"Wee je gebeente als je nu nog een vlucht durft boeken"

Elk week geeft columniste An Olaerts haar ongecensureerde kijk op de arbeidsmarkt en de wereld ver daarbuiten.

 

Het is op YouTube te doen. Al kan het evengoed Brussel Noord zijn, niet ver van Zaventem, met kantoorgebouwen, ramen en vensterbanken op elkaar gestapeld onder het blauwe begin van de werkdag. Helemaal normaal. Tot er ineens iets uit de lucht komt gevallen. Je ziet eerst niet wat, maar het leeft, want het beweegt. En als het langs de hoek van het dak afschampt is er bloed.

Een rood wolkje spat op, bijna schattig. Daarna loopt er een veeg over het beton. Het beest valt verder, tien meter per seconde in het kwadraat, tot aan de stoeptegels. Het is een ijsbeer, groot, wit en dood. Er vallen nog beren, moeder beer, vader beer en een hele hoop arctische neven en nichten. Ze kletsen allemaal neer op het trottoir en op geparkeerde carrosserie. De plof is droog en dof, telkens goed voor 400 kilo berendood. Kop, tanden, pels en geknakte wervels inbegrepen. De bedenker van het filmpje heeft het zo gewild. Omdat 400 kilo het gewicht is van één passagier op een Europese vlucht. Niet in koffers en mensenrommel, maar in uitstoot. 

Het berenspotje is gemaakt voor Plane Stupid, een nogal felle organisatie uit Engeland die campagne voert omtrent de luchtvaart. We vliegen te veel, te ver en te hoog, vinden die van Plane Stupid. Luchthavens zijn niet goed voor de planeet. De boodschap is zo duidelijk dat het pijn doet. Wee je gebeente als je nu nog een vlucht durft boeken. Stel je voor, gewoon voor de lol, ook nog. Zonder fatsoenlijke reden, want laat ons wel wezen, al wat tegenwoordig op een vliegtuig stapt, is binnen de veertien dagen terug thuis. Dat maakt twee ijsberen in het totaal. Tenminste als je geen vakantie heeft geboekt naar pakweg Frisco en LA. Want zulke vluchten zijn Transatlantisch en daarmee nog veel erger dan Europees.

Kortom, op Zaventem zien ze mij voor het eerst niet meer. Ook al eet ik er graag zeesteak met gebetonneerde puree in het zelfbedieningsrestaurant. Met uitzicht op het tarmac. Ooit was het magie vanachter vensterglas, maar na de beren nooit meer. Het is om de kramp van te krijgen. Want hoeveel  mensen werken er op Zaventem? Ruim 20.000. Genoeg om ze niet allemaal in je living te willen. Veel te veel om er ruzie mee te willen.

De oplossing wringt langs alle kanten. Ik heb namelijk niet genoeg pretentie om tegen 20.000 mensen te zeggen dat ze maar moeten opzouten omdat hun werk niet goed is voor Moeder Aarde. Oh nee, ik durf tegen niemand zeggen dat 400 kilo dode ijsbeer mij veel verdriet doet, zelfs niet tegen een Zaventems poetsvrouwtje van 45 kilo. Bovendien zitten we al een hele poos met een crisis. Er zijn al genoeg mensen hun job kwijt. Zonder dat ik als onnozele verbruiker overga tot een kleine boycot van Zaventem. Want voor je het weet, ben ik met 5.000 en hebben ze in de vertrekhal op Zaventem de verwarming al afgezet. Kortom, ik krijg de vliegende koppijn van de vallende berenboodschap. Misschien is het daarom beter dat ik me voorlopig op mijn eigen deadline concentreer en YouTube dichtklik.