Werk en wereld:Geen auto, geen huis, wel een laptop

Ze reizen van de Thaise stranden naar de Argentijnse gletsjers. In hun tas zit een reisgids, wat vakantiespullen én hun broodwinning: een laptop. Digitale nomaden werken van onder een palmboom. Of hoe internet de wereld van het werk voorgoed veranderd heeft.

- “Ik heb met klanten gemaild vanuit het Krügerpark in Zuid-Afrika en een website in elkaar geknutseld op het strand in Thailand.”
- “En ik had een skypemeeting aan de voet van een gletsjer in Patagonië, Argentinië.”

Ine Dehandschutter en Catherine Van Holder zijn geen gewone zelfstandigen. Dit eigentijdse koppel combineert werken met zwerven. Digital nomads, neonomaden, laptophobo’s of in het Frans bedouïn digital: er wordt mondiaal nog wat gebikkeld over de standaardterm, maar deze thirty-somethings bewijzen dat ze bestaan. Ine en Catherine noemen zichzelf nunomads: nieuwe nomaden. Ine bouwt websites, Catherine is online marketeer. Ze reizen met een laptop onder de arm van de ene naar de andere exotische bestemming. Vergaderen doen ze via virtuele conferenties, draadloos internet vangen ze in Starbucks of in internetcafés.

"Maar hier vonden we nog iets veel beter", vertelt Ine in Buenos Aires. Na Zuid-Afrika, Thailand en Brazilië streken de e-workers neer in Urban Station. In deze kanariegele kantoorruimte in Palermo, de hipste wijk van Buenos Aires, klinkt lounge muziek. De airco draait op volle toeren. Hier wordt meer Engels en Frans gesproken dan Spaans. In de ruimte werken een Amerikaan met een internetbedrijf, vier Britten die wereldwijd via Skype aan recruiting doen en een paar Argentijnse designers. "Echt de plek die je als freelancer nodig hebt: strak design, koffie, toast en fruit à volonté, en andere inspirerende creatievelingen om je heen."

Het grote verschil tussen pakweg Starbucks en Urban Station, is dat je in de laatste kan printen, een vergaderzaaltje huren of gratis telefoneren. Wie wil, springt onder de middag even op de kantoorfiets om wat stoom af te blazen. De dames betalen 3 euro per uur. Starbucks verkoopt koffie, Urban Station verkoopt kantoortijd.

Reizen deze nomaden in het Zuiden omdat dit goedkoper is? Catherine nuanceert: “Sommige lowcostlanden zijn op zich goedkoper, maar tijdelijke logies zijn steevast duurder dan een lang huurcontract. Op sommige plaatsen moesten we ook een auto huren. Dat tikt aardig aan.”

“We willen niet zozeer met minder rond komen,” verduidelijkt Catherine. “We willen meer levenskwaliteit, rijker leven voor hetzelfde geld. Wij proberen rond te komen met een gemiddeld maandloon. In Thailand en Kaapstad lukt dat behoorlijk, in Argentinië minder. Maar we krijgen er veel meer voor in de plaats: we wonen aan parelwitte stranden, smullen elke dag scampi's, mediteren in boeddhistische tempels of leren surfen. Allemaal dingen die we niet kunnen doen in België.”

Alles in één tas

"Ik heb geen auto, geen huis en geen meubelen", vertelt Stefan Geens. Deze veertiger heeft als standplaats Stockholm. "Tijdelijke standplaats", verbetert hij. "Al mijn spullen passen in één tas. Mijn muziek, mijn foto's én mijn boeken zijn digitaal. Dus als ik het hier beu ben, verhuis ik weer. Ik denk nu aan Mumbai."

Als zoon van een diplomaat zit het nomadisch bestaan hem in het bloed. De vrijgezel werkte in New York, Stockholm, Caïro en Shanghai. "In 2002 had ik het zo'n beetje gezien bij mijn werkgever, een financieel persbureau in de VS. Vrienden in Zweden hielpen me bij het Zweeds Instituut aan een job als websitebouwer. In 2006 kreeg ik de opdracht een virtuele ambassade te bouwen in Second Life (een geanimeerde sociale media-site, nvdr)”, vertelt Geens.
"Dat kon ik in principe vanaf elke plaats op aarde doen. Ik had vrienden in dezelfde branche in Caïro, én een beetje gespaard, dus dacht ik: 'Waarom probeer ik het daar niet?' Er was weliswaar een maandelijkse vergadering in Zweden, maar de vluchten tussen Caïro en Stockholm zijn goedkoper dan de extra huishuur in Stockholm. Vanuit Caïro ben ik gaan reizen in Jemen, Ethiopië en Midden-Egypte.”

Stefan werd, zonder het te willen, een digitale nomade. Met de laptop onder de arm vertrok hij naar China. Hij leerde Chinees en trok door Azië. Die levensstijl beviel hem: “Je hebt geen nutteloze vergaderingen zoals op kantoor en de mensen in een WiFi-café komen niet roddelen over mijn collega’s. Maar deze levensstijl is niet voor iedereen weggelegd. Je moet behoorlijk perfectionistisch zijn. Je werkgever of klant moet niet weten of je dagelijks acht uur aan je bureau zit. Hij moet tevreden zijn met het resultaat."

Lifestyle designers

Een nine to five-job zien ook de nomaden Catherine en Ine niet meer zitten. "Niet meer van deze tijd", beweert Catherine. "Onze ouders waren of gek van kleinkunst, of van The Rolling Stones. Maar onze generatie luistert naar jazz, electro én klassieke muziek. Ook qua werk zijn we flexibeler. Digitale nomaden ontwerpen hun eigen leven."

De wereldreizigers halen de mosterd voor hun levensfilosofie bij Tim Feriss, de Amerikaanse schrijver van het boek 'Lifestyle Design'. Ze zijn het met hem eens dat iedereen anno 2011 zijn eigen leven kan inrichten, zowel inhoudelijk als qua tijdsverdeling. Sociaal opgelegde formats zijn passé.

Mag iedereen dan binnenkort de deuren van het kantoor definitief dichtslaan? Kunnen we met zijn allen gaan liften op de digitale snelweg? “Deze manier van leven is vooral weggelegd voor digitale beroepen”, relativeert Catherine. “Programmeurs, webdesigners, online marketeers, copywriters... Maar hier in Buenos Aires leerde ik een neonomade uit New York kennen. Hij werkt als psycholoog en houdt zijn consultaties via Skype."

Digitale nomaden mogen dan al werkend de wereld zien, maar hebben ze eigenlijk ooit echt vakantie? Die draagbare computer is toch altijd mee? “Het is wennen”, geeft Ine toe. “Je moet er goed mee omspringen. Dat moet je leren, die dingen uitzetten. En je moet bewust meedelen aan je klanten dat je er soms gewoon niet bent. Dan kan het best zijn dat we even aan het zwembad liggen, om dan na een half uurtje weer verder te werken. Die tijd zouden we normaal aan vergaderingen kwijt zijn. Maar van een plons in het water kikker je meer op", lacht ze.