"Wanneer krijgt de RVA eindelijk meer slagkracht?"

Elke week geeft een van onze journalisten zijn mening over een thema uit de economische actualiteit. Filip Michiels vraagt zich af waarom de hervorming van het werkloosheidssysteem zo lang op zich laat wachten.

Je kijkt er ongetwijfeld ook altijd naar uit, die oergezellige familiefeestjes waar nonkel Frans pas echt een vrolijke Frans wordt nadat hij de nodige borrels achterover heeft gekapt. Mogen we je een gespreksonderwerp aan de hand doen om wat sneller ambiance in de keet te brengen? De werklozen, en dan liefst nog de langdurig werklozen: altijd goed voor wat deskundige meningen en extra sfeer aan tafel. Nonkel Frans en tante Yvonne zullen het voor één keer roerend eens zijn: profiteurs, werkschuw tuig is het. Waarna neefje Carlo het  prompt danig op zijn heupen krijgt: hoe is het mogelijk, die niets ontziende jacht op de werklozen, in deze tijden van crisis?

Wie nu werkloos wordt en ouder is dan 25, moet zich in december 2011 een eerste maal bij de RVA aanbieden voor een grondige evaluatie van de zoektocht naar werk. Werkzoekenden die dan door de mand vallen, krijgen nog eens vier maanden extra om hun leven te beteren en hun uitkering niet te verliezen. Vakbondsleiders die vandaag in alle ernst beweren dat er een jacht op de werklozen bezig is, vertellen dus populistische toogpraat. Ook de naakte cijfers – 14.000 schorsingen op een totaal van ruim 680.000 vergoede werklozen  – geven aan dat er van een heksenjacht hoegenaamd geen sprake is.

Tegelijk is het huidige systeem ongetwijfeld rijp voor verbetering. Als zelfs enkele toplui van RVA tussen de lijnen toegeven dat het wel héél lang wachten is op een eerste grondige evaluatie van het zoekgedrag, dan moeten politici én sociale partners dat signaal ernstig nemen. Die termijnen – 15 of 21 maanden – zijn het resultaat van een politieke consensus in 2004. De Chinezen leerden toen nog volop tellen, de Indiërs overleefden op een dieet van rijst en noedels en wij verkeerden in de waan dat de gebraden kippen uit de hemel zouden blijven vallen. Niet dus, en in de huidige economische context is het onbegrijpelijk dat sommige politici en vakbondsleiders halsstarrig weigeren om de RVA meer slagkracht te geven.

Maar ook de werkzoekenden zelf hebben reden tot klagen: het taaltje dat de RVA hanteert, is zelfs voor de doorsnee universiteitsstudent onbegrijpelijk, de samenwerking tussen RVA en VDAB kan stukken beter en de starre en verouderde wetgeving straft elke zin tot initiatief van werkzoekenden meedogenloos af. Aanpassen en moderniseren dus, die hele handel.

Filip Michiels, redacteur Vacature