Helden van morgen: Jonathan Holslag

Jonathan Holslag (28), Belgische onderzoeksmonnik én vertrouweling van Chinese, Amerikaanse en Indiase toppolitici. Zijn laatste boek over China en India kreeg een recensie in The Economist, hijzelf hield er een interview in Time aan over. De Belgische toponderzoeker Jonathan Holslag (28) combineert een monnikenbestaan als wetenschapper met diplomatieke en politieke contacten op het allerhoogste niveau. “Er zijn al aanbiedingen geweest uit de VS en Azië.”

“De kneuterigheid en strategische bloedarmoede in ons land gaat ten koste van jobs, veel jobs. We moeten in ons land beseffen dat de tijd van luxe voorbij is.”
De lobby van het Brusselse charmehotel Le Dixseptième, schuin tegenover de zonovergoten Koninklijke Sint-Hubertusgalerij. In de zeventiende eeuw huisde hier de Spaanse ambassadeur. Vandaag drinkt de nummer twee van de Britse missie bij de Europese Unie er een pot thee met Jonathan Holslag, onderzoeker aan en mede-oprichter van het Brussels Institute of Contemporary China Studies (BICCS), verbonden aan de Vrije Universiteit Brussel. Holslag: “Ik steek heel wat tijd in zo’n lange persoonlijke gesprekken. Cruciaal om een vinger aan de pols te houden.” Belgiës rijzende ster onder de Azië-kenners combineert schijnbaar moeiteloos toponderzoek over hete internationale hangijzers met dit soort informele ontmoetingen op het allerhoogste diplomatieke niveau. Zijn meest recente boek -  ‘China and India: Prospects for Peace’ (uitgegeven bij Columbia University Press) - leverde hem begin februari een recensie in The Economist en eind vorig maand een interview in Time op. Plus enkele kolommen in The Wall Street Journal en The Financial Times.  Niet kwaad voor een 28-jarige.
“De eerste druk blijkt uitverkocht. Het bewijs dat je echt internationaal kan gaan als je goed academisch onderzoek slim vermarkt. Want wie zijn wij uiteindelijk, als bescheiden instituut, verbonden aan een kleine Belgische universiteit, om een boek te schrijven over één van de meest strategische vraagstukken in de wereld? Uitnodigingen uit het buitenland om het boek te komen voorstellen, lopen vlot binnen. Nu ben ik bezig aan een nieuw werk over de Chinese militaire transitie, waar ‘officials’ in Washington al op zitten te wachten. Het blijft een fantastische ervaring om je bevindingen op het allerhoogste niveau te kunnen bediscussiëren.” Met de Amerikaanse Ministeries van Buitenlandse Zaken en Defensie heeft Jonathan Holslag quasi permanent een link. De diplomaten van de Chinese missie bij de EU ziet hij tweewekelijks. “Dergelijke reflecties van beleidsmakers krijg je zelden van collega’s academici.”

Reizende doctorandus

Even heroriënteren. Van de pluchen sofa’s in een Brussels hotel naar het bronsgroen Limburgs eikenhout. Alwaar Jonathan Holslag is opgegroeid, in Hamont-Achel. “Mijn grote passie was geschiedenis. Ik had een fantastische geschiedenisleraar. Na mijn regentaat geschiedenis in Hasselt gaf ik heel even les. Omdat  me dat niet helemaal beviel, ben ik opnieuw beginnen studeren.” Tussen 2004 en 2007 rijft Jonathan Holslag een masterdiploma internationale betrekkingen aan de VUB binnen, en schoolt zich aan de Koninklijke Militaire School bij in defensie en geopolitiek. “Mijn huidige doctoraatsonderzoek staat dan wel centraal, ik heb van mijn promotor altijd de kans gekregen om te reizen en me met beleid bezig te houden. Terwijl een onderzoeker doorgaans toch al zijn activiteiten afstemt op het onderzoek van zijn promotor.”
Samen met zijn promotor Gustaaf Geeraerts en collega Gunter Gaublomme bouwde Jonathan Holslag, vandaag FWO-doctorandus aan de VUB-vakgroep politieke wetenschappen, het Brussels Institute of Contemporary China Studies uit tot een academische denktank die probleemloos meedraait tussen de tegenhangers van grote Amerikaanse of Chinese universiteiten. Vandaag telt BICCS twaalf werknemers. “We werken samen met bedrijven en Europese instellingen. Sommige onderzoekers zijn op projectbasis aan de slag. Het feit dat je niet afhangt van één subsidiekanaal dwingt je om innovatief te zijn, om marktaandeel te veroveren, om onderzoek af te leveren dat internationaal top is én relevant is. We runnen BICCS als een onderneming. Onze postgraduaten moeten zelfbedruipend zijn.” In goed drie jaar tijd bouwde BICCS meteen een stevige internationale reputatie uit. “In China worden we in dezelfde adem vernoemd als de grote instituten in Oxford en Harvard. Internationale competitiviteit moet dringend een veel belangrijker beoordelingscriterium worden voor onze Belgische universiteiten. De investeringen per student zijn de voorbije tien jaar met een derde gezakt. We moeten afstappen van onze ‘catch all’-universiteiten, ons specialiseren en meer buitenlandse studenten naar ons land halen om competitief te kunnen zijn. België trekt de zwakkere internationale studenten aan, omdat die zich door de internationale rankings laten leiden, waarop onze universiteiten laag scoren.”

3 dagen per week heremietenbestaan

Toponderzoek combineren met topontmoetingen, het kruipt niet in de kleren. “Gemiddeld klop ik werkdagen van veertien à vijftien uur. En veel weekends schieten er bij in.”
Al brengt een efficiënte agenda je een heel eind. “Ik vind het bijvoorbeeld weinig zinvol om mee te draaien in het typische academische conferentiecircuit. Aanvankelijk deed ik soms tien à vijftien Aziatische landen op één jaar aan, nu heb ik die trips afgebouwd en concentreer ik mijn bezoeken.” Drie dagen per week leidt Jonathan Holslag een echt heremietenbestaan. “Dat vergt discipline. Ik sluit me dan thuis op om te studeren. Dan zien ze me niet in Brussel. Aan de VUB geniet ik wellicht de reputatie een ongelofelijk moeilijke mens te zijn, behoorlijk veeleisend voor collega’s. Toch blijf ik van nature onzeker en erg zelfkritisch. Eén van de grote valstrikken voor onderzoekers is dat je na een paar publicaties begint te zweven, dat je van de ene lezing naar de andere fladdert. Kennis ontwikkelen blijft essentieel.”
 In zijn rol als beleidsadviseur heeft Jonathan Holslag nauwe banden met de Europese instellingen. “In het verleden heb ik nauw samengewerkt met het Europees Parlement over de relaties tussen China en Afrika. Ons rapport gaf aanleiding tot een officiële communicatie van het Parlement en de Commissie. In het kader van een soortgelijke samenwerking rond internationale energieveiligheid werkte ik met het secretariaat van de Europese Raad. En ik heb indertijd het expertennetwerk voor China gecoördineerd, de Azië-strategie van de Europese Commissie geëvalueerd en beleidsaanbevelingen geformuleerd. Die opdrachten laten je toe een netwerk met beleidsmakers te ontwikkelen dat cruciaal is voor je academisch onderzoek. Een hele mooie kruisbestuiving.”
Qua kruisbestuiving tussen academici en beleidsmakers inzake langetermijnstrategie moet België heel wat landen laten voorgaan. “Of het nu gaat om onze economische diplomatie, het uitsturen van troepen naar Afghanistan of onze houding ten aanzien van de Europese Unie: veel belangrijke beslissingen zijn nauwelijks verankerd in een strategische visie op de veranderende wereldorde. België is de kunst verleerd om duidelijke belangen te definiëren en die om te zetten in een daadkrachtig beleid. Onze capaciteit is te verbrokkeld en de kwaliteit van de politieke debatten over internationale problemen ronduit armzalig. In dat opzicht komen we nog niet aan de enkels van onze Nederlandse buren. Neem Brussel. We zijn onze allerbelangrijkste economische internationale troef aan het verknoeien door een gebrek aan visie en ambitie. Hetzelfde geldt voor de Antwerpse haven. De kneuterigheid en strategische bloedarmoede in ons land gaat ten koste van jobs, veel jobs. We moeten in ons land beseffen dat de tijd van luxe voorbij is. En beleidsinstellingen leren opbouwen in functie van belangen, en niet omgekeerd.”

Gegeerd op academische markt

Europa daalt meer en meer in de achting van de groeilanden, ontwaart Jonathan Holslag uit zijn diplomatieke contacten. “De voortdurende verwijzingen naar mensenrechten, arbeidsomstandigheden en de CO2-uitstoot interpreteren Delhi en Peking steeds meer als protectionisme. Een strategisch partnerschap met een tanende macht vinden ze geen optie. De Chinezen en de Indiërs wijzen fijntjes op onze onbetaalbare pensioenen en gezondheidszorg, op de  migratieproblemen in vele Europese grootsteden. Vorig jaar had ik in Peking in november een gesprek met Dai Bingguo, de Chinese superminister van Buitenlandse Zaken. Hij gaf Europa nog een jaar om zichzelf te bewijzen, anders is het wat China betreft afgelopen. Dan werken ze gewoon met de lidstaten samen. Hetzelfde gesprek had ik in Delhi met Narayanan, de Indiase nationale veiligheidsadviseur. Ik vroeg hem welke rol hij zag voor Europa in Azië. Zijn antwoord: ‘none’. Die toppers zitten in de cockpit van het Aziatische beleid. Verontrustend. Heel wat Aziatische diplomaten die vertrekken uit Brussel zitten met eenzelfde kater.”
Jonathan Holslag stelt de zaken herhaaldelijk op scherp. Botst die scherpe pen van de onafhankelijke onderzoeker niet geregeld met de fluwelen handschoenen van de diplomatie? “In het begin lag dat al eens moeilijk.” Zijn er deuren dicht gegaan? “Nooit.” Academici hebben de plicht middenin het publieke debat te staan, vindt Holslag. “Ik probeer altijd onbevooroordeeld te zijn. Wanneer ik bijvoorbeeld vlijmscherpe kritiek formuleer op de mensenrechten in China, bekijk ik dat vanuit de Chinese bril.”
Mocht Holslag een voetballer zijn, de Spaanse en Engelse topclubs zouden hem al lang het hoofd gek gemaakt hebben. Is hij even grof wild op de academische markt? “Er zijn al aanbiedingen geweest, uit de VS en Azië. Onderzoek aan Harvard is intellectueel zeker uitdagend, maar ik denk dat ik de politieke en maatschappelijke uitdaging hier zou missen. Bij BICCS kan ik mee bouwen aan iets wat nog altijd in het prille begin staat. Maar ik hou alle opties open. Wanneer mijn doctoraat af is, ligt de markt open.” Geïnteresseerden nemen best pen en papier ter hand. “Mijn doctoraat rond ik dit jaar af. Hopelijk (lacht).”

Wie is Jonathan Holslag?

  • Regentaat geschiedenis, haalde nadien masterdiploma internationale betrekkingen aan de VUB en schoolde zich aan de Koninklijke Militaire School bij in defensie en geopolitiek
  • Bouwt momenteel het Brussels Institute of Contemporary China Studies (BICCS) uit tot een academische denktank die probleemloos meedraait tussen de tegenhangers van grote Amerikaanse of Chinese universiteiten, in combinatie met zijn doctoraat
  • Is kind aan huis bij ’s werelds topdiplomaten  en toppoliciti

Tekst Nico Schoofs – foto Griet Dekoninck