Foutmelding

  • There are no workflow states available. Please notify your site administrator.
  • There are no workflow states available. Please notify your site administrator.

James Dyson, 's werelds koppigste uitvinder

Zijn carrière startte toen hij een kruiwagen uitvond die voortbewoog met behulp van een bal. Daarna volgden onder meer de zakloze stofzuiger en de Contrarotator, een vernieuwende wasmachine. Maak kennis met industrieel ontwerper James Dyson (61), de controversiële baas van een engineeringbedrijf met 900 werknemers.

De regen valt met bakken uit de hemel in Malmesbury, een historisch stadje op 2 uur rijden van Londen. In het hoofdkwartier van zijn bedrijf begroet James Dyson ons met een grijns. “Welke kaart wil je”, vraagt hij, alsof hij een goocheltruc wil demonstreren. Op elk kaartje staat een uitvinding van hem. Dyson was ooit verkoper en de kneepjes van het vak is hij duidelijk nog niet verleerd. We kiezen het visitekaartje met de Dual Cyclone er op, de zakloze stofzuiger die op 1 juli 1993 in Malmesbury voor het eerst van de band rolde. Van zijn zakloze stofzuiger zijn er wereldwijd 30 miljoen stuks verkocht, het toestel staat in het prestigieuze Victoria & Albert museum in Londen én het is – officieus dan toch - een klassieker van industrieel design.

Dyson is quite happy met het succes, zegt hij, terwijl hij van een vers aangerukte kop thee slurpt, maar hij is niet vergeten hoe moeizaam het tot stand kwam. Hij maakte maar liefst 5.127 prototypes, leurde jarenlang met het idee over de hele wereld en zag daarbij zijn spaarcenten bijna in rook opgaan. Ofwel nam niemand van de grote elektrofabrikanten Dyson of zijn uitvinding ernstig, ofwel probeerden ze zijn uitvinding zelf op de markt te brengen. “Hoe ik het volgehouden heb? Ik was altijd overtuigd van het idee. Mijn stofzuiger verliest geen zuigkracht, in tegenstelling tot andere toestellen. Natuurlijk verloor ik af en toe de moed, maar ik heb volgehouden. Als je iets uitvindt, heb je nooit de garantie dat het succesvol wordt. De stofzuiger was meteen een groot succes in Japan, waar hij in 1986 op de markt kwam. Maar ik ben een Brit en wou het toestel ook in Groot-Brittannië op de markt brengen. Er was geen enkele reden waarom het product niet evengoed een succes zou zijn in de rest van de wereld.”

En zo geschiedde. De stofzuiger kwam vanaf 1993 in Groot-Brittannië en de rest van de wereld onder zijn naam op de markt, werd met de slogan ‘Say goodbye to the bag’ aan de man gebracht en werd in één klap populair. Het was niet het enige succes van Dyson. Bijna even bekend als de zakloze stofzuiger is de Contrarotator, een letterlijk en figuurlijk tegendraadse wasmachine die volgens Dyson minder water en energie verbruikt dan klassieke apparaten, dankzij twee trommels die in tegenovergestelde richtingen draaien. Zijn carrière begon met de Ballbarrow, een kruiwagen die voortgeduwd wordt op een knaloranje bal in plaats van een wiel. Daarvoor had hij al als student uitgeblonken: als afstudeerproject ontwierp hij de Sea Truck voor het bedrijf Rotork, een plat vaartuig in vezelglas waarmee voertuigen aan wal kunnen gebracht worden zonder havenfaciliteiten.

Kapers op de kust

Het geheim van zijn succes? Kritisch kijken naar alledaagse huishoudproducten en je afvragen wat je allemaal stoort aan hun werking. En vervolgens op alle mogelijke manieren bedenken hoe je ze kan verbeteren. Zo vond Dyson de Ballbarrow uit toen hij bezig was met verbouwingen en de klassieke kruiwagen hem stoorde, omdat hij instabiel was en makkelijk bleef steken in de modder. De zakloze stofzuiger bedacht hij omdat het hem ergerde hoe klassieke stofzuigers na verloop van tijd veel van hun zuigkracht verliezen. “Het stoort me nog altijd geweldig hoe slecht sommige producten werken. Of ik daar enkele voorbeelden kan van geven? Nee”, grijnst hij. Een vreemde reactie misschien, maar de concurrentie leest mee en Dyson weet uit ervaring dat zijn ideeën gretig gejat worden. Hij staat er om bekend concurrenten voor de rechtbank te slepen als ze proberen aan de haal te gaan met zijn ideeën. Onlangs nog werd de Chinese fabrikant Vax er door Dyson van beschuldigd zijn zakloze stofzuiger gekopieerd te hebben. Waarmee hij bezig is, is dus top secret. Maar hij wil wel een idee geven: “We zijn altijd bezig met om het even welk product dat je in de keuken kan gebruiken. Het is moeilijk vooraf te zeggen wat er op de markt zal komen, omdat het altijd afwachten is welke producten het best uit onze tests komen.”

Ingenieur worden was niet eens zijn eerste keuze: de jonge Dyson droomde van een carrière als schilder, maar moest dat plan herzien wegens een dramatisch gebrek aan talent.  Hij trok naar de Royal College of Art. In eerste instantie om meubelontwerper te worden, maar uiteindelijk zou hij er ‘design and engineering’ doen. Hij ontdekte dat hij veel meer in zijn mars had als wetenschapper dan als kunstenaar. “Ingenieur zijn was toen niet sexy en dat is het nu nog altijd niet. Doodjammer”, zegt hij. “In Groot-Brittannië trekken de ingenieursopleidingen steeds minder volk. De Britse regering maakt beloften om er iets aan te doen, en zegt dat engineering en wetenschap belangrijk zijn, maar onderneemt hoegenaamd niets. Er zijn veel meer mensen bezig met menswetenschappen dan met exacte wetenschappen – onder meer omdat die makkelijker lijken. Dat is geen goeie evolutie. Europa is nog altijd goed in het bedenken van vernieuwende technologieën, maar landen als de Verenigde Staten, China en Korea vragen de meeste patenten aan. Hun honger om engineering en wetenschappen te studeren is simpelweg veel groter.”

Lak aan maatpakken en marketeers

Honger en nieuwsgierigheid: deze begrippen zijn cruciaal voor Dyson. Hij stoelt er zelfs zijn aanwervingsbeleid op: de gemiddelde leeftijd van de werknemers in het hoofdkwartier van Dyson – waar zo’n 900 mensen werken, waaronder 250 wetenschappers en ingenieurs – is om en bij de 27 jaar. Hij is er van overtuigd dat jongere werknemers meer openstaan voor nieuwe ideeën. “Het is nu illegaal om mensen op basis van hun leeftijd aan te werven”, monkelt hij. “Maar ik hou van hun flexibele geest. Jonge mensen zijn nog niet aangetast door een bepaalde manier van denken. Toen ik voor het eerst het idee van een zakloze stofzuiger had, waren er vrienden die me zeiden: ‘Maar James, als er werkelijk een betere stofzuiger zou kunnen gemaakt worden, dan waren de grote fabrikanten er toch al lang mee op de markt gekomen?’. Ik ging toch door, ondanks de ontmoedigende commentarren. Het is die koppige geest die ik ook bij mijn medewerkers wil zien.” Of hij dan zelf minder flexibel is dan vroeger, nu hij 61 is geworden? Hij lacht. “Ik hoop van niet.”
Dyson werft ook geen designers aan, zegt hij. Engineering, daar draait het om, en dus zorgen alleen wetenschappers en ingenieurs voor de ontwikkeling van producten. “We willen mensen die zich bezighouden met hoe goed een product werkt, niet hoe het er uit ziet. Design is meestal niets meer dan een laagje vernis dat op een product gelegd wordt. Looks zijn belangrijk, maar het kan nooit een excuus zijn voor een slecht product.”

In het hoofdkwartier van zijn bedrijf in Malmesbury loopt niemand in pak en das rond. Dyson vindt maatpakken een symbool van conformisme. Dyson presenteert zich wel vaker als een licht eccentrieke ingenieur die lak heeft aan zakencijfers en marketing. Al is niet duidelijk in hoeverre hij dat ook echt is. Wellicht is hij veel meer met marketing en imago bezig dan hij wil toegeven: rond zijn bedrijf en zijn persoon is een soort mythe gecreëerd waar je niet naast kan kijken. Zeker omdat zijn bedrijf in de tweede helft van de jaren ’90 een steile groei kende. Al veegt hij dat meteen resoluut van tafel. En het moet gezegd: hij klinkt geloofwaardig wanneer hij dat doet. “Marketing is lulkoek. There’s no such thing as a brand. We gebruiken het woord niet bij Dyson, omdat het nergens op slaat”, zegt hij. “Mensen zijn geïnteresseerd in een goed product, niet in een merk. Ik geloof niet dat mensen ooit een product van ons kopen omdat de naam Dyson er op staat. Zo dom zijn mensen niet. Het is wel belangrijk om te luisteren naar mensen, naar wat ze vinden van een bepaald product en hoe het werkt. Het is ook belangrijk om klanten te helpen, maar uiteindelijk draait alles rond het product.”

Met dezelfde volhardendheid waarmee hij zich afzet tegen marketing beweert Dyson dat hij geen entrepreneur of zakenman is. Dat lijkt een heel stuk moeilijker vol te houden, in de wetenschap dat zijn bedrijf wereldwijd 2.500 mensen tewerkstelt en in 2008 een omzet van 628 miljoen pond draaide. “Ik zie mezelf niet als een zakenman. Ik haat zakenlui en ik neem ook geen zakelijke beslissingen”, zegt hij met nadruk. “Zakenlui zijn mensen die dingen doen omdat ze geld willen verdienen, en dat is niet waar ik mee bezig ben. Ik hoop van harte dat geen van onze medewerkers denkt dat we daar mee bezig zijn. We willen goeie stofzuigers, wasmachines en andere producten maken, dat is waar we mee bezig zijn. Geld komt er bij kijken, omdat we nu eenmaal moeten overleven.” En toch: in 2000 ontsloeg Dyson 500 mensen in Malmesbury, omdat de productie van stofzuigers overgeheveld werd naar Maleisië. Hij gaat in het verweer. “Zie je dat stukje land daar?”, zegt hij, naar buiten wijzend. “We wilden uitbreiden, maar we kregen geen toestemming. Een gemeenteraadslid van Tory voerde campagne tegen de uitbreiding, omdat er volgens hem al meer dan genoeg werk was in Malmesbury. Pijnlijk. Maar goed, de kosten gingen ook te sterk de hoogte in. Het was niet houdbaar om hier te blijven, ook al heb ik altijd gepleit voor tewerkstelling in Groot-Brittannië.”
Dyson is er van overtuigd dat zijn bedrijf het voorbeeld geeft van hoe de toekomst van de tewerkstelling er in Groot-Brittannië en Europa moet uitzien: hoogwaardige, goed betaalde jobs, met productie die uitbesteed wordt, terwijl bedrijven wel hier hun winst maken. Al is het moeilijk om geschikte werknemers te vinden, zegt hij. “Honda, dat een fabriek heeft in Swindon, moet per bus mensen gaan halen in Wales. Ingenieursstudies zijn steeds minder populair, maar toch blijven we hier. Dyson maakt uitsluitend winst in het Verenigd Koninkrijk, want alle export verloopt via hier. We betalen 20% meer belastingen dan toen we de zakloze stofzuiger hier in Malmesbury produceerden. Een slechte zaak kan je dat niet noemen voor het land. Al onze componenten en basismaterialen kwamen altijd al van het Oosten. De toegevoegde waarde van de assemblage die vroeger hier plaatsvond, is klein. Die van de technologie is daarentegen heel groot. Alleen moet de regering dat nog inzien.”

Naar wie kijkt James Dyson op?

1. Charles Goodyear
“Goodyear is verantwoordelijk voor het vulkaniseren van rubber. Daarmee werd het het enige materiaal dat we kennen met een geheugen. Tot aan zijn uitvinding smolt rubber in de zomer en krimpte het in elkaar in de winter, zodat het onbruikbaar werd. Nu gebruiken we het in de meest uiteenlopende producten.”

2. Frank Whittle
Frank Whittle, uitvinder van de straalmotor. “Zijn vondst is technisch briljant. Hij maakte iets dat veel efficiënter is dan wat er is en werd aanvankelijk door niemand ernstig genomen. Ook niet door de Duitsers, terwijl ze het wel volop aan het proberen waren. Maar Whittle was ze te snel af, terwijl hij notabene aan het studeren was aan Cambridge.”

Tekst: Dominique Soenens