De wonderjaren van schrijver David Van Reybrouck

Een Juliette Binoche-look-a-like als lerares Grieks, een priester-leraar op legerbottines met AC/DC-platen op het schap: als leerling van 16 keek David Van Reybrouck zich goed de ogen uit. Terug naar zijn wonderjaren, aan het Onze-Lieve- Vrouwcollege in het West-Vlaamse Assebroek.

David Van Reybrouck

  • geboren in Brugge, 1971
  • Studeerde archeologie in Leuven en Cambridge, doctoreerde later in Leiden
  • Werkte een tijdlang als wetenschappelijk coördinator van AREA (Archives of European Archaeology) en ging daarna aan de slag als cultuurhistoricus bij de KU Leuven
  • Publiceerde in 2001 met ‘De Plaag’ een eerste boek, dat meteen bekroond werd met de Debuutprijs 2002. In 2007 verscheen zijn eerste roman (‘Slagschaduw’), later volgden ook nog een theatermonoloog en ‘Congo, een geschiedenis’).

Hier, in het wat ingedommelde Assebroek, op een stevige boogscheut van Brugge, bracht Van Reybrouck zijn hele jeugd door. Hij maakte er ook deel uit van de allereerste lichting leerlingen die in het toenmalige VSO-systeem school liepen (vernieuwd secundair onderwijs). “Twee uur Latijn in het eerste jaar middelbaar, voor iedereen. Daarna liet ik het Latijn voor wat het was en koos ik de optie Grieks. Vanuit het buikgevoel dat Grieks de meest poëtische van die twee talen was, terwijl Latijn me een stukje mathematischer leek. Ik weet het: vijf jaar Grieks en één jaartje Latijn, het was vroeger en vandaag opnieuw ondenkbaar, maar in het toenmalige VSO kon het blijkbaar wel.”

Mannenbastion

Hoewel David enkel in het vijfde jaar secundair Grieks van haar kreeg, is Katrien hem om meer dan één reden bijgebleven. “Deze school was in die tijd nog een heus mannenbastion: uitsluitend jongens op de schoolbanken, haast alleen leraars voor de klas. Katrien was toen één van de welgeteld drie vrouwelijke leerkrachten. Nu, ze sprong er natuurlijk ook om andere redenen uit. Ze was mijn lerares Grieks in het vijfde middelbaar, toen ik de taal stilaan voldoende onder de knie had om de vaak wat saaie grammatica achter me te laten en volop te proeven van de schoonheid van de teksten. De Ilias, de Odyssee, dat was echt genieten, maar Katrien voegde daar nog een extra dimensie aan toe. Zij actualiseerde de inhoud van die teksten, en haar lessen gingen een heel eind verder dan de pure grammatica of syntaxis, het werden bijna levenslessen. Van de liefde over de zin van oorlog tot de betekenis van de dood: alle grote vragen kwamen aan bod, veel meer dan in de godsdienstlessen zelfs. Ik voelde me echt heel ernstig genomen in haar lessen, en dat heb ik altijd onthouden.”

Klasdiscussies

Katrien, lichtjes blozend na zoveel lof: “Het klopt wel dat ik er van houd om met de klas in gesprek – en soms ook in discussie – te gaan over de inhoud van de teksten die we lezen. Ook al omdat je daar als leerkracht heel wat van opsteekt. Met die kanttekening dat je je als leerkracht natuurlijk altijd aanpast aan de groep leerlingen die voor je neus zit. Nu was de klas van David ook een bijzonder geïnteresseerde en geëngageerde klas. Daarnaast spreekt een oude taal zoals Grieks – vaak een echt grammaticaal kluwen – ook in sterke mate de intellectuele vermogens van de leerlingen aan. Ook op dat vlak zat het met die groep wel snor, want zowat de helft van de leerlingen heeft later gedoctoreerd.”

Priester-leraar op legerbottines

“Ik houd prachtige herinneringen en een handvol goede vrienden over aan mijn schooltijd hier, maar vooral de laatste twee jaren zijn me sterk bijgebleven,” blikt Van Reybrouck terug. “We zaten toen met amper twaalf leerlingen in de klas, en omdat zowat iedereen verschillende optievakken had gekozen brachten we dan ook nog maar een handvol uurtjes per week samen door, onder meer in de lessen van Katrien. Dat was een onvoorstelbare luxe, en we hingen heel hecht aan elkaar. Ik weet nog dat ik achteraf naar de universiteit trok met het idee ‘nu gaat het hier pas echt beginnen.’ Wel, dat viel zwaar tegen, zowel qua sfeer als qua niveau. Pas toen had ik echt door in wat voor een intellectueel inspirerende klas ik gezeten had. Daar kwam bovenop dat de school er ook een hele resem zogenaamde ‘para-scolaire’ activiteiten op na hield. Zo speelde ik bijvoorbeeld toneel, ik was hoofdredacteur van het schoolkrantje, en ik organiseerde projecten rond Kameroen en Bolivia. Met andere woorden: er is in die twintig jaar weinig of niets veranderd. (grijnst)

Missionaris met AC/DC plaat

Het verstikkende van het katholicisme heb ik in deze school nooit ervaren, wellicht ook omdat ik hier aankwam op een echt kantelmoment. Toen ik naar het eerste middelbaar trok, woonden hier nog negen priester-leraars in. Zes jaar later, toen ik de schoolpoort achter me dichtsloeg, waren dat er nog drie. Een van hen is later missionaris geworden in Brazilië, een tweede had platen van AC/DC en Black Sabbath in de kast staan en wandelde hier vrolijk rond op legerbottines. Kan je nagaan. Ik herinner me ook nog een leraar LO, een ex-paracommando maar de liefste mens ter wereld. Voor ik les kreeg van hem had ik weinig op met sport, maar toen mochten we plots diepzeeduiken in het zwembad of een oriëntatieloop doen in het bos met kompas en stafkaart. Geweldig was dat. Het gebeurde wel vaker dat ik pas rond 11 uur ’s avonds van school thuis kwam. Dat zegt toch wel iets.”

Alles vervat in de archeologie

“Die open, joviale sfeer, met een bijzonder goede verstandhouding tussen leerkrachten en leerlingen, heb ik hier altijd gekend,” valt Katrien in. “Ik ben mijn carrière hier gestart in 1978, en terwijl ik David nu in de verleden tijd hoor vertellen, kan ik enkel maar vaststellen dat er qua sfeer intussen bitter weinig veranderd is. David zelf herinner ik me als een heel leergierige, hongerige leerling, met een opvallend brede belangstelling. Hij was ook bijzonder geëngageerd en sterk aanwezig op school, vaak op de meest uiteenlopende terreinen. Zorgzaam ook in zijn contacten met mensen: hij was en is geen doetje en kwam voor zijn mening uit, maar altijd op omzichtige wijze, zonder het conflict omwille van het conflict op te zoeken of mensen opzettelijk te kwetsen.”

Even genieten van de leegte

Katrien en David verloren elkaar de voorbije jaren nooit echt volledig uit het oog. Ze was er bij toen hij zijn doctoraat verdedigde in Leiden, ze was van de partij toen hij een eerste maal genomineerd werd voor een poëzieprijs, ze is en blijft een trouwe klant bij zijn boekvoorstellingen. “Er zijn altijd leerlingen die je van op zekere afstand wel blijft volgen, maar David is de enige met wie het contact toch relatief nauw gebleven is. Het klikte van bij het begin ook persoonlijk met hem, en dat heeft veel zoniet alles te maken met zijn heel gulzige, veelzijdige persoonlijkheid. Zoals hij hier nu zit, zoals hij nu weer vol enthousiasme vertelt: hij is in al die jaren geen spat veranderd. Ik heb zelden een leerling gekend bij wie de wisselwerking in het proces van de kennisoverdracht zo vlot en zo spontaan verliep als bij David.”

Toekomst

Op onze laatste vraag – wat brengt de toekomst ?– blijft het voor het eerst in anderhalf uur even stil. “Heel eerlijk: ik weet het niet. Ik heb de voorbije jaren ontzettend hard gewerkt, kom pas terug uit Congo en wil nu vooral even genieten van de leegte. Mijn Congo-boek ligt in de winkel, en daar houdt het voorlopig even op. Vanuit het vertrouwen dat er zich binnenkort wel opnieuw iets aandient.”

Tekst: Filip Michiels - Foto’s: Isabel Pousset

Het integrale artikel kan je lezen in ons Vacature Magazine.