Foutmelding

  • There are no workflow states available. Please notify your site administrator.
  • There are no workflow states available. Please notify your site administrator.

Portugese werknemers halen buikriem fors aan

De crisis neemt de Portugezen alsmaar steviger in haar greep. Nu de besparingen hen diep in de portemonnee treffen, snoeit de middenklasse in reizen, restaurantbezoek en het avondje cinema. Weg vertier. Na de schuldbelijdenis wenkt de depressie.

Mario Brandão (46), bankdirecteur

‘Wij hebben gelukkig geen geldgebrek’

Rio Tinto, een treurig aanhangsel van Porto. Felle windstoten sturen de regen in vlagen over de lege straten bij het blauw betegelde kerkje. Aan de overkant staat een huizenblok dat begin jaren negentig de vooruitgang moet belichaamd hebben. Op het gelijkvloers huizen een artsenpraktijk, twee cafés en vier banken.

Een daarvan is de Banco Português de Negocios (BPN), een bank die door wanbeheer en de bankencrisis van 2008 in staatshanden is overgegaan. Mario Brandão (46), directeur van het plaatselijke filiaal en sinds drie jaar ambtenaar tegen wil en dank, ontvangt ons in zijn kantoortje. Met zachte stem legt hij uit hoe de crisismaatregelen zich laten voelen. “Tot nog toe heb ik 10% van mijn salaris moeten inleveren. 2.200 euro hou ik nog over. Wanneer ze volgend jaar de het kerst- en vakantiegeld schrappen zal daar makkelijk nog eens 10% tot 15% van af gaan.”

Brandão relativeert zijn financiële nood, maar vreest tegelijk voor de toekomst. “Mijn salaris mag dan al gekrompen zijn, het ligt nog altijd boven het gemiddelde. Ik heb ook wat reserve. En mijn echtgenote is advocate.” Echt snoeien in uitgaven was tot nog toe niet nodig. Wás, want volgend jaar verandert alles. “Onze kinderen van 11 en 16 zitten op een privéschool. Die kost elke maand 300 euro. Ik overweeg nu om ze naar een gewone overheidsschool te sturen.”

Met hogere btw-tarieven en minder belastingaftrek in het vooruitzicht zal het gezin ook elders moeten besparen. “In plaats van twee of drie keer per maand uit eten, gaan we misschien nog één keer. Weekendjes weg vervangen we door gezellig thuisblijven. En door een paar zenders te laten vallen, betalen we 40 euro in plaats van 60 euro voor tv en internet. We moeten kijken naar wat essentieel is. Het is een oefening waaraan we moeten wennen.”

Dat de crisis ook tot de dagelijkse gespreksonderwerpen aan tafel hoort, stoort Brandão. “Ik vind het jammer dat de kinderen ook al piekeren over wat ze uitgeven en wat niet. Gelukkig voor ons is er geen sprake van geldgebrek. Maar ik voorzie heel wat problemen in die gezinnen die volgend jaar met het mes op de keel moeten overleven.” Als het bod van de Angolese BIC-bank het niet haalt, dan komt het voortbestaan van de BPN en dus ook de job van Mario Brandão in gevaar. “Het is niet makkelijk,” zucht de bankdirecteur. “Maar door te treuren geraak je nergens. Ik mag niet vergeten dat ik een team moet leiden. Zij kijken naar mij als het over hun toekomst gaat.”

Rosário Monteiro (57), lerares wiskunde

‘Geen financieel comfort op mijn leeftijd’

Dit jaar staat ze 36 jaar voor de klas. Rosário Monteiro (57), lerares wiskunde, had zich haar fin de carrière anders voorgesteld. “Sinds januari moet ik het elke maand met 200 euro minder stellen, op een salaris van 1.900 euro. De nieuwe crisismaatregelen kosten mij volgend jaar 4.400 euro.” Een paar jaar terug had ze op deze leeftijd nog recht op een volledig pensioen. “Nu zou ik veel geld verliezen. Waarschijnlijk moet ik doorgaan tot 65, misschien 67 jaar. In totaal zal ik dan 46 jaar les hebben gegeven.” Stoppen met werken is uitgesloten. “Mijn moeder heeft Alzheimer in een ver gevorderd stadium. Voor de opvang in een verzorgingstehuis betaal ik elke maand 1.200 euro. Omdat ze geen pensioen heeft, sta ik in voor die kosten. Daarbij komen nog medicatie en luiers, die niet in de prijs begrepen zitten.”

Ze deelt een tweekamerappartement in Vila Nova de Gaia met haar labrador Lyra. Haar enige zoon is drie  jaar geleden naar Madrid verhuisd omdat een ingenieursjob daar fatsoenlijk wordt betaald. “Die emigratie van hoger opgeleiden neemt nog toe. Ik ken heel wat kinderen van vrienden – architecten, ingenieurs - die het hier voor bekeken houden.”

Rosário heeft de voorbije maanden niets kunnen sparen. Met nog meer loonverlies in het vooruitzicht neemt ze zich voor om haar uitgaven tot een minimum te beperken. “Met dit budget kan ik niet meer naar de film, het theater of op restaurant gaan. Een boek kopen? Jammer maar helaas.” Ook boodschappen moeten zo rationeel mogelijk. “Vroeger gooide ik alle kortingsbonnen weg, nu spaar ik ze religieus en vlooi alles folders uit om de beste prijzen te vinden.”

Dat ze haar jaarlijkse vakantie ook moet schrappen doet pijn. “Dit jaar ben ik naar Stockholm geweest, maar volgend jaar kan dat niet meer. Niet dat ik daar voortdurend over loopt te piekeren, maar vrolijk word ik er niet van.” Noem het onmacht, het gevoel meegezogen te worden. “Als je een bepaalde leeftijd bereikt, wil je financieel en emotioneel comfort. En dan doet het pijn wanneer de kleinzoon aan de telefoon vraagt om mij nog een keertje te zien. Of wanneer je op het einde van de maand moet zitten centen tellen, terwijl je weer te weinig hebt geslapen omdat de school steeds meer werkuren van je verlangt.” 

Glória Fonseca (50), operationeel assistent middelbare school

‘We kunnen het net bolwerken’

Glória Fonseca (50) werkt als ‘operationeel assistent’ op de secundaire school van Valaderes. “Tot zes, zeven uur sta ik in voor verkoop van papierwaren, fotokopies en het herladen van drank- en eetkaarten, daarna poets ik de kantoren,” omschrijft ze haar takenpakket.

Glória verdient 487 euro, net twee euro boven het wettelijke minimumsalaris. Daarmee blijft ze buiten het bereik van de nieuwe crisismaatregelen. Maar van haar 13de maand ziet ze dit jaar slechts de helft. En ook alle btw-verhogingen voelt ze aan de lijve. “Mijn elektriciteitsrekening schommelde rond de 70 euro. Nu moet ik 98 euro betalen. Dat was een schok,” zegt ze.

De man van Glória werkt bij Grossbecker een Duits bedrijf dat naalden produceert voor de textielindustrie. Hij verdient net geen 1.000 euro. “Dankzij de premies voor ploegen- en nachtarbeid. En hij klust hier en daar ook bij. Daardoor kunnen we het net bolwerken,” zegt ze. “Ik koop alleen de goedkoopste producten. Rijst en soep maak ik voor twee of drie dagen zodat ik stroom spaar. Kledij en schoenen kopen we alleen als het echt nodig is en uiteraard niet in merkenwinkels. Ik besef maar al te goed dat ik 500 euro verdien.”

Tien jaar geleden verloor Glória haar job als naaister in een textielfabriek. Om de financiële gaten te vullen, deed ze thuis wat herstelwerk en ging ze poetsen. Toen ze als tewerkgestelde werkloze in de school aan de slag kon, begon ze te studeren. “Ik had alleen de lagere school gedaan. Op een paar jaar  heb ik mijn secundair gehaald en ben ik geslaagd in het examen voor deze job,” zegt trots. “Ik ben niet iemand die het kopje laat hangen. We zitten nu in deze situatie, we zullen de schuld moeten afbetalen en de maatregelen zijn noodzakelijk. Alleen mogen ze van meer rechtvaardigheid getuigen.”

Haar dochter van 29 is werkloos en woont nog bij haar in. Bij het meisje is darmkanker vastgesteld. “Voor mijn dochter is het een ramp. Haar opleiding als schoonheidsspecialiste heeft 5.000 euro gekost, ze krijgt alleen jobjes waar ze 300 euro per maand verdient en nu komen er nog ziekenhuisrekeningen bij.” Maar wanhopen doet ze niet. “We moeten nu het hoofd koel houden om het beste te maken van de situatie waarin we ons bevinden. Ik heb altijd met weinig geld weten te overleven. Misschien heb ik het daarom makkelijker dan wie nu afstand moet doen van luxe.”

Besparingen in Portugal: de harde cijfers

Een hap van 15% uit de ambtenarensalarissen en een derde btw-verhoging in een jaar: de voorstelling van de begroting voor 2012 kwam hard aan in Portugal. Vooral omdat het land al sinds maart 2010 onder een constante spaarterreur leeft. De vorige regering van de socialistische premier José Socrates joeg er in een jaar vier besparingsplannen door, terwijl Pedro Passos Coelho sinds zijn aantreden eind juni zich al drie keer nieuwe maatregelen afkondigde.

De impact daarvan blijft moeilijk te meten. In het oog springende besparingen zoals de 5% die de ambtenaren sinds januari moeten inleveren of de btw-verhoging van 21% naar 23%, drukken andere, niet minder belangrijke maatregelen weg. Overuren worden bijvoorbeeld nog slechts voor 37,5% betaald (50% in het weekend), de kinderbijslag voor de hoogste weddenschalen is geschrapt, terwijl die voor de lagere inkomens met een kwart wordt verminderd. Van medicijnen die voor 95% werden terugbetaald, krijgen patiënten voortaan 90% terug. Áls ze nog iets terugkrijgen, want voor heel wat geneesmiddelen betaalt men sinds kort de volle pot. De pensioenen, ook die van 246 euro, blijven bevroren. Fiscale aftrekposten verdwijnen of worden flink teruggeschroefd en alle overblijvende snelwegen waar het gratis rijden was, zijn nu betalend.

Bij deze op zich indrukwekkende reeks die Socrates heeft afgekondigd, kwamen in juli de halvering van de 13de maand voor alle werknemers, een btw-verhoging van 6% naar 23% op gas en elektriciteit en een prijsstijging van 15% in het openbaar vervoer. En nu dus het schrappen van 13de en 14de maand van ambtenaren en gepensioneerden die meer dan 1.000 euro krijgen, een btw-verhoging in de horeca en op conserven en flessenwater, het terugschroeven van de fiscale aftrek voor gezondheid en woning en een verlenging van de werkweek van 40 uur naar 42,5 uur.

Mochten de Portugezen grootverdieners zijn, was er waarschijnlijk niet zo’n probleem. Het gemiddelde salaris bedraagt echter 809 euro. Het wettelijke minimumsalaris staat op 485 euro. 37% van de Portugezen werkt voor een salaris van 600 euro of minder. De grootste groep (38,6%) verdient tussen 600 en 1.200 euro. Een bescheiden 8,8% heeft een salaris tussen 1.200 en 1.800 euro. En amper 4,1% verdient meer dan 1.800 euro. Veel mensen zullen zich in de toekomst redden door terug te grijpen naar de traditionele zuinigheid. Maar voor wie zich aan te veel krediet heeft bezondigd, ziek of werkloos is en een klein pensioen heeft, ziet die toekomst er somber uit.

Tekst Wouter De Broeck