Numerieke testen
In een intelligentietest zitten meestal ook een aantal numerieke reeksen, waarbij je het ontbrekende cijfer moet invullen. Numerieke reeksen onderzoeken je vermogen om de logische samenhang in cijferreeksen te zien. De logische regel die je zo vindt, pas je toe om de reeks verder te zetten.
Logische patronen
Om de samenhang tussen de getallen te achterhalen, moet je een bepaald getal telkens aftrekken, optellen, vermenigvuldigen of delen. Denk er aan dat je een getal soms afwisselend moet optellen en aftrekken (bv. +2 en -2). Dat je getallen kunt spiegelen. Dat je soms de getallen uit één reeks moet optellen of vermenigvuldigen. Dat verbanden niet altijd tussen twee opeenvolgende getallen van een reeks liggen. Dat ...
Kortom: Je probeert best alle mogelijke combinaties uit. Wij geven je alvast een overzicht van mogelijke methodes en patronen die je kunt volgen.
1. Eenzelfde getal optellen of aftrekken
Voorbeeld 1:
Vul aan:3 10 xx 24 31
Oplossing: 17
Logica:3 (+7) = 10 (+7) = 17 (+7) = 24 (+7) = 31
2. Getallen uit de reeks onderling optellen of aftrekken (x - y = z)
Voorbeeld:
Vul aan:22 12 10 35 xx 16 34 23 11
Oplossing: 19
Logica:22-12=10 35- 19=16 34-23=11
3. Vermenigvuldigen of delen door een constant oplopend of dalend getal
Voorbeeld 1:
Vul aan:2 4 12 xx 240
Oplossing: 48
Logica: Elk getal wordt vermenigvuldigd door een steeds groter wordend getal.
In dit voorbeeld:
2 (x2) = 4(x3) = 12(x4) = 48(x5) = 240
Voorbeeld 2:
Vul aan:840 168 xx 14 7
Oplossing: 42
Logica: Elk getal wordt gedeeld door een steeds kleiner wordend getal.
In dit voorbeeld:
840 (/5) = 168(/4) = 42(/3) = 14(/2) = 7
4. Spiegel methode
Voorbeeld:
Vul aan:18 24 28 36 36 28 xx 18
Oplossing: 24
Logica:De reeks kan in 2 opgedeeld worden waarbij het eerste gedeelte gespiegeld is in het tweede deel.
In dit voorbeeld:
18 24 28 36 | 36 28 24 18
5. Getalgroepen
Voorbeeld:
Vul aan:124 16 592 61 xx3 20 416 47
Oplossing: 17
Logica: Deze reeks is opgebouwd uit een groep van 3 cijfers (abc) en een groep van 2 cijfers (de). Door de eerste twee cijfers uit de eerste groep (ab) op te tellen met het derde cijfer uit diezelfde groep (c) bekom je het getal uit de tweede groep (de).
In dit voorbeeld:
12 + 4 = 16 (ab + c = de) 59 + 2 = 61
17 + 3 = 20 41 + 6 = 47
Andere bewerkingen:
abc de fgh ij:
(ab - c = de) en (fg - h = ij)
Voorbeeld:
Vul aan: 4216 67 2531 74 6151 .76 6132 xx
Oplossing: 75
Logica: Deze reeks is opgebouwd uit een groep van 4 cijfers (abcd) en een groep van 2 cijfers (ef). Door de eerste 2 cijfers uit de eerste groep op te tellen (a+b) bekom je het eerste cijfer van de tweede groep (e). De som van laatste 2 cijfers (c+d) geeft het laatste cijfer van de tweede groep (f).
In dit voorbeeld: 4216 .67
4 + 2 = 6 en 1 + 6 = 7 >> 67
a + b = e en c + d = f ..>> ef
en
(6 + 1)(3 + 2) = 75
Andere bewerkingen:adcd ef ghij .kl
(a - d = e) en (c - d = f)
6. Bewerking met een constant getal +1 (2n + 1)
Voorbeeld:
Vul aan: 5 11 23 47 xx
Oplossing: 95
Logica:
5 11 23 47 xx
5 (x 2 + 1) = 11 (x 2 + 1) = 23 (x 2 + 1) = 47 (x 2 + 1) = 95
7. Haasje over
Voorbeeld:
Vul aan:17 9 16 12 14 15 xx 18 7
Oplossing: 11
Logica: Hier moet je de samenhang niet zoeken tussen de opeenvolgende getallen, maar telkens eentje overslaan.
In dit voorbeeld:
17 (- 1) = 16 (- 2) = 14 (- 3) = 11 (- 4) = 7 en
9 (+ 3) = 12 (+ 3) = 15 (+ 3) = 18