Winst maken, maar toch saneren: de naakte cijfers achter 210 aangekondigde herstructureringen

Hoe kan het dat winstgevende bedrijven een herstructurering aankondigen? Dat thema verhit al geruime tijd de gemoederen. Slim management of onethisch snoeiwerk? En, mag je de gezondheid van een bedrijf louter aflezen aan de hand van de winstcijfers? Vacature en Graydon hielden de recentste financiële gegevens van 210 herstructurerende bedrijven tegen het licht.

‘Onethisch’, tieren vakbonden en sympathisanten. ‘Onvermijdelijk’, pareren de werkgevers en aandeelhouders. Bedrijven die de zeis zetten in hun werknemersbestand terwijl hun winstcijfers allesbehalve rood kleuren, krijgen de wind van voren. Denk aan de commotie rond bierbrouwer AB InBev, dat intussen wel de aangekondigde ontslagen introk. Vacature zocht uit wat een winstgevende onderneming ertoe drijft om toch mensen aan de deur te zetten. Hoe ethisch is zo’n werkwijze? Voer voor vorsers. En voor geanimeerde discussies.

De studiedienst van het ABVV bezorgde Vacature een lijst met honderden aangekondigde herstructureringen sinds januari 2008. Graydon, een bureau voor handelsinformatie, ging daar met de borstel door. De uiteindelijke analyse vlooit de meest recente financiële gegevens uit van 210 bedrijven die een herstructurering hebben aangekondigd (meer gedetailleerde uitleg in het kaderstuk).  Eric Van den Broele, deputy senior manager research bij Graydon: “Deze lijst is het topje van de ijsberg. Duizenden kleine bedrijven die de voorbije maanden saneerden hebben nooit de media - en dus evenmin deze lijst - gehaald.” Allicht omdat er daar vaak gewoonweg geen vakbondsvertegenwoordiging is. “79 procent van de bedrijven in deze lijst zijn naamloze vennootschappen, grote jongens die het nieuws wél hebben gehaald.” Eerste opvallende vaststelling: het gaat in hoofdzaak om oudere bedrijven (1 op 5 is ouder dan 45 jaar). Van den Broele: “Om te kunnen herstructureren, heb je een spaarpot nodig. Jongere ondernemingen hebben dat minder, gaan makkelijker failliet. Ze zouden wel willen herstructureren, maar kunnen het zich minder veroorloven.”

Gezond op eerste zicht, ongezond na nader onderzoek

Iets meer van de helft van de 210 bedrijven uit onze lijst (118 om precies te zijn) maakten winst kort voor (of op het moment dat) ze hun herstructurering aankondigden. De cijfers bevestigen het buikgevoel dat heel wat bedrijven die wensen af te slanken er op het eerste zicht gezond uitzien. Niet alleen met de winst, ook met de schuldgraad van deze bedrijven zit het blijkens de analyses van Graydon grosso modo redelijk snor. Eric Van den Broele: “Doorgaans bestempel ik een schuldgraad vanaf 90% als problematisch. Wat eigenlijk betekent dat je van elke 100 euro die je ontvangt er meteen weer 90 moet afgeven aan je schuldeisers. Welnu, bij 173 van deze 210 bedrijven blijkt de schuldgraad lager dan 80% te liggen.” Eerste conclusie? “Dit neigt naar onethisch gedrag: deze bedrijven kondigen wel heel snel een herstructurering aan, terwijl de cijfers allesbehalve alarmerend blijken. Maar doorgedreven falingsvoorspellingen op basis van de laatste jaarrekeningen, waarbij heel wat meer parameters te pas komen, dwingen me om dat direct te nuanceren. Op korte termijn blijken liefst 184 van de ondernemingen ongezond, op lange termijn zelfs 201.  In zekere zin een hele geruststelling. Want dat betekent dat de overgrote meerderheid wel degelijk gegronde redenen heeft om te herstructureren.” Eric Van den Broele moet zijn mening herzien. “Uit deze lijst blijkt dat er veel minder geprofiteerd wordt van de crisis dan ikzelf en wellicht vele anderen dachten. Dat is interessant, al zou dat evenzeer gelden in het andere geval. Probleem is dat die structurele problemen meestal niet (of pas veel later) zichtbaar zijn voor de buitenwereld.” Van den Broele legt uit hoe je de gezondheid van een bedrijf echt moet taxeren. “Wanneer de dokter je vertelt dat je BMI slecht is, weet je bijvoorbeeld niet hoe het met je vetmassa gesteld is. Idem als je de gezondheid van een bedrijf taxeert. Je mag niet afzonderlijk kijken naar liquiditeit (in welke mate een onderneming haar lopende betalingsverplichtingen kan voldoen), rentabiliteit (verhouding tussen de winst en het vermogen) of solvabiliteit (verhouding tussen eigen en vreemd vermogen). Je moet de verhouding tussen die drie bekijken.” Bijvoorbeeld: een winstgevend bedrijf kan toch in de problemen raken als het tegen een berg uitstaande langetermijnleningen (en bijhorende interesten) aankijkt. Of als het te weinig cash heeft om haar leveranciers op korte termijn te betalen. Vraag is natuurlijk of je wel altijd van deugdelijk bestuur kan spreken.  Want die structurele problemen komen niet zomaar uit de lucht vallen.

Nog rendabelere concurrenten

“Wij hebben de crisis niet veroorzaakt, maar de banken”. Vorige week pareerde Recticel-topman Luc Vansteenkiste met dat argument de stijgende stigmatisering van onze bedrijven. Eric Van den Broele merkt al jaren een evolutie waarbij bedrijven meer en meer gebruikmaken van goedkope kortetermijnkredieten. “Veel bedrijven zijn in de problemen gesukkeld omdat ze ervan overtuigd waren dat - zoals  Jean-Claude Trichet (de voorzitter van de Europese Centrale Bank)  liet uitschijnen- de lage interesten op leningen er voor altijd zouden zijn. Bedrijven tekenden massaal in op goedkope kortetermijnleningen.  Dat geld werd massaal geïnvesteerd, omdat het dan meer opbrengt (het principe van de financiële hefboom). Omdat het om kortetermijnleningen ging, moeten die nu volop heronderhandeld worden. Iedereen weet dat er al betere ogenblikken waren om met een bank aan tafel te zitten.  Dat scenario noopt bedrijven die jarenlang hebben geteerd op goedkoop geld, dus ook winstgevende, tot herstructureringen.” Valt zulks niet gewoonweg onder de categorie wanbeleid? Te gulzig? “Dat is een heel moeilijke discussie. Het is in wezen een geloofskwestie.  Ondanks de vele kleine crisissen van de afgelopen jaren geloofden velen dat de conjunctuurgolven voorgoed sterk waren afgevlakt. Er zouden met andere woorden nooit meer al te heftige schommelingen zijn. Net dat blijkt nu een fabel.”

Eric Van den Broele ziet nog andere redenen waarom een rendabel bedrijf in troebel vaarwater terecht kan komen. “Je kan als rendabel bedrijf af te rekenen hebben met nog rendabelere concurrenten. Dan zal de aandeelhouder vroeg of laat zijn vermogen uit dat eerste bedrijf halen.” Punt is of sommige aandeelhouders ooit verzadigd zullen zijn? Van den Broele: “Je kan hen dat verwijten, maar jij en ik doen dat precies hetzelfde met ons spaargeld als we een betere rentevoet vinden bij een andere bank.” Puur zakelijk en vanuit financieel oogpunt houdt het gros van deze 210 saneringen dus steek. Toch kan je je vragen stellen bij bepaalde excessen, vanuit menselijk oogpunt. Kan het dat topmanagers lucratieve aandelenopties verzilveren als ze de schuldenberg van hun bedrijf drastisch doen inkrimpen (en dus mensen slachtofferen)? Snoeien om een nog vettere bonus op te strijken, met andere woorden. Waarom niet tegelijk snoeien in die miljoenenbonussen, in plaats van enkel op de vloer te snijden? Van bedrijven die de voorbije jaren winst maakten, zou je toch mogen verwachten dat ze een spaarpot hebben aangelegd om een mindere periode als deze te kunnen overbruggen? De meeste Belgische kmo’s en hun aandeelhouders hebben dat zeer zeker gedaan, aldus  Eric Van den Broele. “Vergeet aub niet dat ten gevolge van crisis de omzetdaling bij heel wat bedrijven zeer serieus is. Tussen 2004 en 2007, en in het bijzonder vanaf de invoering van de notionele interestaftrek in 2006, hebben aandeelhouders heel wat geld in Belgisch verankerde ondernemingen gelaten. Daar bestaan cijfers over. Daardoor is het gemiddelde eigen vermogen van de in België verankerde ondernemingen flink aangedikt.”

Amerikanen kiezen eieren voor hun geld

Niet toevallig hebben bedrijven met een buitenlandse hoofdzetel minder compassie met hun Belgische werknemers. Wat Opel Antwerpen en AB InBev betreft, hebben we twee keer pech. De echte beslissingsmacht ligt al lang niet meer in België. Bovendien bollen er in Europa te veel auto’s van de band, en wordt er steeds minder bier gedronken. Eric Van den Broele: “Wat ik nu ga zeggen, ligt momenteel heel gevoelig. Maar een multinational kan bijvoorbeeld vaststellen dat een winstgevend filiaal in ons land niet zo rendabel is op internationale schaal. Het is in dergelijke gevallen eerder een kwestie van de meest rendabele filialen te behouden en verder uit te bouwen. Of diegene waarvan men het meeste winst verwacht op termijn. Vele Amerikaanse verankerde bedrijven romen zonder gêne hun Belgische winsten af. Het Belgische filiaal wordt zo op termijn een lege doos, zonder dat het daarom slecht draait of niet rendabel is. Winsten worden hier ook veel zwaarder belast dan in de VS. Maak u geen illusies. Zodra een Amerikaan beseft dat zijn geld meer opbrengt in China, doet hij hier zonder probleem het licht uit. Zijn winst heeft hij toch al teruggekregen, hij verliest hooguit een paar gebouwen.” Of hoe de gebrekkige verankering van onze economie ons duizenden banen kost.

Slotsom: het gros van deze 210 bedrijven in herstructurering zou wel degelijk vroeg of laat in de problemen komen als het alles op zijn beloop laat. Toch sluit Eric Van den Broele niet uit dat er onethische gevallen tussen zitten. “Een herstructurering is naar mijn aanvoelen duidelijk onethisch als het management een spaarpot heeft kunnen uitbouwen én tegelijkertijd beseft dat de problemen van tijdelijke aard zijn. Gewoon mensen op straat zetten om op korte termijn je aandeelhouders tevreden te stellen, dat is absoluut geen goeie zet.” Afsluitend heeft Eric Van den Broele nog een boodschap voor u en ik. “De buitenwereld focust dikwijls al te eenzijdig en oppervlakkig op winstcijfers om schande te spreken over een sanering.” Toont dit onderzoek tot slot niet evenzeer aan dat bedrijven de buitenwacht veel duidelijker moeten uitleggen waarom ze moeten saneren? “Dat klopt ook, ja.”

Hoe gingen we tewerk?

De studiedienst van de socialistische vakbond ABVV bezorgde ons een lijst met 434 aangekondigde herstructuringen in ons land, die ze tussen 1 januari 2008 en 22 januari van dit jaar bijhield. Die lijst omvat zowel bedrijven met een Belgische als een buitenlandse hoofdzetel.  Graydon, een bureau voor handelsinformatie, verfijnde dat basismateriaal (onder andere faillissementen en bedrijven die dubbel vermeld werden, filterde het eruit). Het koppelde de recentste jaarrekeningen aan de 210 overblijvende herstructurerende ondernemingen, en liet Microsoft Excel erop los.

tekst Nico Schoofs

Gepubliceerd in het Vacature Magazine van 6 februari 2010