Portret 1: "Ik wil nog niet aftellen naar mijn pensioen"

Ongemotiveerd, gedesillusioneerd en elke dag met tegenzin naar het werk: hoe herken je een carrièrecrisis en hoe raak je er zo snel mogelijk weer uit? In dit nummer klappen 2 m/v die worstelen met een carrièrecrisis uit de biecht.

1) Els (schuilnaam, 34), zit al jaren in carrièrecrisis

Diploma: master in criminologie
Werkt:
in stadsadministratie
Droomt van: baan als kleuterjuf

Ze droomde van een baan als kleuterjuf, maar belandde tegen wil en dank op de universiteit, waar ze criminologie studeerde. Intussen trekt Els al jarenlang met frisse tegenzin naar haar werk. “Ik besef dat het zo niet verder kan, maar een uitweg zie ik niet.”

“Kleuterjuf, de job leek me op het lijf geschreven. Ik ben nogal extravert, vrij creatief ingesteld en vind het zalig om kennis over te brengen. Mijn ouders zagen het enigszins anders. Zelf hadden ze nooit verder gestudeerd, maar de oudste dochter had blijkbaar wel wat potentieel: die gaat haar leven toch niet voor een bende jengelende schoolkinderen slijten? (lacht) Dochterlief kon maar beter zo hoog mogelijk mikken, bij voorkeur dan nog een opleiding die relatief veel werkzekerheid bood.”

Het werd uiteindelijk criminologie. Achteraf bekeken is het daar al meteen grondig fout gelopen. Creativiteit en eigen inbreng waren er quasi onbestaande, een nog theoretischer opleiding was wellicht moeilijk te vinden. Ik doorspartelde de eerste kandidatuur – voor mijn ouders het ultieme bewijs dat ik daar echt wel op mijn plaats zat – moest enkele jaren met lede ogen aanzien hoe mijn jongere zussen resoluut voor een opleiding als kleuterjuf gingen.” Na een eerste baan in het callcenter van Proximus, belandde Els bij de politie in Brussel. “Slachtofferbejegening. Dat ging natuurlijk al een heel stuk meer in de richting van mijn diploma, maar al na enkele weken had ik door dat ik hier niet echt voor in de wieg gelegd was. Ik ben nogal emotioneel en nam alle ellende mooi mee naar huis. Daarop ben ik intensief op zoek gegaan naar een andere job en zo kwam ik op de stadsadministratie terecht waar ik vandaag nog altijd aan de slag ben. Aanvankelijk kreeg ik wel wat uitdagende projecten voorgeschoteld en kon ik me best vinden in het werk daar. Ik genoot flink wat vrijheid, verdiende er 250 euro netto meer dan in mijn vorige baan en kon er zelfs mijn creatieve lusten botvieren (lacht). Tot het me na enkele jaren begon te dagen dat het kader om mijn werk echt goed te doen niet enkel volledig ontbrak maar er wellicht ook nooit zou komen. Ik kreeg nooit de ondersteuning waarnaar ik op zoek was, en stootte al te vaak op onbegrip bij de top van die administratie. Opnieuw kon ik maar één conclusie trekken: dit was niet de job die ik zocht, en dat had net zo goed met een foute studiekeuze als met de weinig stimulerende werkomgeving te maken. Het besef dat twee van mijn zussen intussen wel als kleuterjuf aan de slag waren, maakte de zaak er uiteraard niet echt beter op.”

Kinderboerderij

Hoewel ze intussen al tien jaar op de stadsadministratie aan de slag is, draait Els er weinig doekjes om: elke dag gaat ze met frisse tegenzin naar het werk. En niet iedereen in haar omgeving kan daar ook het nodige begrip voor opbrengen. “Op het werk heb ik enkele collega’s die zich min of meer in een vergelijkbare situatie bevinden, en met wie ik hierover dus ook vrij kan praten. Enkele vriendinnen, maar net zo goed mijn echtgenoot, hebben het er een stuk lastiger mee. “Het is toch maar een job. Je verdient goed je boterham, geniet relatief veel vrijheid, wat klaag je dan nog? Draai ’s avonds gewoonweg die knop om en geniet van het leven.” Zo zit ikzelf niet in elkaar. Ik ben medio dertig en zie het totaal niet zitten om nu al min of meer te gaan aftellen naar mijn pensioen toe. Ik ben nogal een dromer, en bedenk dan ook vaak de wildste scenario’s over allerlei toekomstprojecten. Dat begint bij een baan als kleuterjuf, en eindigt meestal met een eigen kinderboerderij. Alleen, tussen droom en daad gapen nogal wat praktische bezwaren: een kind en een eigen huis dat moet worden afbetaald bijvoorbeeld. Want hoe graag ik ook droom, grote risico’s nemen zit me niet in het bloed. Ook al omdat mijn partner me daarin totaal niet volgt. Ik heb me hier en daar wel al eens ingeschreven voor een examen bij Selor, maar achteraf maak ik me doorgaans de bedenking dat ik zo wellicht van de regen in de drop beland. En als ik andere jobadvertenties doorneem, kan ik alleen maar vaststellen dat ik met mijn diploma niet in aanmerking kom voor de jobs die me daarin wel aanspreken. Mocht ik daarvoor solliciteren en in het beste geval ook nog op de koffie mogen, welke referenties moet ik dan op tafel leggen? Het minste wat je kan stellen, is dat mijn cv  in dat geval niet bepaald in mijn voordeel pleit.”

Burn-out nabij

De carrière van Els laat zich tegenwoordig nog het best samenvatten als een Alpenlandschap, waarin de pieken opgevolgd worden door lange en doorgaans weinig inspirerende afdalingen. “Bovendien worden de echte toppen steeds schaarser, en de inzinkingen almaar dieper. Onlangs was ik volgens mijn huisarts een burn-out nabij, en zoiets hypothekeert natuurlijk ook mijn kansen op een leuke nieuwe baan. Ik heb echt het gevoel in een vicieuze cirkel beland te zijn. Een vriendin van me is onlangs ook naar een loopbaanbegeleider gestapt, en kwam achteraf behoorlijk enthousiast terug. Zelf zie ik dat voorlopig om een of andere reden niet echt zitten. Misschien moet iemand me echt een por in de rug geven, want ik besef natuurlijk zelf wel dat het zo niet verder kan. In deze job zie ik me echt niet oud worden, ik houd dit gewoonweg niet vol.”             

Het advies van onze loopbaanbegeleiders:

“Els heeft duidelijk al goed nagedacht over wat ze wil en ze is op zoek naar een zinvolle baan, een job met impact. De grootste hinderpalen lijken me bij haar vooral van praktische aard: het risico op financiële onzekerheid, te weinig begrip en dus ook steun in haar directe omgeving. Ik vrees wel dat ze hier niet alleen uit raakt, ze heeft zoals ze zelf ook aanhaalt een duw in de rug nodig. Ik zou haar adviseren om in eerste instantie bij haar huidige werkgever op zoek te gaan naar een andere baan waarin ze misschien met kinderen kan omgaan, waarin ze een meer zinvolle invulling kan geven aan haar werk. Misschien moet ze eerst nog voor zichzelf trachten uit te maken welke aspecten en elementen haar precies zo aanspreken in het werken met kinderen, en dat minstens gedeeltelijk proberen te vertalen naar de stadsadministratie waar ze nu werkt. Niets doen lijkt me in haar geval zeker geen optie, dit loopt gegarandeerd fout af. Zij zou zeker gebaat zijn bij een gesprek met een loopbaanbegeleider: die zal natuurlijk geen antwoorden geven op haar vragen, maar kan haar misschien wel helpen de juiste vragen te stellen. Een andere optie is  bijvoorbeeld deeltijds een andere opleiding te gaan volgen om toch niet meteen financiële zekerheid op te geven. Je kan je ultieme droom ook in kleine stapjes proberen waar te maken"

Foto: Jonas Lampens