Scherpgesteld: 2 Denen over het Deense arbeidsmarktmodel

Het Deense carrièremodel is populair bij vele Europese beleidsmakers. Maar hoe kijken de Deense werknemers zelf naar dit 'rolmodel'? 2 Denen over het Deense arbeidsmodel.

1) Martin, hoogopgeleid en werkloos:

Martin (54) woont samen met zijn vrouw en twee kinderen in een knusse woning een tiental kilometer buiten Kopenhagen. Tot voor twee jaar had hij zijn zaakjes mooi voor elkaar: verpleger van opleiding, een aantal extra opleidingen gevolgd en finaal een mooie carrière uitgebouwd als projectmanager in de bredere gezondheidszorg. Enkele jaren geleden besloot hij naar een andere sector te verkassen, en ging hij voor het ministerie van Defensie aan de slag. “Een stommiteit”, klinkt het vandaag, “maar ik was het zat om wekelijks meer dan zeventig uren te werken. Ik was nog maar enkele jaren voor Defensie aan de slag toen ik te horen kreeg dat er bespaard moest worden. Begin januari 2009 stond ik op straat.”

Martin werd nog enkele maanden uitbetaald – in overheidsfuncties zijn de ontslagtermijnen langer dan in de privésector – maar vanaf april 2009 moet hij rondkomen met zowat 1.450 euro netto per maand. “Daarvoor verdiende ik 2.900 euro per maand. Met andere woorden: ik was in één klap de helft van mijn loon kwijt. Om maar te zeggen: het verhaaltje als zou je hier bij jobverlies nog vlotjes 80 procent van je loon overhouden, gaat al lang niet meer op, tenzij je bijzonder laaggeschoold bent en navenant verdient. Ik had het geluk dat ik de voorbije jaren wat kunnen sparen heb, anders hadden we hier vandaag niet meer in dit huis gezeten. Drie maanden na mijn inschrijving als werkloze bij het gemeentelijke jobcenter – waar ik me wekelijks moet aanbieden met het bewijs van minstens twee sollicitaties – werd ik ook doorverwezen naar een privébedrijf dat werklozen begeleidt.

En grof geld verdient met een opleiding van vier weken die je zogezegd leert hoe te solliciteren. Om de zes maanden moet je dezelfde cursus volgen, kan je nagaan. Ook het officiële discours als zouden werklozen hier intensief begeleid en opgeleid worden, is regelrechte onzin. Dat geldt misschien voor echt laag opgeleide werklozen, maar niet voor mensen zoals ik. Op de koop toe heeft het ook geen enkel belang voor welke banen ik wekelijks solliciteer, desnoods schrijf ik een brief om in een slagerij als slachter aan de slag te gaan. Controle op het rendement van mijn inspaningen is zo goed als onbestaande, en de begeleiders in het gemeentelijke jobcentrum hebben hooguit enkele minuten tijd per werkloze. Dit systeem werkte wellicht behoorlijk toen er amper werklozen waren en er werk bij de vleet was, maar vandaag is het een heuse ramp. Een Deense jobsite heeft onlangs een bevraging laten doen: amper 7 procent van de ondervraagde werklozen toonde zich tevreden over de aanpak en begeleiding die ze krijgen. Het verhaal als zou de regering, via een heel actief arbeidsmarktbegeleid, werklozen goed opvangen en zo snel mogelijk naar een nieuwe baan begeleiden, klopt niet meer. Ik vrees dat het enige verhaal dat vandaag nog wel opgaat dat van hogere concurrentie en lagere lonen is: hoe meer kandidaten voor een welbepaalde job, hoe lager het loon dat de werkgever uiteindelijk zal willen betalen. En ja, de Deense arbeidsmarkt vertoont nog altijd een relatief grote mobiliteit, maar het aantal mensen dat vrijwillig van baan verandert is de voorbije jaren stevig geslonken.”

238 sollicitatiebrieven

Zelf heeft Martin nog goed anderhalf jaar de tijd om een nieuwe baan te vinden. Daarna verliest hij definitief zijn uitkering. “In dat geval kan ik niet anders dan mijn huis te verkopen. Voor mensen die geen recht meer hebben op een echte uitkering bestaat er nog zoiets als sociale steun, maar daar kan je pas van genieten als je zelf geen bezittingen meer hebt. Laat ons hopen dat het zover niet hoeft te komen. Intussen overweeg ik sterk om desnoods zelf een soort consultancybedrijfje op te starten, maar die kogel is nog niet door de kerk. Ik ben niet verbitterd door wat mij overkomen is – ook de regering had geen vat op de crisis – maar ik verwijt onze politici vandaag wel hun kortzichtigheid. Ik heb het even uitgerekend: de regering verliest vandaag aan mij jaarlijks enkele honderdduizenden Kronen (enkele tienduizenden euro’s, nvdr). Enerzijds omdat ik veel minder uitgeef dan vroeger, anderzijds omdat ik een pak minder belastingen betaal. Welke regering kan zich dat veroorloven? Mochten ze werklozen van mijn profiel behoorlijk laten begeleiden door iemand met de nodige contacten en martkennis, mij beschouwen als een puur zakelijk project waarmee ze opnieuw winst willen maken, dan vergroot de kans dat ik snel opnieuw aan de slag ben met factor vijf. Willen we ons arbeidsmarktmodel ook in tijden van crisis overeind houden, dan moeten werklozen opnieuw beter en individueel begeleid worden. De afstand tussen de jobcentra en de bedrijven is veel te groot geworden. Het beste bewijs daarvan zijn de 238 sollicitatiebrieven die ik intussen al geschreven heb (grijnst).”

2) Tommy, internationaal actief in it-sector

Single, hoogopgeleid en internationaal actief voor een Amerikaans bedrijf als it-consultant: als we ons al afvroegen wie er genoeg geld verdient om de vaak peperdure winkels in het mooie Kopenhagen te laten overleven, dan is Tommy daar wellicht een representatief voorbeeld van.  “Mocht ik mijn job verliezen, dan moet ik mijn huis verkopen. Zo eenvoudig is dat. Mijn huidig loon ligt minstens driemaal zo hoog als de maximale werkloosheidsuitkering waarop ik aanspraak zou kunnen maken. Ja, ik verdien veel geld, maar betaal daar ook 60 procent belastingen op. Het Deense sociale vangnet moet nu eenmaal door iemand betaald worden (lacht).”

Tommy maakt er geen geheim van dat zijn geloof in het Deense model de voorbije jaren stilaan weggeëbd is. “Het klinkt uiteraard mooi: mensen worden sneller en vlotter ontslagen, zo komen er meer banen vrij, waardoor het eenvoudiger is om opnieuw een baan te vinden en verleidelijk om zelf op zoek te gaan naar ander werk. Meer arbeidsmobiliteit dus, die gekoppeld aan een stevig opleidingsaanbod ook tot meer innovatie leidt. Helaas, het plaatje klopt niet meer. Enerzijds omdat de meeste Denen vandaag wel tweemaal zullen nadenken alvorens zelf ontslag te nemen als ze geen nieuw contract op zak hebben. Het duurt dan enkele weken voor ze effectief recht hebben op een werkloosheidsuitkering, het huidige jobaanbod is niet zo groot en last but not least betekent dit voor hoogopgeleiden een gigantische financiële aderlating. In die zin lijkt de situatie hier me dus niet fundamenteel meer te verschillen van elders in Europa. Anderzijds lijkt het systeem zelf zijn limieten bereikt te hebben: door de crisis is het aantal werklozen meer dan verdubbeld. De efficiënte begeleiding en controle op het zoekgedrag van werklozen is daardoor feitelijk onmogelijk geworden. Almaar meer mensen beseffen dat ook, en ze gaan dus profiteren van het systeem.”

Privéverzekering tegen werkloosheid

“Een ander, wat ondergesneeuwd, aspect van het Deense model is dat werknemers vaak onder zware druk moeten presteren. Ze kunnen relatief snel en vlot aan de deur worden gezet en dat maakt hen ook kwetsbaar. Ik vrees dat sommige werkgevers daar misbruik van maken. Anderzijds zorgt net die kwetsbaarheid er natuurlijk wel voor dat werknemers zelf ook sneller zullen uitkijken naar een nieuwe uitdaging. In die zin werkt het systeem de arbeidsmobiliteit dus wel in de hand, maar het is maar de vraag of je daar als individuele werknemer gelukkiger van wordt. Geloof me vrij, hier wordt keihard gewerkt, en ik kan me levendig voorstellen dat dit voor jonge tweeverdieners met kinderen soms keihard is. Systemen zoals ouderschapsverlof of tijdskrediet bestaan hier niet, en ouders die het een tijdlang wat kalmer aan willen doen kunnen enkel maar hopen dat ze dit op bedrijfsniveau geregeld krijgen. Ik vrees dat we op een keerpunt beland zijn: het model zelf is in zijn oorspronkelijke vorm onbetaalbaar geworden en tegelijk zijn de Denen zelf ook een stuk egoïstischer geworden, en maken ze misbruik van het systeem. Ik vrees dat we almaar meer op een duale maatschappij afstevenen, en dat vind ik dramatisch. Ik hoor nu zelfs van steeds meer mensen dat ze zich via een privé-verzekering indekken tegen eventuele werkloosheid: is de welvaartstaat dan niet heel veraf?

Foto: Isabel Pousset