jongeren met een startbaanovereenkomst, jongeren in een beroepsopleiding onder toezicht van de VDAB of jongeren in een instapstage”, vult Kim Van Hemelryck, eveneens advocaat arbeidsrecht, aan. “Zo’n instapstage is bedoeld voor werkloze laag- en middengeschoolde jongeren. Ze krijgen ze een uitkering van de RVA voor, plus een vergoeding van 200 euro per maand van de werkgever, vrij van sociale bijdragen.” Vanaf dit jaar zouden er jaarlijks 10.000 instapstages moeten gecreëerd worden.

Jaarlijks zal op 30 september geëvalueerd worden of er voldoende stageplaatsen werden gecreëerd. Als dat niet het geval is zal de collectieve verplichting ten vroegste in 2015 omgezet worden in een individuele verplichting.