Dossier: Passiefkantoor, gezond voor werknemer en werkgever

Het lijkt de natte droom van elke bedrijfsleider of ceo: een energiefactuur die een pak lager uitvalt én een gezonder werkklimaat op kantoor. We trokken naar de Gentse havenbuurt, waar het Havenbedrijf vijf jaar terug de intrek nam in het eerste echt passieve kantoorgebouw van het land.

Het gebouw, in een wat desolaat ogende industriezone langs de drukke Kennedylaan, lijkt in eerste instantie in niets te verschillen van een doorsnee kantoorgebouw. Binnenin valt vooral de wat grove, betonnen structuur en de overvloed aan hout en licht op, maar niets wijst er op dat dit het allereerste passiefgebouw van die omvang was in ons land. “Toen de eerste plannen voor een nieuw gebouw tien jaar terug op tafel kwamen, waren we net een autonooom bedrijf geworden en moesten we op de centen letten”, vertelt Marijke De Vreese, als planoloog aan de slag bij van het Havenbedrijf Gent.  “Besparen was dus de boodschap. Toen het architectenbureau dan met het idee op de proppen kwam om hier een duurzaam gebouw neer te poten, hoorden we het aanvankelijk wel even donderen in Keulen. Zelfs voor mij, met een diplima architectuur op zak, was het concept van een passiefgebouw  toen nog totaal onbekend.”

Het nieuwe gebouw – waar vandaag 60 mensen aan de slag zijn - klokte in 2005 uiteindelijk af op een prijskaartje van 2,5 miljoen euro. “Welgeteld 60.000 euro meer dan wat een klassiek gebouw van die omvang ons zou hebben gekost. Al dien ik daar eerlijkheidshalve wel aan toe te voegen dat we flink bespaard hebben op de afwerkingskosten en dat we ook een premie van 15.000 euro ontvingen. Door het gebouw heel sober en functioneel af te werken, konden we de prijs dus zo sterk drukken dat we de meerkost na amper vier jaar al hadden terugverdiend.”

Indianenverhalen

Er doen nogal wat indianenverhalen de ronde over passiefhuizen. Gaande van een ongezond woon- of werkklimaat onder invloed van de maximale isolatie tot grapjes over werknemers die dik ingeduffeld op hun klavier zitten te tokkelen. “Daar is echt niets van aan”, klinkt het stellig. “Het klopt dat dit gebouw zeer zwaar geïsoleerd is: dat gaat van 40 cm isolatie in dak en muren over driedubbel glas tot houten ramen waarin nog een extra isolatielaag verwerkt is. Ik maak graag de vergelijking met een thermoskan: zolang de kan goed afgesloten is, blijft de koffie lekker warm. Dat principe geldt hier ook, en dat is in het begin toch wel even wennen en vooral sensibiliseren: als iedereen ongecontroleerd ramen en deuren laat openstaan, dan moeten we in de winter zwaar bijstoken en wordt het in de zomer bloedheet. Dat kan dus niet. Maar van een ongezond werkklimaat is hoegenaamd geen sprake, integendeel. Wanneer ik hier in vergadering zit, valt het me op dat de luchtkwaliteit een stuk beter blijft dan in een klassiek gebouw. Een goede ventilatie is bijzonder essentieel om de temperatuur in een passiefhuis perfect op het gewenste niveau te houden, en dus wordt hier veel beter geventileerd dan in gewone kantoorgebouwen. Koud is het hier al evenmin: we hebben geopteerd voor een comforttemperatuur van 22 graden.

Natuurlijk moeten we daarvoor in de winter af en toe bijstoken, maar de besparing in vergelijking met een conventioneel kantoorgebouw is reusachtig groot. We beschikken hier over een toale oppervlakte van 1.800 vierkante meter, en onze verwarmingsketel is identiek aan die in een wat groter uitgevallen huis. Het aardgasverbruik hier ligt nu 50 procent lager dan wat we verstoken in een aanpalend, volledig gerenoveerd gebouw, dat quasi even groot is. En ook op maandagmorgen, wanneer het gebouw twee dagen lang heeft leeggestaan, is het hier netjes 22 graden. Daarvoor zorgt een uiterst complex computersysteem, dat rekening houdt met allerlei parameters om de temperatuur op peil te houden.”

Grootste besparing in zomer

Verrassend genoeg levert een passief bedrijfsgebouw de grootste besparing op in de zomer, wanneer het massale gebruik van airconditioning de elektriciteitsfactuur in zowat alle grote bedrijfsgebouwen de hoogte injaagt. “Koelen is vijfmaal duurder dan verwarmen. In de zomer halen we dus ’s nachts massaal verse en frisse lucht binnen. De sterk doorgedreven isolatie, automatische zonneweringen en ramen die overdag absoluut gesloten moeten blijven, doen de rest.”
Terwijl de vraag naar passiefwoningen in ons land elk jaar wat meer in de lift zit, blijven passieve bedrijfsgebouwen een heuse rariteit. En dat is merkwaardig, zeker als je weet dat nieuwe gebouwen volgens de meest recente Europese wetgeving tegen 2020 quasi energieneutraal zullen moeten zijn. Dat gaat dus nog een heel eind verder dan de criteria waaraan passiefgebouwen vandaag al voldoen.

“Het is vooral een kwestie van onwetendheid”, vermoedt Marijke. “Toch worden we hier de laatste maanden echt overstelpt met aanvragen van bedrijven die graag eens een kijkje komen nemen. Ik vermoed dat de almaar stijgende energiefacturen daar wellicht voor iets tussen zitten (lacht). Persoonlijk zou ik in ieder geval niet meer willen wisselen. Natuurlijk is het in het begin even zoeken om alle parameters optimaal op elkaar af te stemmen en zo tot de ideale temperatuur te komen, maar het grootste probleem lijkt me eerder de mentaliteit van de werknemers. Het is vaak niet eeenvoudig om hen er van te overtuigen dat we echt wel goede redenen hebben om een deur of venster geen tien minuten te laten openstaan. In een passiefhuis ligt dat anders, omdat de betrokken gezinsleden er dan zelf ook financieel baat bij hebben om alle spelregels te respecteren. Andere nadelen zie ik niet meteen, of het moest zijn dat de werknemers hier de verwarming in hun kantoor niet langer individueel kunnen afstellen, zoals dat vroeger wel het geval was. Dat botst soms nog wel eens met de controlefreak in ons.”

“Energiefactuur in passiefgebouw tot 85 procent lager”

“Passieve gebouwen – zowel woningen als kantoren – verbruiken tot 85 procent minder energie voor verwarming en koeling in vergelijking met normale woningen of kantoren”, weet Peter Dellaert van het Passiefhuis Platform. “Dat kan dankzij de heel sterk doorgedreven isolatie, waarbij we de warmte die in het gebouw aanwezig is (via warmteproductie door mensen en machines, nvdr) zo veel mogelijk in het gebouw trachten te houden. Daarnaast maken we ook gebruik van de zonnewarmte, vooral dankzij een goede oriëntering van het gebouw. Specifiek naar kantoorgebouwen toe ligt de grootste uitdaging in de zomermaanden, waarbij we erover moeten waken om niet te veel warmte in het gebouw te houden. Bij ramen op het zuiden is automatische zonnewering dan ook een must. Vaak wordt er ook nog gewerkt met een zogenaamde zelfventilerende gevel, waarbij een extra gevelbekleding die los staat van de basisgevel warmtedoorslag vermijdt.”

Minstens even essentieel in een kantoorgebouw is een goede ventilatie. “Daarvoor werken we met een balansventilatiesysteem, dat de warmte onttrekt aan de vervuilde lucht die wordt uitgeblazen. Tegelijk voert het ventilatiesysteem ook verse lucht aan, zodat de luchtkwaliteit binnenin altijd goed blijft.”

Meer info? www.passiefhuispatform.be

Tekst: Filip Michiels- Foto: Isabel Pousset