Zweden, een uitweg uit de crisis?

Een economische groei van 5,3%, een hoge tewerkstellingsgraad van oudere werknemers en gezonde overheidsfinanciën: nadat Zweden op kordate manier afrekende met de crisis die het land begin de jaren ’90 teisterde, doet het land het vandaag allesbehalve slecht. De vijf lessen van het Zweedse succesrecept.

Banken die op punt staan te verdwijnen en een economie die geen jobs meer genereert: het klinkt ons bekend in de oren. En ook de Zweden weten er alles van. In 1992, na een periode van goedkoop geld, opgeblazen vastgoedprijzen en een onvoorzichtige bankregulering, barstte de bom. De economie kromp, de werkloosheid steeg van 1,7% naar 8,2% en de regering moest dringend bijspringen of een reeks grote Zweedse banken ging overkop. Ze gaf steun in ruil voor een kwart van de activa van de banken, en met de verkoop van die activa kon ze later de kostprijs voor het land terugbrengen tot de helft. De Zweedse kroon werd gedevalueerd. En een reeks sociale voordelen verdween. De regering zei dat ze het wereldrecord besparen had gebroken.

"Zweden heeft in 1992, toen het leed onder een zeer erge, structurele crisis, zware beslissingen genomen die achteraf de basis legden voor een gezonde economische groei", analyseert Marc De Vos, professor aan de UGent en directeur van het Itinera Instituut. “Versta me niet verkeerd. Voor mij is Zweden niet het ideale model. Dat bestaat niet. Nergens. Zo kent Zweden redelijk wat verdoken werkloosheid ten gevolge van tewerkstellingsprogramma’s. Maar het blijft een mooi voorbeeld van een ontwikkeld land dat een zware crisis succesvol heeft bestreden. Japan daarentegen heeft jarenlang maatregelen voor zich uit geduwd en belandde zo in een economisch moeras.”

"België moet afleren telkens een bepaald model, zoals Duitsland of Zweden, te bewieroken", gelooft Marc De Vos. "We moeten ons eigen model ontwikkelen dat inspeelt op onze problemen. We kunnen wel over het muurtje kijken. Zo kunnen we wat leren van de radicale manier waarop de Zweden hun pensioenprobleem hebben aangepakt."

Les 1: langer werken

In België werkt amper een derde (35,3%) van de 55- tot 64-jarigen. Dat is ver onder het Europese gemiddelde (54,5%). Zweden is absoluut koploper met 70% van de mannen en vrouwen tussen 55 en 64 aan de slag.
"Dat heeft alles te maken met de Zweedse aanpak rond 'levenslang leren", zegt Shari De Baets, die een onderzoek deed in opdracht van de Vlerick School en de FOD Tewerkstelling. "Door continue bijscholingen blijven ervaren werknemers meedraaien. Op hun 55e hebben ze immers nog een carrière van 10 jaar voor de boeg."

Ze somt de redenen op waarom het levenslang leren zo diep geworteld zit in de Zweedse werkcultuur: "Verleken met ons land, is het budget voor volwassenenonderwijs zoveel groter. Ook is het een belangrijk aandachtspunt voor de vakbonden. Terwijl in Vlaanderen de overheid vooral werklozen opleidt, is dat ginds anders: het zijn hoofdzakelijk de werkenden die zich bijscholen. Dat is nodig want het Zweedse basisonderwijs is veel algemener. Een jongere hier studeert af als specialist. In Zweden krijgen alle jongeren eenzelfde breed basispakket mee. Ze worden specialist door bijscholing." De crisis van 1992 heeft die aanpak nog versterkt. Zo kent Marc De Mey (Volvo Cars) een sprekend voorbeeld: "Een Zweedse 60-plusser leidt voor Volvo de bouw een nieuwe fabriek in China. En dat met veel enthousiasme."

Les 2: arbeidsmarkt actiever

Uit het crisispakket dat de conservatieve regering in 1992 voorstelde, groeide een meer actieve aanpak van de arbeidsmarkt. Minder vakantiedagen, een ander pensioenstelsel, meer opleidingen, ... . Marc De Mey, de woordvoerder van Volvo Cars in Gent, heeft de Zweedse werknemers zien veranderen: "In de jaren tachtig kampten de Zweedse fabrieken met een grote afwezigheid en een hoog verloop van de werknemers. Na de crisis van 1992 veranderde de mentaliteit. Terwijl de Gentse fabriek vroeger meer geëngageerde medewerkers had, waren de Zweden nu even geëngageerd als onze mensen."

Marc De Vos (Itinera) heeft een voorstel: " We moeten allen langer werken. Daarvoor is een andere aanpak van ontslag en werkloosheid nodig. Laat ons daarom een echt Generatiepact uitwerken in plaats van tweejaarlijks wat te rommelen in de marge. Elimineer een hele reeks banenplannen, de maaltijdcheques, … en voer een geïndividualiseerde loopbaanrekening in. Zo kan elk individu zijn rechten gebruiken als hem dat best uitkomt. Zo blijven we langer aan de slag."

Les 3: samen tegen heilige huisjes

De Zweedse regering nam in 1992 drastische maatregelen die sneden in sociale voordelen. Dat kon ze maar omdat de politieke oppositie, de vakbonden en de bedrijven samenwerkten. Er ontstond een nationale eensgezindheid om heilige huisjes te slopen, zonder dat Zweden een sociaal kerkhof werd. Dat pragmatisme wordt ook vandaag doorgetrokken. Zo besliste Zweden recent enkele ambassades te sluiten waaronder die van Brussel. "Daarom is Zweden wat betreft jobcreatie en groei, vandaag een echt succesverhaal", vervolgt Marc De Vos. "Ook in ons land moeten er formules bestaan waarachter de sociale partners zich samen willen scharen. Waarom moeten we met de loonnorm onze buurlanden slaafs achterna lopen? Kunnen we geen Belgische oplossing vinden voor de hoge loonlasten, de automatische indexering, …?"

Les 4: pensioen naar levensverwachting

Ook het pensioen werd drastisch aangepakt. Na een jarenlange discussie ging in 2001 het nieuwe pensioenstelsel van start: de gepensioneerden kregen een pensioen op basis van hun levensverwachting. Het nieuwe pensioen werd niet meer berekend op basis van het vroegere salaris, maar van het aantal jaren dat de gepensioneerde theoretisch nog te leven heeft. Wie vroeger met pensioen gaat, krijgt dus minder. Ook daalt het pensioen als de levensverwachting stijgt. Zo'n systeem blijft betaalbaar, maar het gemiddelde pensioen daalde (er is een minimumpensioen van 9.170 euro).

Vanaf 2001 draagt elke werknemer 18,5% van zijn loon af voor zijn pensioen (de werkgever betaalt daarvan de helft). 16% hiervan wordt gebruikt voor de lopende pensioenen, 2,5% komt op een individuele rekening, die later het potje uitmaakt waarop het pensioen wordt berekend.

“Dit is een heel verstandig model dat zich aanpast aan de demografie van een land", meent professor De Vos. "Eens geïnstalleerd, zijn de pensioenbetalingen steeds onder controle. Onze politici beginnen dat in te zien.”

Les 5: meer vlotte innovatie

Zweden heeft met multinationals als Ericsson, Volvo, Electrolux, Sandvik, H&M, Atlas Copco, SKF, ... wereldleiders in huis. Die zijn sterk in innovatie. "Die innovatiekracht is niet altijd een kwestie van veel geld, eerder van een slimme aanpak", meent Marc De Mey, de woordvoerder van Volvo Cars. "Zo is de energiezuinige 'Drive'-reeks van Volvo het resultaat van enige ingenieurs die na hun uren experimenteerden met bestaande modellen. Ze verlaagden de ophanging, maakten de vloerplaat platter, ze plaatsten andere velgen, ... Een hele reeks beperkte aanpassingen leverden een auto op die veel minder CO2 uitstoot."

Ook daar kunnen we iets van leren, gelooft Marc De Vos: "De Belgische innovatiekracht moet dringend omhoog, want de groei van onze arbeidsproductiviteit topt af. De voorbije decennia compenseerde de groei van de productiviteit onze hoge loonkosten. Nu loopt het fout. Onze innovatie hinkt achterop tegenover onze concurrenten. Als die innovatiemotor niet weer op snelheid krijgen, wordt het een ‘silent killer’.”

Hoeveel beter doen de Zweden het vergeleken met ons?

 

Zweden

België

Gemiddelde Oeso-landen (of eurozone= **)

Groei economie (bnp) 2011

+ 5,3%

+ 2,5%

+ 1,7% (**)

Verwachte groei economie 2012

+ 2,7%

+ 1,9%

+ 1,6% (**)

Prijsstijging

+ 2,9%

+ 3,1%

+ 2,7% (**)

Overheidstekort (in % bnp, voor 2011)

- 0,5%

- 3,8%

- 4,2% (**)

Werkloosheid

8,8%

7,4%

9,9% (**)

Jongerenwerkloosheid (15 tot 24 jaar)(*)

25%

21,9%

16,4%

Langdurig werklozen ( + 12 maanden) (*)

12,8%

44,2%

23,6%

Tewerkstellingsgraad vrouwen (15 tot 64 jaar)(*)

70,2%

56,0%

56,5%

Oudere werkenden (55 – 64 jaar) (*)

70,1%

35,3%

54,5%

Aantal werkuren per jaar (*)

1.610 uren

1.550 uren

1.739 uren

Gemiddeld jaarsalaris (uitgedrukt in euro) (*)

51.460 euro

59.622 euro

-

 

 

 

 

(bron: recent beschikbare cijfers, The Economist, 20 augustus 2011)
(*) bron= Oeso, Employment Outlook, september 2010)

 
Op belangrijke domeinen doet Zweden het merkelijk beter dan België: de overheid stapelt geen tekorten op, de groei gaat sneller en er zijn veel meer (oudere) Zweden aan het werk.