Xavier Damman (28), succesvol Belgische ondernemer in Silicon Valley

In minder dan drie jaar tijd ontpopte Xavier Damman zich in Silicon Valley van anonieme ingenieur tot de baas van de succesvolle start-up Storify. Het internetplatform wordt gesteund door 2 miljoen durfkapitaal, heeft acht mensen in dienst en lokt maandelijks tien miljoen gebruikers.

Toen Xavier Damman in de zomer van 2009 met zijn vriendin van Brussel naar San Francisco verhuisde, kende hij niemand in de stad en niemand kende hem. In die eerste weken kon je hem zo goed als elke dag vinden in een of andere koffiebar waar hij gebruik maakte van de gratis internetverbinding om aan zijn idee voor een onderneming te sleutelen. Als hij daar niet zat, woonde hij een demonstratieavond zoals SF New Tech bij, bezocht hij conferenties of legde hij contacten met andere geeks tijdens hackatons (langdurige programmeersessies). Het duurde niet lang vooraleer hij een Franse start-upoprichter ontmoette die zijn raadgever werd en hem voorstelde aan een gezant van hierboven, een investeerder die 10.000 dollar veil had voor zijn idee.

Dat idee groeide uit tot Storify, een platform dat op sociale media zoals Twitter, Facebook, YouTube, Flickr en Instagram op zoek gaat naar de interessantste informatie over een bepaald thema en het bundelt op je website. “Ons product helpt je om verhalen te vertellen”, vat Damman zijn geesteskind samen. “Via sociale netwerken lichten we met z’n allen de wereld voortdurend in over het reilen en zeilen in ons leven. Of we nu naar een huwelijk gaan, een concert bijwonen of protesteren tijdens Occupy Wall Street. Al die inhoud kan geweldig interessant zijn, maar voor Storify bestond, was het ontzettend moeilijk om bij te houden wie wat wanneer gedaan of geschreven had.”

De voor de hand liggende vroege gebruikers van Storify waren journalisten die dankzij het platform makkelijk reacties konden verzamelen na de aardbeving in Japan of tijdens de Arabische lente bijvoorbeeld. “Mijn eerste klant was de San Francisco Chronicle”, herinnert Damman zich. “Toen ik tijdens de zomer in Silicon Valley arriveerde, had ik mezelf een deadline opgelegd. Tegen Kerstmis wou ik ten minste een teken dat hier een toekomst in zat. Iets dat me zou zeggen dat ik moest doorzetten. Twee dagen voor ik vertrok om de kerstvakantie in België door te brengen, kreeg ik het geld van onze investeerder. En tijdens het overstappen in Washington op weg naar Brussel ontving ik een e-mail van de Chronicle dat ze ons product wilden gebruiken.”

Intussen maken 25 Amerikaanse nieuwssites gebruik van Storify en ook internationaal neemt de bekendheid toe met klanten als Al Jazeera, ABC Australië en Rolling Stone Argentinië. “Stilaan vinden ook grote merken de weg naar Storify. Dell, Virgin America en Disney willen weten wat er over hun merk gezegd wordt online. We tellen tevens veel ngo’s zoals Amnesty International onder onze consumenten. Zelfs Obama en het Witte Huis gebruiken het platform. Dat doet toch wel iets.”

Twitter als buurman

Storify telt intussen acht werknemers. Sinds een paar maanden is het kantoor gehuisvest in een loft in Soma, een tot voor kort verloederde buurt die dankzij de nakende komst van het nieuwe Twitter-hoofdkwartier de eerste tekenen van een heropleving laat zien. Met zijn blote bakstenen muur, Ikea-meubels en een hangmat in het midden van de kamer ziet Dammans recentste werkplek er net zoals ieder ander typisch start-upkantoor uit. Op een poster boven de koffiemachine valt te lezen: “Shoot for the moon. Even if you miss, you’ll land among the stars.” Het was die ingesteldheid waarmee Damman naar San Francisco kwam. “Het is logisch dat je naar de hoofdstad van je sector trekt”, licht Damman de noodzaak toe om naar de Amerikaanse westkust te komen. “De generatie van onze ouders pendelde van het platteland naar de grote steden om daar zaken te doen. Wij doen net hetzelfde, alleen op globale schaal. Als je in de roboticasector wilt werken, trek je naar Tokio. Als je luchtvaarttechnologie wil studeren, ga je naar Toulouse, en als je een webbedrijf wilt starten, kom je naar hier. Je kunt nog zo’n fantastische voetballer zijn, wat doet het er toe als je in La Louvière blijft? Dit is het epicentrum van de it-wereld. Een paar dagen terug ging ik bijvoorbeeld naar een bijeenkomst over Javascript. De mannen die de taal schrijven, waren daar. Ik had dus directe toegang tot de bron. Vanuit België zou dat ondenkbaar zijn.”

“Aanvankelijk had ik geen echte verwachtingen hoe het hier zou uitdraaien voor mij. Ik wist dat ik een it-bedrijfje wou oprichten, maar ik had er geen idee van hoe ik dat zou aanpakken. Dat heb ik hier gaandeweg geleerd, vooral dankzij de hulp van talloze mensen die hier eerder al een bedrijf oprichtten en bereid waren hun ervaringen te delen. Die vrije stroom van informatie tussen gevestigde ondernemers en beginners is een van de factoren die Silicon Valley zo succesvol maken. Toen ik hier nog maar net was, woonde ik een gratis media-evenement bij waar ik mensen ontmoette van Forbes en de San Francisco Chronicle. Zo’n ‘scene’ bestaat gewoon niet bij ons. En als er al dat soort evenementen zijn, dan moet je er pakken geld voor betalen. Geld dat een beginnend ondernemer niet heeft. Het soort mensen met wie het in België maanden zou duren om een afspraak vast te krijgen, zijn hier verrassend toegankelijk. Zo heb ik gewoon eens staan praten met Mark Zuckerberg van Facebook en een andere keer kon ik mijn bedrijf voorstellen aan Evan Williams, de oprichter van Twitter. Wie in Europa succesvol is, lijkt meteen tot een andere klasse te behoren, die zich niet mengt met beginners. Terwijl geslaagde ondernemers hier zich voortdurend beschikbaar houden om advies te geven aan start-ups.”

“Dat is ook een van mijn belangrijkste boodschappen wanneer ik gevraagd word om een voordracht te geven in België. Op de iMind-conferentie van het IBBT bijvoorbeeld stelde ik voor dat managers bij grote Belgische telecombedrijven zoals Belgacom, Telenet en Mobistar maandelijks een spreekuur zouden houden voor jonge ondernemers, zodat ze ideeën kunnen uitwisselen. Dat zou voor beide partijen razend interessant zijn.”

Injectie van 2 miljoen

Met goede ideeën alleen kom je er natuurlijk niet. Een andere grote aantrekkingskracht van Silicon Valley is dat er geld zit. Veel geld. Dammans bedrijfje kwam een jaar geleden pas echt van de grond dankzij een injectie van 2 miljoen dollar van Khosla Ventures, een van Silicon Valley’s bekendste durfkapitaalfirma’s. “Dat soort geld is in België niet voorhanden. Binnenkort zullen er in de Valley nog eens duizend nieuwe miljonairs bijkomen dankzij de beursgang van Facebook. Dat zijn duizend nieuwe durfinvesteerders. België telt er nog geen honderd in totaal en ons land is groter dan deze regio. Die instroom van geld zal weer een nieuwe lading start-ups opleveren.”

De investering van Khosla houdt voorlopig de boel draaiende bij Storify, want het bedrijf genereert tot nog toe geen inkomsten. “We beginnen stilaan na te denken over manieren om geld te verdienen. Met de 2 miljoen moeten we 18 maanden rondkomen. We zijn nu een jaar ver, dus we hebben nog ongeveer een half jaar om geld te beginnen verdienen en nog meer geld op te halen. We zouden bijvoorbeeld extra componenten kunnen aanbieden aan de grootste gebruikers, of een speciaal model bouwen voor grote merken.”

“De investeerders pushen ons om het geld te spenderen aan aanwervingen, want mensen zijn de sleutel om te groeien. Ze willen niet dat we er vier jaar over doen om hun investering op te gebruiken, maar willen zo snel mogelijk weten of dit een kans op slagen heeft. Bijgevolg hebben we wel al eens iets te snel iemand nieuw aangeworven, met als gevolg dat we soms iemand terug moeten laten gaan. Het vinden van de juiste mensen vind ik een van de grootste uitdagingen bij het uitbouwen van een bedrijf. Gelukkig heerst hier een hire and fire-klimaat. Het voordeel dat beginnende bedrijven hebben op hun grote tegenhangers is dat ze werken met een kleine groep van hypergetalenteerde mensen, een A-team als het ware. Als een werknemer dat team om een of andere reden vertraagt, dan moet je die onmiddellijk laten gaan. Een paar dagen geleden hebben we bijvoorbeeld nog iemand ontslagen. Schuldig voel ik me daar niet over, want ik weet dat die persoon snel terug op zijn pootjes zal terecht komen. De vraag naar ingenieurs is hier ontelbare keren groter dan het aanbod, dus niemand in onze omgeving zit lang zonder werk. In die zin leven we in Silicion Valley in onze eigen luchtbel, vrij onaangetast door alle omwentelingen elders in de wereld. Op de een of andere manier voelt deze regio aan als Firenze tijdens de renaissance. De wereld is aan het veranderen. Mensen maken gebruik van nieuwe technologieën, organiseren zichzelf rond sociale netwerken en Silicon Valley ontwerpt en vormt de hulpmiddelen die mensen toestaan om samen te werken en alle nutteloze instituten uit de 20ste eeuw overboord te gooien.”

Ook de toekomst voor zijn bedrijfje ziet Damman rooskleurig in. “Ik ben tevreden over waar we nu staan”, besluit hij. “We kenden een goede start. Het is amper een jaar geleden dat we ons product loslieten op de wereld en intussen hebben we een kleine groep belangrijke gebruikers aan ons weten te binden. Nu moeten we ons platform aantrekkelijk zien te maken voor een grotere groep mensen. Dat is onze nieuwe uitdaging.”

Tekst: Evy Ballegeer

< Lees de succesverhalen van andere baanbrekers