Werk en Wereld: Canada, het beloofde land voor duizenden Belgische werknemers

Jaarlijks laten een kleine 1.500 goed gekwalificeerde landgenoten de Belgische arbeidsmarkt voor wat ze is en trekken naar Canada, om daar aan de slag te gaan. Voor duizenden andere landgenoten eindigt de Canadese droom bij de immigratiediensten. Canada mag dan al een bijzonder populaire migratiebestemming zijn, het land hanteert vooral een streng en goed doordacht migratiemodel, waarin geen plaats is voor politieke improvisatie.

Clichés hebben altijd een grond van waarheid. Als Canada zich de voorbije decennia kon ontpoppen tot de populairste niet-Europese migratiebestemming voor Belgen, dan heeft dat veel zoniet alles te maken met de reputatie als immigratieland bij uitstek. Eén op zes Canadezen heeft vandaag buitenlandse roots, en als het beloofde land ooit bestaan heeft, dan moet het er zowat als een gedateerde versie van het hedendaagse Canada hebben uitgezien. Veel ongerepte natuur, hippe steden, een hoge levenskwaliteit en een stevig uitgebouwde sociale zekerheid: een op het eerste zicht bijzonder aanlokkelijke mix die wereldwijd mensen aan het dromen zet. Al is het verhaal natuurlijk iets minder prozaïsch dan dat: elk jaar opnieuw dromen miljoenen kandidaat-migranten ervan om in Canada een nieuw leven op te bouwen, maar finaal overleven er ‘maar’ 250.000 de strenge Canadese selectiecriteria in de jacht op een permanente verblijfsvergunning. Zij kunnen na drie jaar ook de Canadese nationaliteit aanvragen. Daarnaast ontvangen jaarlijks nog eens 180.000 nieuwkomers een tijdelijke werkvergunning. Canada schuimt wereldwijd dan wel de arbeidsmarkt af op zoek naar veelbelovende kandidaten, het gaat daarbij in eerste instantie uit van de eigen noden en hanteert op dat vlak een bijzonder selectief en doordacht migratiebeleid.

Illustratief op dat vlak is de jaarlijkse jobbeurs ‘Destination Canada’ die ook in ons land almaar meer bijval kent: vorig jaar goed voor zowat 8.000 aanvragen van belangstellenden, waarvan er uiteindelijk 720 geselecteerd werden om in Brussel kennis te komen maken met een aantal Canadese werkgevers. En waarvan de professionele en technische bagage of de bredere ervaring overeenstemden met de actuele noden op de Canadese arbeidsmarkt.

Dat Canada onder meer in ons land met meer dan gewone gretigheid jacht maakt op veelbelovende profielen, heeft natuurlijk veel te maken met de taalkundige situatie in het land. Net geen 20 procent van de 34 miljoen Canadezen hebben het Frans als moedertaal, en laat in de provincie Québec nu ook de vergrijzing bijzonder hard toeslaan. “Maar vergis je niet, ook in enkele andere provincies is en blijft het Frans vandaag bijzonder belangrijk, zodat Franstaligen in Canada toch heel wat kanten uit kunnen”, stelt Louise Van Winkle, hoofd van de immigratieafdeling op de Canadese ambassade in Parijs. “Daarnaast zijn natuurlijk ook mensen die een behoorlijk mondje Engels spreken bijzonder welkom.“

Anno 2011 blijft grootstad Toronto de grootste aantrekkingspool binnen Canada: zowat de helft van de inwoners is daar van buitenlandse origine. De aantrekkingskracht van Canada op buitenlandse werkmigranten laat zich overigens niet enkel verklaren door het aangename woonklimaat of de goede sociale zekerheid. Canada doorspartelde de economische crisis van de voorbije jaren ook zonder al te veel kleerscheuren en de werkloosheidsgraad schommelt er momenteel rond 7 procent. De economie groeit er nu ook al zeven kwartalen na elkaar, en volgens het IMF zal het land dit jaar en volgend jaar een van de hoogste economische groeicijfers van alle G7-landen laten optekenen.

Labour market opinion

Louise Van Winkle windt er geen doekjes om: de strijd om talent wordt vandaag internationaal én op alle fronten uitgevochten, en dus vissen de Canadezen ook zonder al te veel schroom in andere vijvers. “We hebben een handvol troeven en spelen die ook uit op de internationale arbeidsmarkt. In Canada krijgen de partners van buitenlandse werknemers bijvoorbeeld meteen een soort ‘open werkvergunning’. Dat geldt in sommige provincies zelfs voor meerderjarige kinderen van immigranten. Ook zij kunnen daar automatisch een werkvergunning krijgen als één van hun ouders de nodige papieren kan versieren en om economische redenen kan immigreren. Die soepele regelgeving helpt ons om nogal wat mensen over de streep te trekken. Idem dito overigens voor de verblijfsvergunningen. Canada is een van de weinige landen ter wereld waar je als buitenlander vanaf de eerste dag kans maakt op een permanente verblijfsvergunning met alle rechten die daaraan verbonden zijn.”

Kandidaat-immigranten die niet voldoen aan de criteria voor een permanente verblijfsvergunning, kunnen eventueel wel een tijdelijke werkvergunning krijgen. Indien het licht daarvoor op groen wordt gezet, kan die in lengte variëren van enkele weken tot drie jaar. Afhankelijk van de noden van de werkgever en van het bijhorende arbeidscontract dat je voorgeschoteld krijgt. Met andere woorden: Canada schuimt inderdaad de internationale markt af op zoek naar profielen waaraan in het land een grote behoefte bestaat, maar het is een illusie te denken dat iedere hond met een hoed op zomaar in Canada aan de slag zou kunnen. Vooral de fel begeerde permanente verblijfsvergunning is immers aan heel wat strenge criteria onderworpen. Dat gaat in eerste instantie over een arbeidscontract van onbepaalde duur, maar de Canadezen kijken ook een stuk verder dan hun neus lang is. Louise Van Winkle: “Wat als de man of vrouw in kwestie op een gegeven moment zonder baan valt? Dan moet hij of zij zich uit de slag kunnen trekken en ook opnieuw inzetbaar zijn op de Canadese arbeidsmarkt. Dat wil zeggen: Engels en of Frans spreken, over een goed diploma beschikken, de nodige ervaring kunnen voorleggen in een bepaalde sector, eventueel over naaste familie over een lokaal netwerk beschikken, noem maar op. Voor een tijdelijke verblijfsvergunning zijn de voorwaarden een stuk soepeler, en worden ze in eerste instantie bepaald door de werkgever die de werknemer in kwestie naar Canada haalt. En ook dat kan niet zomaar: alvorens in het buitenland op zoek te gaan naar geschikte werknemers, moet een Canadese werkgever aantonen dat hij voldoende inspanningen heeft gedaan om in Canada zelf mensen te vinden. Meer nog: het bedrijf in kwestie moet een zogenaamde ‘Labour Market Opinion’ kunnen voorleggen. Een soort onderzoek waarin bekeken wordt of de aanwerving van de buitenlandse werknemer een positieve impact zal hebben op de Canadese arbeidsmarkt. Dat kan gaan van de ontwikkeling van nieuwe producten tot het openen van nieuwe markten voor een bedrijf. Omgekeerd moeten kandidaat-migranten vooraf ook een uitgebreide vragenlijst invullen, om na te gaan of ze op basis van hun achtergrond en ervaring wel in aanmerking komen voor een verblijfsvergunning.”

Honderden miljoenen dollars

Enig opportunisme is de Canadezen dus niet vreemd, maar Van Winkle stipt aan dat het Canadese migratiemodel dan ook veel meer is dan zomaar een amalgaam van tijdelijke maatregelen. “We hebben de voorbije jaren veel onderzoek gedaan naar het integratietraject van nieuwkomers op de Canadese arbeidsmarkt: wat maakte dat sommigen onder hen slaagden en anderen mislukten? Waar schoten wij te kort inzake informatie of inburgeringstrajecten, en wat waren de beslissende factoren bij een geslaagde inburgering? En ja, ons migratiemodel beschermt in eerste instantie de belangen van Canada zelf, maar het gaat verder dan dat. Heeft het zin om migranten binnen te laten die geen schijn van kans maken om ooit in Canada aan de slag te gaan? Worden die migranten zelf daar dan beter van? We krijgen wel eens het verwijt dat wij een hard migratiebeleid voeren, maar daar ben ik het niet mee eens: 60 procent van de migratie naar Canada is puur economisch, de resterende 40 procent is humanitair van aard. Bij die groep oordelen we puur op basis van bestaande familiebanden met Canadese staatsburgers – familiehereniging zeg maar – of op basis van echt humanitaire criteria. Willen we die groep mensen kunnen blijven verwelkomen, dan kunnen we niet anders dan bij de economische migratie strenge spelregels te hanteren.”
Ook voor politieke improvisatie of partijpolitieke spelletjes lijkt er in Canada weinig plaats: elk jaar opnieuw moet de minister van migratie een plan voorleggen aan het parlement waarin de beleidsresultaten van het voorbije jaar en de noden voor het volgende jaar worden geschetst. Dat gaat dan van het aantal migranten waaraan nood is over de verdeling volgens sectoren en categorieën tot het aantal tijdelijke werkvergunningen dat kan worden uitgereikt. De resultaten van die analyse en de planning kunnen door iedereen online worden geraadpleegd.

“Daarnaast besteden wij jaarlijks vele honderden miljoenen dollars aan het onthaal en de opvang van nieuwkomers”, klinkt het nog. “De strenge toelatingscriteria kunnen dus niet los worden gezien van de zware inspanningen om migranten te onthalen en te helpen bij hun inburgering.” Vorig jaar kregen zowat 700 landgenoten uiteindelijk een definitieve verblijfsvergunning voor Canada. Nog eens zoveel mochten zich in een tijdelijke verblijfsvergunning verheugen. Ingenieurs, informatici, technische beroepen en specialisten in de gezondheidszorg blijken veruit het meest gegeerd. Niet toevallig ook profielen die in België de lijst met knelpuntberoepen aanvoeren, en nog maar eens een bewijs dat de concurrentieslag om talent tegenwoordig wereldwijd wordt uitgevochten.
Hamvraag in deze: kan Europa lessen trekken uit het Canadese migratiemodel? Of maakt alleen al de puur geografische ligging van Canada – voor een groot deel omringd door ontoegankelijk poolgebied en oceanen – elke vergelijking in die zin totaal zinloos?

“Ik denk dat geen enkel model zomaar naadloos kan worden overgenomen. Je kan er natuurlijk een aantal interessante aspecten van overnemen, maar ook het zogenaamde Canadese model is permanent in evolutie. Enkele jaren geleden bijvoorbeeld was het een stuk eenvoudiger dan vandaag om op federaal niveau – en dus niet bij de provincies - een werkvergunning aan te vragen. In die mate zelfs dat we op een gegeven ogenblik tegen een berg van ruim 1 miljoen aanvragen aankeken die één voor één bekeken en geëvalueerd moesten worden. Omdat we eenvoudigweg niet over voldoende mensen beschikten om al die aanvragen binnen een redelijk tijdsbestek te behandelen, hebben we de criteria op dat vlak een pak strenger gemaakt.”

Meer info?
www.destination-canada.be