Hoe vult Bert Kruismans zijn werkdagen?

Bert Kruismans is theatermaker en tekstschrijver. Volgende week gaat zijn vernieuwde one-man-show in première in Waterloo. Hoe zien zijn werkdagen eruit?


“In mijn werkdagen zit weinig regelmaat. Werk en vrije tijd lopen door elkaar. Soms wensen mensen me op vrijdag een goed weekend toe. Het zegt me niks. Zaterdag en zondag zijn niet anders dan andere dagen. Soms doe ik ook in de week een paar dagen niks. Het nadeel is dat ik vaak niet naar familiefeesten kan. Wat niet altijd een nadeel is.” (lacht)

“Ik heb geen discipline. Ik sta op als het licht wordt. Ik volg de natuur, behalve 's avonds. Zodra ik wakker ben neem ik een ontbijt en lees ik de krant. Nadien vertrek ik met anderhalve liter koffie naar boven om krantenwebsites te lezen en bedenkingen te maken. Wat er daarna gebeurt hangt van mijn afspraken af. Alleen donderdag moet ik schrijven, om 's vrijdags mijn columns op tijd af te hebben.”

“Veel mensen mogen tijdens hun werk niet op Facebook zitten. Ik wel. Voor mij is Facebook een oefening, een schetsboek ook. Het is een café zonder bier, een manier ook om polsslag van de maatschappij te voelen. Wat ik deze dagen allemaal aan bisschoppelijke verontwaardiging zie passeren! Ik kan het goed gebruiken om mijn teksten te stofferen. Wie mij op Facebook leest hoort dezelfde flarden later soms in mijn  voorstellingen terug.”

Collega's heb ik niet. Ik mis ze ook niet. Ik hoef nooit tegen de koffiemachine te leunen. Ik hoef nooit geld in een envelop te steken als er iemand is bevallen. En ik vergader nooit. Het bespaart me een hele hoop tijd. Maar pas op, ik ben géén eenzaat. Ik heb veel contact met Peter Perceval, mijn regisseur en met Bruno, mijn franstalige raadgever. Plus ik heb 130 keer per jaar publiek om me heen. Ik zit heus niet het hele jaar te schrijven op een zolderkamer bij het licht van een kaars.”

“Ik heb rechten en wijsbegeerte gestudeerd. Maar ik heb nooit als jurist gewerkt. Ik ben onmiddellijk teksten beginnen te schrijven voor radio en tv. Tot ik ineens mijn teksten zelf wilde brengen. Twee jaar geleden, op mijn 42ste, wilde ik theater maken in het Frans, terwijl ik geen Frans kon. Nu lees ik iedere vrijdag een column voor bij Matin Première, een radioprogramma op de RTBF. Het werkt. Je moet alleen soepel van geest blijven, ook op latere leeftijd.”

“Eén keer per week sta ik in de file. Op vrijdagochtend als ik naar de RTBF rijd. Dan denk ik altijd aan het verhaaltje van de kikker die langzaam levend gekookt wordt. Ik begrijp niet waarom mensen zoiets alle dagen doen. Er zijn zoveel andere dingen om te doen. Volgens mij zit het alleen  in je hoofd om niks anders te durven. Ik zit zes van de zeven ochtenden samen met mijn vrouw aan het ontbijt. Wie is er dan eigenlijk gek, vraag ik me af.”

Ik presteer goed onder druk, maar dat vind ik geen voordeel. Ik ben een ongelooflijk deadlineschurker. Volgende week gaat mijn geactualiseerde one-man-show in première en hij is nog niet klaar. Sommige theatermakers zijn nu al aan het try-outen voor hun show in februari. Zoiets lukt me zelden. Het probleem is dat ik in te veel geïnteresseerd ben. Het kan best zijn dat je van niche beter wordt, maar ik kan niet zonder de afwisseling.”

Tekst: An Olaerts