Foutmelding

  • There are no workflow states available. Please notify your site administrator.
  • There are no workflow states available. Please notify your site administrator.

Eva Brems: “Schaarse jongens waren echte attractie”

Juriste, mensenrechtenactiviste en nu ook politica: Eva Brems is van heel wat markten thuis, maar het maatschappelijke engagement loopt als een rode draad doorheen haar carrière. Met bijzondere dank aan geschiedenisleraar Jan Ulens.

Veel potentieel

Medio jaren tachtig kruiste het pad van Jan Ulens, geschiedenisleraar in het Heilig Hartinstituut in Heverlee drie jaar lang dat van Eva Brems, toen wel al in het hoger secundair. Meer nog, in de vijfde Latijn-Griekse ontpopte Ulens zich ook tot een fel gewaardeerde klastitularis. “Ik had jaarlijks minstens honderd nieuwe leerlingen – dat is nu eenmaal het lot van een leraar geschiedenis – maar toch herken ik ze vandaag nog haast allemaal wanneer ik ze toevallig tegen het lijf loop. En ja, dat geldt ook voor Eva, zelfs al in de jaren alvorens ze her en der in de media begon op te duiken. Niet dat ik haar toen al een bepaalde carrière kon voorspellen, maar het was wel duidelijk dat Eva tot die groep intellectueel sterke leerlingen behoorde voor wie veel mogelijkheden zijn weggelegd. Ook in een grote school als het Heilig Hartinstituut – vandaag goed voor 2.600 leerlingen in het secundair onderwijs – blijft dat toch altijd een eerder beperkte groep. Al heb ik intussen geleerd dat je met dat soort vooroordelen ook moet opletten: als leerkracht moet je achteraf soms erkennen dat ook leerlingen die ogenschijnlijk iets minder potentieel hadden soms heel verrassende uitwegen vinden en het dan toch ver schoppen.”

Puist op de kin

Ambitieuze carrièredromen waren in die periode nog niet aan Eva besteed. “Dat is pas later gekomen. Als middelbare scholier lig je nog altijd veel meer wakker van die laatste puist op je kin dan van je toekomstplanning. Toen ik daarna naar de universiteit trok om rechten te studeren, had ik eerder een carrière in de diplomatie voor ogen. In de eerste plaats omwille van het internationale aspect: een jaartje hier, enkele jaartjes daar, dat zei me wel iets. Een andere optie, totaal belachelijk als ik daar nu op terugblik, was economie, geheel in de geest van de jaren tachtig. Gelukkig had ik heel snel door dat dit totaal niet aan mij besteed was. Mijn ouders zijn allebei germanist. Literatuur of politieke wetenschappen boeide me dus ook wel, maar daarin miste ik zowel dat tikkeltje engagement als de carrièremogelijkheden achteraf. Carrière was toen ook geen vies woord meer, maar toegegeven, in de eerste kandidatuur rechten was het snel uit met de pret: massa’s leerstof en vooral blokken en nog eens blokken. Het pure nadenken, het leggen van verbanden, dat was er op dat moment nog amper bij en dat miste ik toen wel.”

Liefde voor Amnesty International

Nog alvorens ze haar diploma secundair op zak had, toonde Eva zich al bijzonder geïnteresseerd in alles wat met mensenrechten te maken had. Die belangstelling zou ook als een rode draad doorheen haar verdere carrière lopen. Als zestienjarige schreef ze al brieven voor Amnesty International, later werd ze bestuurder van de Liga voor de Mensenrechten en voorzitter van Amnesty International Vlaanderen. Aan de Gentse universiteit doceert ze nu onder meer mensenrechten en verricht ze onderzoek naar vrouwenrechten wereldwijd. “Ik zou niet zo ver durven gaan om te beweren dat mijn carrière er totaal anders zou hebben uitgezien zonder deze lessen geschiedenis, maar ze hebben mijn maatschappelijke betrokkenheid ongetwijfeld verder aangewakkerd. Als ik dat ergens heb opgepikt tijdens mijn middelbare schoolperiode, dan was het ongetwijfeld in die twee uurtjes geschiedenis die Jan ons elke week voorschotelde.

Jongens: een kermisattractie

Jan Ulens begon zijn carrière in Heverlee ergens eind jaren zestig, toen het Heilig Hartinstituut niet enkel als een streng katholieke school oogde maar er ook daadwerkelijk één was. Medio jaren tachtig, toen Eva Brems er haar opwachting maakte, lagen de kaarten al totaal anders. “Op enkele jaren tijd heeft de school een spectaculaire verandering ondergaan. Leerlingen kregen veel meer ruimte, letterlijk en figuurlijk, en persoonlijk vond ik dat een goede zaak.”

"In mijn beginjaren zaten er nog geen jongens op school, en dus was de Oude Markt hier in Leuven regelmatig een meer dan aanlokkelijk alternatief. De eerste jongen hier op school – een zekere Werner – dat moment zal ik nooit vergeten. Hij spoelde hier aan samen met een nieuwe richting, Sportwetenschappen of iets dergelijks. Het eerste jaar was hij helemaal alleen, enkele jaren later waren ze al met tien. Toen we gingen turnen, maakten we steevast een ommetje langs de klas met de jongens, waar we dan even traditioneel door de ramen gluurden. Vandaag klinkt dat nogal lachwekkend, maar in die dagen vormden de schaarse jongens echt nog een attractie."

Politieke ego’s

Na een jarenlange carrière aan de Gentse universiteit maakte Eva Brems onlangs een verrassende carrièresprong door in de politiek te stappen. Een stap die ook Jan Ulens wel enigszins verbaasde. “Eerlijk, ik had in haar nooit een politica gezien. Toen ik het nieuws vernam, heb ik wel even gedacht ‘oei, waar begint ze nu aan?’ (lacht). Politiek dat is toch een wereld van vaak heel kleine, alledaagse beslommeringen en conflicten, een wereld van ego’s ook. Wat niet betekent dat ik er van uitga dat ze zal mislukken in de politiek, daar durf ik niet echt een oordeel over vellen. Ze heeft zeker de nodige bagage, het zal er nu op aankomen die ook in de praktijk te kunnen omzetten.”

"Ik wil het verschil maken"

“Ach, ik besef dat dit iets heel anders wordt, maar het is best complementair met mijn academische carrière. Ook in de politiek zullen mensenrechten mijn corebusiness blijven, maar ik ben bij deze keuze vooral bewust uitgegaan van mijn eigen talenten en vaardigheden: wat heb ik nog in mij dat ik in mijn academische carrière nog niet ten volle heb kunnen ontplooien? En dan beland ik automatisch bij concrete projecten, de aanpak op het terrein, iets waar ik na al die jaren van academisch werk toch wel nood aan had. Ik besef dat dit niet risicoloos is, maar gun mezelf ook de tijd en de kans om desnoods te mislukken. Mocht ik in de politiek echt niet kunnen wegen, dan zal ik wellicht vrij snel mijn conclusies trekken. Dat zit nu eenmaal in mij: ik wil me heel graag engageren, maar enkel als ik daarbij ook daadwerkelijk een verschil kan maken. Anders hoeft het voor mij niet.”

Tekst Filip Michiels - Foto Michel Wiegandt

Lees het volledige artikel in Vacature Magazine.