Moeten ouders hun kinderen financieel helpen?

Stel: u heeft als ouder een stevige spaarpot bij elkaar gespaard en u moet beslissen of u uw kinderen een stevige financiële duw in de rug geeft bij hun studies en/of hun werk. Is het beter ze hun eigen boontjes te laten doppen of niet? Twee ouders én ondernemers geven hun mening.

PRO: “Wat is er verkeerd met financiële steun?”

Wouter Torfs, zaakvoerder van Schoenen Torfs: “De vraag is bij ons aan de orde op dit moment: we hebben vier kinderen, die tussen 16 en 24 jaar oud zijn”, zegt Wouter Torfs, bekend als zaakvoerder van de gelijknamige schoenenzaak. “Wij hebben onze kinderen altijd meegegeven dat ze verantwoordelijkheid moeten dragen voor financiële middelen: geld is geen onuitputtelijke bron waar je immer een beroep kan op doen. Maar als ze een appartement willen kopen of een extra opleiding willen volgen, en ze hebben een goeie reden om dat te doen, dan vind ik dat normaal dat je ze helpt. Een voorbeeld. Ik heb een dochter die nu afgestudeerd is als orthopedagoog en zij wil nog een jaar investeren in haar persoonlijke ontwikkeling. Ze denkt dat ze extra vaardigheden en inzicht in zichzelf kan verwerven en dat vind ik een heel terechte vraag. Dat lijkt me een heel billijke vraag. Ze heeft er goed over nagedacht en ze is er zich ook van bewust dat er verantwoordelijkheid bij komt kijken. Ik vind die steun normaal. Mijn vrouw en ik zijn ook gesteund geweest toen we jong waren. We waren er indertijd mijn ouders heel dankbaar voor en we hanteren nu dezelfde principes als zij. Onze kinderen plukken er later de vruchten van, dat weet ik zeker. Maar voor het andere standpunt valt ook iets te zeggen, moet ik toegeven. Ook zonder de steun hadden we gedaan wat we nu gedaan hebben.”

CONTRA: “Ze moeten hongerig blijven”

Bart Claes, zaakvoerder van JBC, wil geen zwart-wit discussie voeren, al heeft hij wel een duidelijke mening. “Als eigen kinderen iets nieuws willen uit de grond stampen en op eigen benen willen staan, dan denk ik dat het niet verkeerd is om te helpen. Maar daar hoort een belangrijke kanttekening bij: je mag nooit een veel te zware buffer geven. Het liefst heb ik dat onze kinderen het kunnen zonder onze hulp. Dat is de ideale situatie. Ik ben de vader en ik wil nog altijd helpen, maar ideaal is het niet. Ze moeten altijd een beetje honger hebben. Dat lijkt het me de beste manier om hun talent naar boven te halen. Je moet ze dus zeker niet verwennen. Als je hun bedje te veel spreidt, dan dreigen ze dat te verliezen. Je mag ze niet te gemakzuchtig maken. Er moet een wortel voor hun neus gehouden worden. Maar als ik bij de bank gewicht in de schaal kan werpen voor lening, dan doe ik dat graag. Daarmee bot je hun gedrevenheid niet af.”

Tekst: Dominique Soenens