Wie krijgt volgens u te veel?

Wie verdient volgens u te weinig, wie wordt overbetaald? Professor Luc Van Liedekerke, directeur van het Centrum voor Economie en Ethiek aan de K.U.Leuven, boog zich over de resultaten rond de geschatte en billijke verloning voor 100 beroepen.

Even kort samengevat, dan bent u helemaal mee: deelnemers aan de Salarisenquête kregen willekeurig drie beroepen uit een lijst van 100 onder ogen. Eerst schatte elke bevraagde hoeveel dat beroep opbrengt (het geschatte nettoloon), in een tweede fase gaf hij of zij aan hoeveel iemand voor datzelfde beroep zou moeten verdienen (het billijke nettoloon). Zet die twee tegen mekaar af, en je merkt welke beroepen u en ik onder- en overgewaardeerd vinden. Anders gezegd: wie moet meer krijgen, wie moet inleveren?   

Vaststelling numero uno: we leven in erg egalitaire maatschappij. Een volk dat niet veel op heeft met uitschieters, in alle betekenissen van het woord. Het gelijkheidsdenken zit erg stevig ingebakken in ons collectieve dna. De bedrijfsleider met meer dan 10.000 werknemers zou door u het best betaald worden met 6.775 euro netto per maand. De nummer tien, een vliegtuigpiloot, zweeft daar met 4.000 euro netto per maand niet zo heel ver onder. “In die top-10 van de billijke lonen zie je hoe we de inkomensongelijkheid willen doen krimpen. We zijn wel geen radicale herverdelers of communisten, die alle salarissen bruutweg zouden gelijktrekken.” Ofwel: we vijlen de scherpe kantjes er af, maar met mate.

Egalitair wereldbeeld

Het gelijkheidsdenken mag dan nog steeds overheersen, gestaag maar zeker schuiven we richting Angelsakisch model.  Naar meer tolerantie voor ongelijkheid. “De billijke loonspanning was kleiner in 1988. We geven al blijk van meer ongelijkheid in verloning. Dat komt omdat de globalisering ons meer en meer blootstelt aan de Angelsaksische wereld, die veel minder egalitair is. Amerikanen zijn bijvoorbeeld van jongsaf vertrouwd met dure privéscholen, ongelijkheid is er een doodgewoon feit.”

Van Liedekerke maakt een intrigerende zijsprong naar de discussie rond bonussen bij topmanagers. “Ik stel vast dat meer transparantie meer en meer mensen naar bonussen doet vragen. Omdat men zich onrechtvaardig behandeld voelt, en dus zelf ook een bonus wil. Resultaat: het aantal bonussen tout court is gestegen.”  Amerikanen spreken open en bloot over hun salaris, aldus Luc Van Liedekerke.

Toch is hij allerminst een ondubbelzinnige voorstander van meer openheid. “Wanneer je voortdurend berichten hoort over hogere en lagere lonen leidt dat tot gewenning en aanvaarding. Ook naar beneden toe: ‘ze moeten maar een andere job zoeken’.”

Andere vaststelling: de sociale hiërarchie is danig dooreengeschud. “De sociale hiërarchie weerspiegelt zich in de verloning, dat was al ten tijden van Plato’s Republiek zo. Vandaag beloont onze markteconomie verdienste en inzet veel meer dan vroeger. Daarom waarderen we bedrijfsleiders. Zet deze enquête dertig jaar terug in de tijd, en je krijgt een compleet verschillend resultaat. Toen had je nog de klassieke vijandige opdeling tussen vakbonden en werkgevers, waarbij de werkgever genadeloos afgestraft werd als het op zijn verloning aankwam.” De enquête spreekt dat allerminst tegen: bedrijfsleiders duiken liefst 4 keer op in de top-10 billijke lonen, politici 2 keer. Vaak verguisd, toch naar waarde geschat? “Zeer zeker. We aanvaarden dat beide groepen helemaal bovenaan de sociale ladder staan.” Een rist oude beroepen heeft dan weer flink aan standing ingeboet. “Kijk bijvoorbeeld naar de bisschop en de priester: het lijkt alsof die niet hard moet werken. Bovendien zit je daar met de perceptie dat de Kerk leegloopt. Of notaris: dat erf je van je vader. Rechter: eerder een politieke benoeming dan dat er sprake is van grote eigen verdienste. Het respect dat er vroeger was voor een notaris of minister is volledig weg. Bovendien straffen de mensen ongetwijfeld de langdurige politieke impasse en de schandaalsfeer rond de katholieke kerk af. In beide gevallen leeft de idee van langdurige mislukkingen, los van de inspanningen die politici en geestelijken achter de schermen daadwerkelijk leveren. Oude notabelen zoals de notaris en de rechter hadden in de negentiende eeuw en de eerste helft van de twintigste eeuw heel veel aanzien. Vandaag zijn de media aan de macht.

Media-uitschieters

Hoeveel beroepen zouden volgens u moeten inleveren?

 

Top 15 overgewaardeerde beroepen, mediaanpercentages per beroep

1 topvoetballer in een Belgische ploeg -49.16
2 trainer voetbalploeg 1e klasse -41.29
3 minister -30.77
4 premier van België -26.36
5 bisschop -25.00
6 notaris -23.08
7 burgemeester -14.29
8 bedrijfsleider (10 000 werknemers) -12.85
9 advocaat -11.11
10 diensthoofd ministerie -11.11
11 rechter -8.33
12 bedrijfsleider (1000 werknemers) -7.83
13 bankdirecteur -7.41
14 verzekeringsmakelaar -5.00
15 priester -3.23

Media, het hoge woord is eruit. In zwaar gemediatiseerde tijden hangen onze rechtvaardigheidsopinies nauw samen met de informatiestromen van het moment. Evenzeer schommelen ze naargelang het tijdsgewricht waarin dergelijke enquêtes doorgaan. “Ik stel elk jaar opnieuw dezelfde vraag aan mijn studenten: wat is het grootste bedrijf ter wereld? Dan komt steevast Coca-Cola naar boven. Terwijl dat hoegenaamd niet tot de allergrootste behoort. Kijk naar de top-15 van de overgewaardeerde beroepen. Allemaal mensen die veel aandacht krijgen in de media: topvoetballers, trainers, ministers of de premier. De bisschop en de priester zijn op dit moment natuurlijk kop van jut.”

Van Liedekerke heeft recht van spreken. Dik twintig jaar geleden, in 1988, nam hij met collega’s aan de K.U.Leuven al een gelijksoortige enquête af. “Toen zag je dat verpleegsters heel erg gewaardeerd werden. Geen toeval, want onze enquête is afgenomen ten tijde van de witte woede. Wat de kassabediende betreft, helemaal onderaan de lijst billijke salarissen: het zou me niet verbazen moest de hele Carrefour-saga op ons medeleven inspelen.” Vooral de voetballers liggen vandaag zwaar onder vuur. Ze scoren hoog in de top-10 van de geschatte lonen, bij de toppers onder de billijke lonen zet u ze zonder verpinken pas op een gedeelde zevende plaats. “In welke mate dragen zij bij aan onze welvaart?”, vraagt Luc Sels zich af. “Voetbal is collectief overgewaardeerd. Spelers in tweede en derde klassen rijden nog rond met een auto van de club. Maar een tennisser die niet in de top-100 meedraait heeft al meer kosten dan opbrengsten. De meeste sporters draaien op subsidies. Vele sportlui lijden onder het verkeerde imago dat enkele toppers uitstralen.”

De media hebben er een hand van weg enkel de uitschieters uitvoerig te belichten. Denk aan Manchester United-spits Wayne Rooney, en zijn respectabele weeksalaris van 280.000 euro. Ter vergelijking: een doorsneespeler van de Belgische middenmoter Westerlo strijkt jaarlijks 42.000 euro netto op. Niet slecht, maar zeker geen hoogvliegers. Van Liedekerke: “Dezelfde verdeling geldt voor salarissen in entertainment: relatief laag voor de meerderheid, met een paar uitschieters. Vergelijk het met de Lotto.”

Onwetendheid troef, zo kan je het algemene oordeel over de hoogste lonen samenvatten. 8.250 euro netto per maand als geschat salaris voor een bedrijfsleider (10.000 werknemers), 7050 euro netto voor een hersenchirurg: twee keer schromelijk onderschat. Van Liedekerke: “Mensen kunnen hoogverdieners niet goed inschatten, zoals een notaris, hartchirurg of bedrijfsleider. Er zijn ook gewoon minder hersen- of hartchirurgen. We weten er amper iets over. Terwijl zo iemand makkelijk tussen 15 à 20.000 per maand kan verdienen. Op het loon van een verpleegster en een kassierster heeft men een duidelijker zicht, dat zijn courante beroepen.” Luc Sels: “Wie aan de top zit, heeft vanzelfsprekend meer zicht op de werknemers en de lonen daaronder. Omgekeerd is omhoogkijken veel moeilijker voor de laagverdieners.”

Zes sectoren ondergewaardeerd

Hoeveel zouden deze beroepen volgens u meer moeten opleveren? (in %)

 

Top 15 ondergewaardeerde beroepen, mediaanpercentages per beroep

1. landbouwer +23%
2. onthaalmoeder +18%
3. bejaardenverzorger +16%
4. huishoudhulp +14%
5. brandweerman +14%
6. verpleger +14%
7. kamermeisje +14%
8. kuisvrouw/man +14%
9. verpleegster +13%
10. ambulancier +13%
11. schoonmaker +12%
12. vuilnisophaler +11%
13. kelner +11%
14. vroedvrouw +10%
15. cipier +10%

Bij de lijst met ondergewaardeerde beroepen spelen compensatie en emoties (waardering, medelijden) een sterke rol, aldus Luc Van Liedekerke. “Denk aan een bejaardenverzorger of een onthaalmoeder. Zorg, voor kinderen en ouderen, waarderen we erg sterk. En willen we beter vergoed zien. Bij een vuilnisophaler denkt men allicht ‘je moet het maar willen doen’. En men compenseert. Die beroepen weerspiegelen op hun beurt de huidige sociale hiërarchie: we zien ze helemaal niet als ideale banen. De lage lonen maken dat soort jobs minder aantrekkelijk.” Luc Sels: “De ondergewaardeerde beroepen vinden we vooral in de zachte, de verzorgende sectoren. Die kunnen op veel respect rekenen omdat we er allen in min of meerdere mate van afhankelijk zijn. Ook de landbouwer scoort hoog. Het beeld dat de mensen krijgen is dat van een aftakelende sector waarin de boeren hard moeten werken. Zij betogen geregeld in Brussel om hun ongenoegen te uiten. Dat geldt evenzeer voor de verpleegsters en andere beroepen uit de verzorgingssector.”
   
Afsluiten doet Luc Van Liedekerke, met een bespiegelende noot. “Geld is vandaag een erg belangrijke parameter van sociale erkenning, van status. De Engelse antroploge Mary Douglas beschrijft hoe vroeger het hele dorp nog naar de begrafenis van een postbode ging, niet omdat hij zo'n goeie postbode was, maar omdat hij een rol vervulde in de dorpsgemeenschap. Omdat diens sociale functie toen wél nog sterk naar waarde geschat werd. Nu ligt dat helemaal anders.”

Ga terug naar het coververhaal

Verschenen in Vacature Magazine op 20/11/2010

DISCUSSIEER MEE: welk beroep mag volgens jou wat meer loon krijgen, welk beroep moet inleveren?