"Iedereen moet nu leiderschap tonen" - deel 3

Is ons migratiebeleid niet gewoon te laks? In pakweg Canada is het beleid op dat vlak veel gerichter. Alleen wie een meerwaarde biedt, komt er in.

Delvaux: “Een selectief migratiebeleid, daar stel ik me toch vragen bij. Hebben we dan ook geen sociale verantwoordelijkheid?”

Karel Vinck: “Je kan Canada niet vergelijken met België of Europa, dat is een totaal andere geografische situatie. We zitten met een druk vanuit Noord-Afrika die alleen maar erger zal worden.”

Béatrice Delvaux: “In Afrika is er groei, en we moeten hen ook helpen om groter te worden, en zich politiek te ontwikkelen. Er zijn duizend manieren om dat te doen. Als de Tunesische democratie zich goed ontwikkelt, neemt het aantal migranten vanzelf af, samen met het aantal werklozen onder de jonge Tunesiërs.”

Wat zijn voor jullie de drie prioriteiten als we in ons land de welvaart en de sociale zekerheid willen bewaren? Wat zijn de belangrijkste keuzes die we moeten maken?

Karel Vinck: “De grootste prioriteit is voor mij innovatief optreden. Bedrijven moeten producten en diensten leveren die voortdurend inspelen op wat de internationale markt vraagt. Ten tweede: de processen die we hebben - zowel industriële als administratieve – moeten we optimaliseren, zodat we zo goed mogelijk aan die eerste prioriteit kunnen voldoen. Ten derde hebben we een structurele innovatie nodig: fiscaal, opleiding, gezondheidszorg, … . Dat is de verantwoordelijkheid van de politiek.”

Moeten we in België blijven investeren in de industrie?

Vinck: “Ja, maar het zal een andere industrie zijn dan degene die we gekend hebben. Industrie die soms minder arbeidsintensief en minder op massaproductie gestoeld is, maar die gebruik maakt van nieuwe technologieën. Umicore heeft zink en koper laten gaan, maar we maken nu alles wat nodig is voor de productie en recyclage van batterijen, zonnepanelen, … En dat hoeft niet noodzakelijk gepaard te gaan met jobverlies: in 1995 moesten we 2.000 mensen laten gaan, tien jaar later hadden we er terug 3.000 aangeworven. Het zijn alleen andere mensen geworden, met een andere achtergrond.”

Beseffen we voldoende dat het vijf voor twaalf is, of moeten we nog meer met onze rug tegen de muur staan vooraleer het doordringt?

Vinck: “Dat is nog niet genoeg aanwezig. We zouden ons moeten realiseren dat we met onze rug tegen de muur staan en dat we werkelijk moeten veranderen. Niet geleidelijk, maar zeer klaar en duidelijk de visie bepalen en beslissingen nemen in de bedrijven en de politiek. Het politieke akkoord dat we nu hebben, is een eerste stap, maar het gaat niet ver genoeg.”

Delvaux: “Wat er volgens mij enorm belangrijk is, is dat Europa een duidelijke visie ontwikkelt. We moeten weten wat het Europese project nu precies is. Dat ontbreekt nu. Ik denk daarom dat we vandaag vooral moed nodig hebben, op alle niveaus.”

Zelfs als we een klein beetje moed tonen, volgt er meteen reactie van de vakbonden.

Béatrice Delvaux: “Daar heb je een punt. Alle betrokken partijen moeten desnoods hun eigen belangen ondergeschikt maken aan het grotere doel, en leiderschap tonen. Zoals Elio Di Rupo het heeft gedaan.”

Maar niet genoeg?

Vinck: “Nee. Wat voorligt, is geen definitieve oplossing.”

Delvaux: “Een tweede prioriteit is voor mij dat er beslissingen genomen worden op basis van een visie, en niet onder druk van allerlei drukkingsgroepen. België raakt bijna verstikt door allerlei drukkingsgroepen, van allerlei strekking. Als je naar alle drukkingsgroepen moet luisteren, raak je nooit ergens. We hebben een politieke klasse die heel intelligent is en goed staatsmanschap getoond heeft door zijn eigen partijstandpunten te overstijgen. Ze beseffen wat de inzet is. Bart De Wever was er rotsvast van overtuigd dat het niet kon dat de Franstaligen en de socialisten zo doorgingen, maar op een bepaald moment moet je wel tot een gemeenschappelijke visie komen.”

Zijn de visies in beide landsdelen wel verenigbaar?

Béatrice Delvaux: “Dat is de hamvraag, en ik hoop dat we daarvoor niet tot een splitsing van het land moeten overgaan. Misschien is het antwoord wel een splitsing die we niet openlijk een splitsing durven te noemen. Dat zijn we nu aan het doen, stap per stap. Maar we kunnen ook een gemeenschappelijke visie ontwikkelen. Werken aan tweetaligheid. Banden kweken tussen mensen. Het brengt me bij een derde cruciaal punt: fierheid. We moeten niet te negatief doen. Als we het echt willen, krijgen we het voor mekaar: dat geloof moeten we hebben.”

Lees deel 1 van het interview

Lees deel 2 van het interview

Tekst: Filip Michiels en Dominique Soenens