Foutmelding

  • There are no workflow states available. Please notify your site administrator.
  • There are no workflow states available. Please notify your site administrator.

Testosteron kan uw carrière maken of kraken

Testosteron speelt niet alleen op de beursvloer een rol. Ook bij leiderschap komt het hormoon heel nadrukkelijk in beeld. Al denkt gedragsbioloog Mark Nelissen dat daar in de toekomst mogelijk verandering in komt. “We evolueren naar een minder mannelijk economisch model.”

In 2004 verscheen ‘Testosterone Inc’ van de Amerikaanse journalist en schrijver Christopher Byron. Een boek dat prompt heel wat stof deed opwaaien. Niet zonder reden: het beschrijft de af en toe exuberante handel en wandel van vier Amerikaanse ceo’s die scheve schaatsen rijden, frauderen en zichzelf en hun bedrijf onherroepelijk de afgrond in duwen. Een verhaal vol seks, overmoed, narcisme en haantjesgedrag. Over de ware toedracht was de titel van het boek duidelijk: testosteron. Mannen die hun hormonen niet onder controle hadden. Maar waar dient testosteron voor? En hebben mannen met een overdaad aan testosteron daadwerkelijk de neiging om over de rooie te gaan? Robert Josephs, professor sociale psychologie en lid van het instituut voor Neurowetenschappen van de Universiteit van Texas: “Testosteron is bij de mens gerelateerd aan onder meer seksuele drive, maar evenzeer aan macht en sociale dominantie. Dat is niet alleen bij mannen zo: ook vrouwen met meer testosteron in hun lichaam zijn sociaal dominanter. En hebben meer zin in seks.”

Mark Nelissen, gedragsbioloog aan de Universiteit Antwerpen: “Je moet er altijd voor oppassen om complex menselijk gedrag te reduceren tot enkele factoren, laat staan tot één factor. Maar leiderschap is bij mensen duidelijk gelinkt aan testosteron, dat klopt. En dan gaat het in de eerste plaats om opklimmen in de hiërarchie: mannen hebben behoefte aan een verticale rangorde, veel meer dan vrouwen. Ze willen hogerop. Met leiderschap als ultieme doel. Dat hangt ook samen met competitiegeest: je moet anderen opzij zetten om leider te kunnen worden.” Robert Josephs: “Mensen met veel testosteron houden van competitie, mensen met minder niet. Zij gaan liever op basis van gelijkwaardigheid met anderen om. Zij raken niet extra gemotiveerd door het beter te doen dan iemand anders.” Mark Nelissen: “Het gaat in de eerste plaats om vrouwen: zij hebben maar een zevende van de hoeveelheid testosteron van mannen. Vrouwen functioneren anders: zij denken horizontaler en zijn meer op samenwerken gericht. De eigenschappen die traditioneel aan vrouwen toegeschreven worden – altruïsme, samenwerking, empathie -  hebben een biologische basis. Vrouwen en mannen hanteren verschillende vormen van leiderschap. Eenvoudig gezegd kan je het als volgt samenvatten: mannelijke leiders willen de afstand tussen hen en de nummer twee in de hiërarchie zo groot mogelijk houden, vrouwelijke leiders zo klein mogelijk.”

Vrouwen zijn voorzichtiger

Kan een overdaad aan testosteron leiden tot overmoed en foute beslissingen bij ceo’s en leidinggevenden? “Het zou kunnen dat testosteron bij sommige mensen te veel stijgt, waardoor ze onder meer daardoor foute beslissingen gaan nemen, maar dat weten we nog niet. Er komen sowieso heel veel factoren bij kijken”, zegt Mark Nelissen.  Toch is overmoed en het nemen van riskante beslissingen gelinkt aan testosteron. En niet alleen op de beursvloer. Zo toonde Nederlands onderzoek van Graydon enkele jaren geleden dat vrouwelijke ondernemers veel minder failliet gaan dan hun mannelijke collega’s. De cijfers waren duidelijk: van de vrouwelijke ondernemers ging volgens het onderzoek 14,6 procent failliet, tegenover 85,4 procent bij de mannen. De reden, volgens de onderzoekers: vrouwen wegen langer voor- en nadelen af vooraleer ze beginnen met een eigen onderneming en bereiden zich ook beter voor. “Mannen nemen meer risico’s als ze meer testosteron in hun lichaam hebben, dat is bekend”, aldus Mark Nelissen. “Vrouwen zijn om dezelfde reden op lange termijn betere beleggers dan mannen. Ze nemen niet de extreme risico’s die mannen nemen. Kan je dat extrapoleren naar de bankencrisis die we gehad hebben? Ja, daar ben ik zeker van. Mochten meer vrouwen de touwtjes in handen hebben, zouden er veel minder problemen geweest zijn. Om de simpele reden dat vrouwen veel minder onverantwoorde risico’s nemen. En zonder bankencrisis hadden we nu toch minder economische problemen.”

Zo blijkt uit een onderzoek uit 2007 van Catalyst, een Amerikaans onderzoeksbureau, onder de 500 grootste bedrijven in Amerika dat het aandeelhoudersrendement van bedrijven met meer vrouwen in de top 53 procent hoger is dan bij door mannen geleide organisaties. Het verkoopresultaat ligt 42 procent hoger en het rendement op geïnvesteerd kapitaal is 66 procent hoger. Duidelijke cijfers, maar sommigen wijzen er meteen aan dat er niet noodzakelijk een oorzakelijk verband hoeft te zijn met de aanwezigheid van meer vrouwen.

Wat er ook van zij, op de beursvloer is de rol van testosteron vrij duidelijk: wie meer testosteron heeft, maakt ook meer kans op succes. En wie meer succes heeft, krijgt meer testosteron. Hamvraag: werkt het ook zo bij leiderschap en succes in het algemeen? John Coates van de universiteit van Cambridge: “Wellicht geldt het voor iedereen die een leidinggevende positie bekleedt. Het zijn dezelfde mechanismen. Maar ik heb daar voor alle duidelijkheid geen onderzoek naar gedaan.” Mark Nelissen: “Daar is onderzoek naar gedaan: leiders van bedrijven hebben gemiddeld een hoger testosteronniveau. Maar je moet daar mee opletten: is dat de oorzaak of het gevolg? Het is de discussie van de kip en het ei, en dat is heel delicaat. Mensen worden leiders omdat ze meer testosteron hebben, maar ze hebben ook meer testosteron omdat ze leider geworden zijn. Wie meer testosteron heeft, heeft dus wellicht een voorsprong.” Kan je dan in principe ook testosteronpillen nemen om je kansen op succes te vergroten? John Coates lacht. “In theorie wel, maar dat zou ik je niet aanraden. Je rommelt beter niet met je hormonenhuishouding. Het is alsof je rijdt in een sportauto met turbomotor en zonder remmen: je stevent gegarandeerd af op een crash.”

Meer vrouwen naar de top

Mark Nelissen maakt nog een opvallende vaststelling: testosteron kan ook iemands carrièrekeuze beïnvloeden. Zo kiezen mannen en vrouwen met een meer dan gemiddeld gehalte testosteron makkelijker voor risicovolle beroepen. Zoals de financiële sector. Maar volgens Nelissen reikt de invloed van testosteron nog veel verder dan dat. De gedragsbioloog ziet duidelijke aanwijzingen dat we vandaag in een mannelijk economisch systeem leven, waar competitiedrang de boventoon voert. “Bijna alle politieke stelsels steunen op de mannelijke suprematie. Ook in bedrijven merk je dat. Apple werd groot door de dominantie van Steve Jobs. Hij besliste hoe het moest zijn en doordat hij een capabele man was, heeft Apple prachtige dingen gemaakt. Maar er zit ook een schaduwzijde aan het systeem: het brengt veel stress met zich mee. Als je altijd maar wil opklimmen, sta je ook constant onder druk. Dat houdt niet iedereen vol. Om die reden zou de vrouwelijke benadering – minder boven anderen willen uitstijgen en meer samenwerken – in de toekomst rendabeler kunnen worden. Ik verwacht ook dat die switch er komt, in pakweg de komende honderd jaar. Het mannelijke gedrag gaat afkalven, omdat dat niet meer vol te houden is. De stress weegt te zwaar door. Er komt meer samenwerking en meer vrouwen stromen door naar de top.” Dat er vandaag al vrouwen aan de top staan, vindt Nelissen geen bewijs dat het systeem nu al aan het veranderen zou zijn. “De vrouwen die nu aan de top staan in de bedrijfswereld, krijgen hun plaats door zich als man te gedragen. Ze hebben ook meer testosteron in hun lijf, is al gebleken uit onderzoek. Denk aan Margaret Tatcher: dat is hét schoolvoorbeeld van een vrouw die zich heel mannelijk gedroeg. En ze is lang niet de enige. Het testosteronmechanisme speelt dus ook bij vrouwen. Ook al is het heel relatief, natuurlijk: vrouwen hebben zoals gezegd amper een zevende van het testosteronpeil van mannen. Dat is een enorm verschil.”

Een laatste vaststelling is dat veel mannelijke leiders – of ze nu in de politiek, bedrijfswereld, sport of elders actief zijn – ook op seksueel vaak haantje de voorste zijn. Geen toeval, maar aan een overdaad aan testosteron is het niet noodzakelijk te wijten, aldus Mark Nelissen. “Testosteron is op zich onvoldoende om dat te verklaren. Testosteron is maar een mechanisme, meer niet. Nee, de reden is simpel: macht erotiseert. Er is in onze evolutie een verband tussen macht en voortplantingssucces. Vrouwen zoeken mannen met de meeste dominantie, omdat die de beste waarborg zijn voor goeie genen. Dat is bij ons geen bewust proces, maar het zit wel in onze genen. En we weten dat mannen biologisch zo in elkaar zitten dat ze zo veel mogelijk bevruchtingen nastreven. Mannen in leidinggevende posities maken van hun situatie gebruik om dat te realiseren.”

Terug naar het coververhaal 'Testosteron'