De succestapes - Philippe Starck, popster van het design

De superster van het design, zo luidt het koosnaampje dat hij het vaakst krijgt. Niet onlogisch. Want niemand in de designwereld raakt dichter bij de status van popster dan de Franse ontwerper en architect Philippe Starck.

Privévliegtuig

De zenuwen staan strak gespannen in Hornberg, een plaatsje in het Zwarte Woud. “Even geduld, mister Starck komt dadelijk”, zegt een pr-dame afgemeten, vooraleer ze haastig wegstapt. Supersterren mogen dan al zeldzaam zijn in de designwereld, Philippe Starck is er duidelijk één. De Franse designer-architect geeft een ietwat geïmproviseerde persconferentie bij een Duitse badkamerfabrikant en dat zorgt voor enige nervositeit. De 62-jarige ontwerper is onder meer met zijn privévliegtuig naar hier gekomen. Best een handig vervoermiddel, natuurlijk, voor iemand die pendelt tussen optrekjes in Venetië, de Balearen en Parijs, maar ook iets waar Starck om een bijzondere reden trots op is.

“Ik heb in mijn hele leven maar één diploma gehaald: dat van vliegtuigpiloot”, zegt hij, in een met een loodzwaar Frans accent doorspekt Engels. “Mijn hersenen zijn niet in staat om iets te leren, tenzij het om leven en dood draait, zoals bij vliegen. Het is zoals bij een videospelletje: het is game over als je een verkeerd manoeuvre doet. Hoewel: ik ben al één keer met mijn vliegtuig gecrasht en ik heb het overleefd (glimlacht).”

Laat het duidelijk zijn: Philippe Starck is geen gewone sterveling als u en ik. Hij groeide op als zoon van een Parijse vliegtuigingenieur en –ontwerper en bracht zijn kindertijd door tussen de ontwerptekeningen en maquettes. Een tijd waarin hij zich met plezier onledig hield met het demonteren van fietsen, motoren en andere ontwerpen, zo wil de overlevering. Voorbestemd om ontwerper te worden, dus, en hij trok ook naar de Ecole Camondo, een vooraanstaande Parijse privéschool waar hij een opleiding productdesign en interieurinrichting kreeg. Gefundenes Fressen voor Starck. En al vrij vlug bleek hij niet alleen creatief, maar ook ondernemend: na zijn studies startte hij een bedrijfje waarmee hij opblaasbare producten ontwierp. Humor en ontwerpen: de twee gaan bij Starck wonderwel samen. In 1969 was hij het creatieve hoofd van Pierre Cardin, later trok hij naar de VS en daarna startte in 1979 Stark Company. Maar zijn carrière schoot internationaal pas echt uit de startblokken toen president François Mitterand hem in 1982 vroeg een suite in de Elysée in te richten. Een kantelmoment, al wil Starck daar zelf niets van weten: “Mijn carrière zou er zonder die opdracht precies hetzelfde uitgezien hebben”, zo bezweert hij. “Niets of niemand heeft mijn leven fundamenteel veranderd, behalve mijn vrouw. Ik ben sinds mijn geboorte nooit echt veel veranderd. Ik ben al altijd koppig geweest.”

Grijze haren

Wat er ook van aan is: vanaf dat moment rijgt Starck de internationale projecten pas echt aan elkaar. Hij richtte Café Costes in Parijs en restaurant Manin in Tokio in, samen met een lange rist hotels: Partamont in New York, Delano in Miami, Hudson in New York en Hotel Clift in Los Angeles, onder meer. Kenmerken van de Starck-touch: humor, luxe en eenvoud in stijl. Bij het grote publiek raakt Starck intussen vooral bekend als designer: zijn kuipzetels duiken op in menig kantoor, de fruitpers Juicy Salif voor Alessi groeit uit tot een cultobject – hoewel de fruitpers als gebruiksvoorwerp naar verluidt absoluut niet deugt - en de befaamde plastic stoel voor Kartell. Er staat geen grens op wat Starck ontwerpt. Zo ontwierp hij onlangs het interieur voor het commerciële ruimteschip SpaceShipTwo van Virgin Galactic, en restylede hij in 2003 het interieur van de Eurostartreinen. “Niet dat ik voor eender welke fabrikant zou kunnen ontwerpen. Toen ik meer dan 30 jaar geleden mijn bedrijf oprichtte, schreef ik op de eerste dag een ethisch charter. Nu doet iedereen dat, toen niet. We werken niet voor wapens, tabak, zware alcohol, gokken, religie en oliemaatschappijen. Sommige van die bedrijven zouden ons maar al te graag willen gebruiken om een leuker imago te hebben, maar we zijn niet te koop.”

Dat Starck zich vandaag de superster van het design mag heten en één van de meest gevraagde ontwerpers ter wereld is, is ondanks alles verbazend. Want de Fransman heeft een nogal aparte manier van werken, die zijn opdrachtgevers af en toe grijze haren moet bezorgen. “Fabrikanten die me iets vragen, weten vooraf dat ze iets zullen krijgen dat ze niet verwachten. Alberto Alessi vroeg me een botervlootje te maken, en hij kreeg een fruitpers. En hij mag me dankbaar zijn. Fruit is veel gezonder dan boter, dat zit vol cholesterol (glimlacht).”

Vooruit op zijn tijd

Starck is een ideeënfabriek die continu op volle toeren draait, vertelt hij. Als het moet, werkt hij aan een verschroeiend tempo. “Sommige designers haten me omdat ik zeg dat ik een stoel in twee minuten kan ontwerpen, maar het is waar. Ik kan een hotel, met al het meubilair erin, ontwerpen in anderhalve dag. Twee dagen, als ik slecht gezind ben. Ik ben zo snel omdat ik zo traag ben. Ik denk voortdurend aan verschillende dingen tegelijk, al veertig jaar lang. En plots komt er een idee uit dat af is. Veel tijd moet ik er dan niet meer in steken. Maar dat is persoonlijk: het is mijn manier van leven en werken. (pauzeert even) Ik heb alles wat ik wil in mijn leven. Er is slechts één minpunt: ik leef altijd een stap vooruit. Ik zal geen minuut van mijn leven geleefd hebben. Als je een goed idee hebt, is het normaal dat je voor bent op je tijd. Het is waardeloos om mee te zijn met je tijd, en het is belachelijk om achter te lopen. Het is dus mijn plicht om vooruit te denken. En ik ben heel erg voor op mijn tijd. Alleen voor dingen die niet belangrijk zijn (grijnst).” Een typische opmerking voor Starck: ergens tussen ironie en ernst in. Maar hij gaat alweer onverstoorbaar – vooruit op zijn tijd - verder: “Weet je, ik heb constant ideeën die niet uitgevoerd worden, maar dat kan me niet schelen. Het uitvoeren van ideeën is vulgair, ik moet het nu eenmaal doen. Als ik niet verplicht zou zijn om te werken, zou ik de hele dag in bed blijven liggen. Als niemand me zegt ‘o, ik wil dit idee ontwikkelen’, dan vergeet ik het. We zijn geen zakenmensen die bedrijven contacteren om hen te polsen of ze een idee willen ontwikkelen.”

Toch zorgt hij naar eigen zeggen goed zorg voor de werknemers van UBIK, zoals zijn bedrijf heet. Alleen wordt er verder geen letter over zijn bedrijf geen letter gecommuniceerd, noch door Starck zelf, noch door zijn entourage. Nochtans zou het best wel ‘s interessant zijn te weten hoeveel mensen er werken, welke profielen ze hebben en hoeveel van Starcks werk zij effectief voor hun rekening nemen. “Niet relevant voor wat Philippe Starck doet”, zo luidt het. Starck is de ster en een merknaam met uitstraling, en dat moet zo blijven.

Een moderne kluizenaar

Nog iets dat tot dat imago bijdraagt, is het feit dat Starck leeft en werkt als een kluizenaar. Sinds jaar en dag trekt hij zich met Jasmine Abdellatif, zijn (veel jongere) vierde vrouw, terug op het eiland Formentera, één van de eilanden in de Balearen waar hij een optrekje heeft. Hij woont er ver weg van de wereld, en sluit zich ook af voor telefoon en internet. “Aan onze deur hangt een bord met de mededeling ‘Enkel toegang op afspraak. Alle afspraken geannuleerd’”, zegt Starck. “Het hangt er al 20 jaar. In al die tijd is er niemand ons huis geweest. Ik heb geen contact met de buitenwereld. Het interesseert me ook niet.” Wat niet betekent dat Starck met zijn vingers zit te draaien. Integendeel. Zijn vrouw en hij houden er naar eigen zeggen een Spartaanse levensstijl op na. “Gisteren stond ik rond 5u30 op. Mijn vrouw en ik werkten samen, zoals altijd, in dezelfde ruimte. Zij houdt contact met de buitenwereld, terwijl ik onafgebroken werk. Ik wil niet verstoord worden door contact met de buitenwereld. De rest van de dag verloopt heel simpel: we eten iets rond halftwee, en daarna werken we verder tot halfzeven. En daarna gaan we naar buiten, iets gaan drinken met de visserslui op het eiland. Daarna doen we gewone dingen: eten, de liefde bedrijven, lezen en vroeg gaan slapen. Alleen dat laatste lukt niet altijd. De rest des te beter (grijnst). Het helpt me om creatiever te zijn. Door me af te sluiten van de buitenwereld plaats ik mezelf buiten het mainstream denken. Dat is nodig. Je moet ruimte maken om je eigen ideeën te ontwikkelen.”

In de toekomst wil Starck zich minder bezig houden met designen. Hij is gebiologeerd door landbouw – hij heeft een eigen oesterboerderij – en wil zich daarnaast toeleggen op de studie van het enige onderwerp dat hem écht interesseert: creativiteit. “Ik wil fundamenteel onderzoek doen naar creativiteit. En ik wil daarvoor samenwerken met psychologen, biologen en andere wetenschappers. We leven in een samenleving waar het vaak gaat over kunst, dans, architectuur, design, muziek en andere vormen van creativiteit, maar nooit over creativiteit zelf. Van één ding ben ik overtuigd: iedereen is creatief. Creativiteit is zoals gymnastiek, je kan het oefenen. En we zullen het nodig hebben. Want binnen x aantal miljoen jaar ontploft de zon en moeten we op zoek naar andere oorden. Dat lijkt nog ver, maar ik kijk graag vooruit.”

Wie bewondert Starck?

“Ik heb niemand waar ik naar opkijk. Andere mensen bewonderen is tijdverlies”, zegt Philippe Starck laconiek wanneer we hem vragen naar wie hij opkijkt. Toch noemde hij zijn bedrijf UBIK, een verwijzing naar het gelijknamige boek van Philip K. Dick, de Amerikaanse science fiction schrijver die Starck bewondert. “Eén van de grootste maatschappelijke visionairen, die het in de jaren ‘60 voor het eerst over parallelle werelden had”, zo omschrijft hij hem. Ook François Mitterand draagt het respect van Starck weg. “Een enorm intelligente man. Ik vind het altijd leuk om met intelligente mensen te kunnen omgaan. Het maakt het leven beter.”

Foto: Joan Thomas (Getty Images)