Succestape: “Ik hanteer een rondlummelende managementstijl”

De statistieken vertellen me dat ik minstens nog twintig jaar heb. Dat moet volstaan om een goeie vervanger te vinden.”

Jim Goodnight (67), oprichter van softwareproducent SAS Institute

Het zakenblad Forbes zet hem op nummer 141 van 's werelds miljardairs met een geschat fortuin van 5,8 miljard euro. Maar Jim Goodnight (67) is vooral een volbloed ondernemer en de eigenzinnige stichter van SAS Institute, een softwareproducent met 12.000 werknemers.

Jim Goodnight (67) geeft me een krachtige hand en zet zich aan de tafel waar de bokaal M&M's centraal staat. "Met deze chocolade pastilles is het begonnen", lacht hij. "Bij de oprichting van SAS Institute in 1976 was dit een van de eerste ‘extralegale voordelen’ voor de medewerkers.  Omdat snoep niet gezond is, heb ik er al aan gedacht om er mee te stoppen. Elke maandag wordt er immers vers fruit aangevoerd. Maar de bokaal met M&M behoort tot ons cultureel erfgoed."

Terwijl bij de meeste Amerikaanse ondernemingen de tevredenheid van de werknemers naar een absoluut dieptepunt is gezakt, haalt het bedrijf van Goodnight, SAS Institute, al jaren de top in de lijsten met de 'Beste Werkgevers'. In 2010 en 2011 stond SAS zelfs op nummer één van de ‘100 Best Companies to Work for’ van Fortune. "Ik ben er heel diep van overtuigd dat een bedrijfsleider zijn medewerkers moet behandelen zoals hijzelf wil behandeld worden."

SAS krijgt veel bezoekers over de vloer, waaronder hr-specialisten van andere bedrijven die op zoek zijn naar de geheime succesformule van SAS. "We groeien al 35 jaar op een rij. We vernieuwen dan ook voortdurend. Onze mensen staan heel dicht bij de klanten en luisteren echt naar hen. We trachten telkens producten te ontwikkelen waar de klanten naar vragen. Die groei maakt het mogelijk bonussen en andere voordelen te verdelen onder de medewerkers", zegt ceo Goodnight.

Zo opende SAS dit jaar een apotheek op de campus van het hoofdkwartier in Cary (Noord-Carolina). Er is daar al een ziekenhuis voorhanden, een kinderopvang en ‘health clubs’. De 12.000 werknemers van SAS zijn dan ook bijzonder loyaal.

Tweets meten

SAS maakt analytische softwarepakketten die in gegevensbanken informatie zoeken en daar trends uit puren. Hiermee onderzoeken banken bijvoorbeeld welke klanten er waarschijnlijk zullen reageren op hun mailing voor een nieuwe kredietkaart. Volgens een recent onderzoek van McKinsey is 80 procent van alle bedrijfsgegevens niet gestructureerd. Met de analytische software van bedrijven als SAS Institute wordt die chaos gedeeltelijk bruikbaar. "Momenteel is het meten van het gebruik van de sociale media voor ons een sterke groeipool", zegt Goodnight. "Over welke merken wordt er getwitterd? En zijn die berichten positief of negatief voor dat merk? Zo ken ik een grote onderneming waar negentien medewerkers in een chatroom tweetberichten opvolgen. De schrijver van een zwaar negatief bericht krijgt een antwoord én de vraag om via de telefoon de dialoog verder te zetten. Op die manier wil de onderneming een negatieve geruchtenspiraal in de kiem smoren."

Volgens het onderzoeksbureau IDC is SAS veruit marktleider in deze 'advanced analytics'-software met 45 procent van de markt. Zo draait er op het hoofdkwartier van Procter & Gamble een 'decision cockpit', een zaal vol schermen met marktgegevens. "Onze analytische software is het centrale instrument in die zaal", pocht Jim Goodnight. "Steeds meer ondernemingen begrijpen dat de data over klanten en leveranciers een troef zijn." Jim Goodnight is zelf trouwens de eerste gebruiker van de SAS-software: "Elke morgen vind ik de verkoop uit onze 56 landen netjes op mijn scherm, plus de verwachtingen."

Zo rijk als de zee diep is

Jim Goodnight werkte vanaf zijn twaalfde mee in de ijzerwinkel van zijn ouders in Wilmington (Noord-Carolina). Aan de North Carolina State University koos hij voor statistiek, een richting die zijn carrière zou bepalen. “Omdat in die afdeling de computer stond. Ik was gefascineerd door dat toestel: er was een elektrische schrijfmachine op aangesloten die uit zichzelf schreef.” Software en het programmeren van computers werd zijn echte passie.

Nadat hij zijn doctoraat had afgewerkt, werd hij assistent. Zijn faculteit verzamelde gegevens over de landbouw vanuit de hele Verenigde Staten. Om niet telkens een nieuw computerprogramma te moeten schrijven, ontwikkelde Goodnight met enkele collega’s het softwarepakket ‘Statistical Analysis System (SAS)’ dat voor verschillende soorten gegevens bruikbaar was. “Eerst waren vooral de verzekeringsmaatschappijen en de farmaceutische industrie geïnteresseerd in onze software. In de jaren tachtig volgden de banken. En nu zijn de distributiebedrijven heel sterk bezig met het onderzoek naar het koopgedrag van hun klanten."

In 1976 verlieten hij en enkele collega’s de universiteit om hun eigen bedrijf op te richten. Omdat ze al 120 klanten hadden, verliep die overgang bijzonder vlot. Ze hanteerden ook een onorthodox contract: ze verkochten hun programma’s als jaarlijks vernieuwbare abonnementen. Dat lukte niet zonder een nauwe band te houden met de klanten. Tijdens zijn studies werkte Goodnight ook enkele maanden bij General Electric aan het Apollo-ruimteprogramma. Daar leerde hij alvast hoe het niet moest: “Je kreeg er een berisping als je vijf minuten te laat op werk arriveerde. Ik had daar een hekel aan vooral omdat ik geregeld ’s nachts terugkeerde om te werken. Ze behandelden het programmeren niet als een creatieve activiteit. Er was geen respect en de mensen liepen er bij bosjes weg.”

Anno 2011 bezit Goodnight nog steeds tweederde van de aandelen van SAS Institute. Het zakenblad Forbes zet hem op nummer 141 van 's werelds miljardairs met een geschat fortuin van 5,8 miljard euro.

Van zijn oud-collega's is alleen John Sall nog bij SAS. Hij bezit het andere derde van de SAS-aandelen: "John is nog actief bij ons en zetelt ook in de raad van bestuur."

Teamspeler

Goodnight (67) lijkt me een grote man die zich wat traag voortbeweegt. Hij spreekt zacht en laat lange rustpauzes. Hij houdt zijn naaste medewerkers scherp door op de meest onverwachte plaatsen op te duiken. "Ik hanteer een rondlummelende managementstijl", vertelt hij.

Als jongeman kreeg hij een levensles mee van de coach van de basketploeg: "Het is een teamsport: u moet met de ander samenspelen, geen individuele trucjes opvoeren. Ik zie me dus niet als de 'leider', maar als een coach die moet stimuleren en inspireren."

Jim Goodnight ‘speelt’ nog geregeld zelf mee: "Ik ben nog bezig met R&D. We testen momenteel een nieuwe architectuur waarbij we tientallen Intel-chips parallel schakelen, zodat er 284 processen gelijktijdig kunnen draaien. Dat wordt spectaculair. Eind dit jaar lanceren we dit product.”

Een bankier leverde het idee. “Hij klampte me aan tijdens een conferentie in Singapore en klaagde dat zijn computerpark 18 uur nodig had om de risicoanalyse van zijn bank te verwerken. Hij wou dat versnellen. Terug in Cary heb ik enkele van onze risicospecialisten bijeengeroepen: ze hebben me uitgelegd hoe die berekeningen gebeuren, stap voor stap, tot ik het begreep. Dan heb ik software ontworpen samen met enkele specialisten uit het computerlab, die de nieuwste technologie snufjes aandroegen. Zo geraakte dat project van de grond."

'De spoetnik boven onze hoofden'

In de jaren negentig stak de kritiek de kop op dat SAS bijna onzichtbaar bleef omdat het bedrijf volledig in privéhanden was en omdat topman Jim Goodnight de schijnwerpers schuwde. Die kritiek viel niet in dovemansoren. Vandaag komt Goodnight meer naar buiten. Hij vecht al jaren tegen de trend dat weinig jonge Amerikanen technische opleidingen volgen.

"Wij kozen bewust voor techniek. In oktober 1957 kregen wij immers een koude douche toen de Russische satelliet Spoetnik boven onze hoofden rondjes draaide. Toen beslisten vele jonge Amerikanen om wetenschappen te studeren. Die jonge enthousiastelingen zetten in 1969 Neil Armstrong als de eerste man op de maan en zij lagen aan de basis van het ontstaan van Silicon Valley. Ook vandaag nog zijn het de technologiestudenten, niet de studenten humane wetenschappen, die zorgen voor innovatie en jobs. We zitten in een race tegen China en India om de beste wetenschappers en onderzoekers te ontwikkelen. We moeten daar meer energie in pompen."

Daarom is de 'Cary Academie' zijn favoriete project. Dit is zijn privéschool die op de SAS-campus gebouwd is. Voor de school ontwierp Jim Goodnight een online onderwijspakket ‘SAS Curriculum Pathways’ dat Engels, wiskunde, wetenschap, sociale wetenschappen en Spaans aanleert. Dat heeft hij intussen vrijgegeven voor de hele VS. “In de 21 scholen in Noord Carolina die dit pakket gebruiken, haken veel minder studenten af. Indien president Obama het meent met zijn onderwijshervorming, kan hij beter dit pakket invoeren”, knipoogt Jim Goodnight.

Naar de beurs? Neen, bedankt

Rond 2000, ten tijde van de dotcombubbel, heeft Jim Goodnight er aan gedacht om een deel van zijn aandelenpakket te verkopen en SAS naar de beurs te brengen. Hij haalde de Fransman André Boisvert (ex-Oracle) binnen die direct zware controle- en rapporteringssystemen invoerde. Die aanpak botste volledig met de bedrijfscultuur en een jaar later stond Boisvert weer aan de deur. SAS bleef zijn bedrijf. Volgens kenners heeft Jim Goodnight met deze beslissing de typische bedrijfscultuur van SAS gered. “Dit was één van de beste strategische beslissingen die ooit zijn genomen in de software-industrie”, gelooft professor Al Segars (universiteit North Carolina). Sindsdien zijn alle geruchten over een beursnotering stilgevallen. "Er bestaan geen plannen om SAS aan anderen te verkopen en ook niet om naar de beurs te gaan.”  

Goodnight heeft drie volwassen kinderen: Leah, Susan en James. Wordt één van hen zijn opvolger? Goodnight (schakelt plots een tandje bij): “Ik heb er met hen nog niet over gesproken, maar hun interesses lijken elders te liggen. Mijn jongste zoon James (28) keerde wel terug naar de universiteit voor een opleiding in statistiek.” Hij praat niet graag over zijn opvolging. Toch neemt statistisch gezien de kans op overlijden toe. “Ja, maar de statistieken vertellen me dat ik minstens nog twintig jaar heb. Dat moet volstaan om een vervanger te vinden.”

 

Naar wie kijkt Jim Goodnight op?

  • George Washington: "Hij was de eerste Amerikaanse president. In heel moeilijke omstandigheden leidde hij onze onafhankelijkheidsstrijd tegen de Britten en hij won."
  • Ronald Reagan: "Ook hij was een groot president. Reagan was recht voor de raap. Ik bewonder vooral de manier waarop hij de Koude Oorlog aanpakte.”

 

SAS Institute, het geesteskind van Jim Goodnight

  • Wereldwijd de grootste en onafhankelijke producent van analysesoftware
  • Meer dan 50.000 klantensites, onder meer bij 93 van de Fortune Global top-100, in België klanten als FOD Economie, verschillende banken en distributiegroepen
  • Hoofdkwartier: Cary (Noord Carolina, VS)
  • Opgericht in 1976 door Jim Goodnight, John Sall, Anthony Barr en Jane Helwig, waarvan de twee laatsten na enkele jaren hun aandeel verkochten aan Goodnight.
  • 12.117 werknemers, verspreid over 56 landen
  • Omzet 2010: 1,68 miljard euro (+ 5,2% tegenover 2009)
  • 24% van omzet wordt geïnvesteerd in onderzoek en ontwikkeling