Foutmelding

  • There are no workflow states available. Please notify your site administrator.
  • There are no workflow states available. Please notify your site administrator.

De rocksterren van Silicon Valley

Geen war for talent meer? Niet in Silicon Valley. In het technologische hart van de Verenigde Staten genieten software-ingenieurs haast de status van een rockster: bedrijven vechten om ze binnen te halen, hun lonen stegen het voorbije jaar gevoelig en ze krijgen soms de meest waanzinnige extra’s.

Eind juni. Het is smorend heet in Palo Alto, de universiteitsstad in het hart van Silicon Valley. Mensen slenteren loom door University Avenue, de met bomen omzoomde straat die het centrum doormidden snijdt. Op het overdekte terras van Starbucks, op een goeie steenworp van de prestigieuze Stanford University, zit bijna iedereen druk tokkelend over zijn laptop gebogen. Of het nu gaat om een werkvergadering, een videomeeting of een jonge start-upper die werkt aan de next big thing, een terras met gratis wifi is een geschikt werkterrein voor velen die in de technologievallei werken.

"Ik heb straks een vergadering, ik spring hier gewoon even binnen met een vriend", zegt de 26-jarige technologieconsultant Jordan Buller, een laptop en koffie binnen handbereik. "Ik studeerde computerwetenschappen aan de universiteit van Virginia en ben naar hier gekomen omdat ik een mooi jobaanbod kreeg. Dat was drie jaar geleden, toen de economie het slecht deed. Nu is het nog veel beter geworden. Er worden veel mensen aangeworven, de vraag is heel groot, niet alleen voor mensen van topuniversiteiten als Berkeley en Stanford. Veel mensen komen naar hier. Of ik ook droom van een eigen bedrijf? Natuurlijk, iedereen in Silicon Valley droomt van een eigen bedrijf. Ik heb alleen nog geen concrete plannen."

Of ze nu dromen van een eigen zaak of niet, ingenieurs beleven (opnieuw) gouden tijden in Silicon Valley. Uit cijfers gepubliceerd in de NY Times blijkt dat er dit jaar alleen al bijna 150.000 nieuwe technologiebanen worden gecreëerd in de VS. En sinds een jaar gaan de lonen voor topingenieurs - software-engineers in de eerste plaats – de hoogte in. Terwijl de salarissen voor it-ingenieurs sinds het uitbreken van de vorige kredietcrisis in de rest van de VS amper toenamen, zoals een enquête van de Amerikaanse salarisexpert Dice aangeeft, groeiden die in Silicon Valley in 2010 opnieuw gemiddeld met 3 procent. En voor dit jaar zal dat percentage een stuk hoger liggen. Een heel stuk hoger zelfs.

“Sinds zowat acht maanden voel je dat de strijd om talent echt losgebarsten is”, zegt Andy Nacsin van Redfish Technologies, een rekruteringsbureau gespecialiseerd in de hightech- en cleantechsector in Silicon Valley. “De lonen zijn sindsdien met 10 procent omhoog gegaan, schat ik. En dan spreken we nog niet over bonussen en aandelen die sommigen toegeschoven krijgen. Want daar zwaaien veel bedrijven ook serieus mee.”

Nieuwjaarscadeau: 10% loonopslag

Sinds eind vorig jaar zit de druk dus op de ketel. Een bepalende rol daarbij spelen bedrijven als Facebook, Google, Zynga, Linkedin en Twitter. Tussen de giganten van Silicon Valley is een bijzonder fel duel om talent aan de gang. Nadat Facebook vorig jaar en begin dit jaar medewerkers wegsnoepte bij zijn grote concurrent, maakte ceo Eric Schmidt vorig jaar bekend dat alle medewerkers van Google per 1 januari een salarisverhoging van 10 procent kregen, samen met een (belastingvrije) vakantiebonus van 1.000 dollar. Tel bij die gigantenstrijd ook nog eens de vaststelling dat veel venture capitalists het klimaat gunstig achten om jonge start-up bedrijven ruggensteun te geven, waardoor steeds meer ingenieurs dromen van een eigen zaak en zo de schaarste op de arbeidsmarkt nog groter wordt, en het is duidelijk waarom de ‘war for talent’ in Silicon Valley opnieuw zo heet is als de Californische zon.

De situatie is in sommige gevallen zo nijpend dat hr-verantwoordelijken en headhunters verzuchten dat ze vandaag geen ingenieurs, maar heuse rocksterren zoeken. "Ingenieurs rocksterren? Daar komt het inderdaad op neer", zegt Valerie Frederickson, ceo van het gelijknamige headhuntersbureau uit Menlo Park. "Het is alsof we de goldrush van 1870 herbeleven. Een treffend voorbeeld: we hebben een klant uit San Francisco die belangrijke bedrijfssoftware maakt die ervoor zorgt dat bedrijven hun cijfers goed en vlot kunnen evalueren."

"Ze hebben circa 400 werknemers, doen het goed en groeien. Vorig jaar wierven ze een software-ingenieur aan en betaalden hem 100.000 dollar. Dit jaar hadden ze er drie meer nodig, maar intussen moesten ze daar 115.000 dollar voor betalen. Ze gaven de eerste kerel een opslag van 15.000 dollar, omdat ze het fair wilden spelen tegenover hem. Vergeefse moeite. Zes weken later klopte Google bij hen aan en haalde ze binnen, voor een loon van 175.000 dollar. Zo gaat het er tegenwoordig aan toe.”

En daar blijft het niet bij: bedrijven als Facebook, Zynga en Yahoo kopen af en toe start-up bedrijven – niet zozeer om de technologie, maar wel om de ingenieurs er achter. De aankoopsom geldt dan als een doorgaans (erg) fikse aanwervingsbonus voor de betrokkenen. Zo kocht Facebook onder meer social networkingsite FriendFeed, waarvoor het volgens Amerikaanse media 47 miljoen dollar betaalde. Zo’n 4 miljoen dollar per werknemer is dat, hoewel er ook een deel van het bedrag naar de investeerders achter FriendFeed ging. En zo zou Facebook alleen al de voorbije jaren een twintigtal overnames gedaan hebben.

Valerie Frederickson: “Sommige bedrijven worden al opgekocht nog voor ze goed en wel opgestart zijn. Als we zo doorgaan, wordt iemand aangeworven omdat hij er nog maar aan dacht een bedrijf te beginnen (lacht). Maar het gevolg is dat sommige bedrijven maar beter een plan B hebben als ze een ingenieur, webontwikkelaar, … zoeken. Mensen uit China en India halen, of outsourcen, bijvoorbeeld. Want het is voor sommigen echt héél moeilijk om de juiste mensen te vinden. Je merkt het ook aan het feit dat bedrijven veel minder bedenktijd gegund wordt als ze iemand zoeken: vorig jaar konden ze zich nog 45 dagen bedenktijd veroorloven, nu moeten ze de knoop gemiddeld binnen de veertien dagen doorhakken. Of de kandidaat is al elders aan de slag.”

Technologie blijft niet stilstaan, crisis of niet

De vraag rijst hoe het komt dat de talentenjacht in Silicon Valley nu losgebarsten is, terwijl het nog niet eens duidelijk is of we we een tweede luik van de crisis, een double dip, tegemoet gaan. Andy Nacsin: “De vorige crisis heeft er de voorbije twee jaar voor gezorgd dat heel veel projecten in de koelkast gestopt werden. Maar technologie kan maar voor een beperkte tijd stilstaan. Je ziet nu voortdurend tegenstrijdige berichten - we zijn uit de crisis, we zijn er  terug in - maar technologiebedrijven werven terug aan, als gekken zelfs. Iedereen heeft ontwikkelaars, ingenieurs, … nodig. Je hebt Facebook en Google, die helemaal niet door de recessie geraakt zijn, waardoor ze al het toptalent kunnen aanwerven. Ze kunnen dat, omdat ze meer geld bieden, meer voordelen kunnen voorschotelen.” Valerie Frederickson: “Tijdens de recessie waren veel ceo’s en managers bezig met besparen, en hadden ze niet de tijd of de middelen om de prestaties van hun personeel afdoende te evalueren en belonen. Nu moeten ze dat wel doen, omdat iedereen een tandje bij steekt.”


De gemiddelde werknemer doet er zijn voordeel mee. Volgens Nacsin bedraagt het gemiddelde bruto jaarloon van een ingenieur in de vallei 110.000 dollar, exclusief bonussen en aandelen. En hetzelfde geldt voor ingenieurs in de cleantech, een sector die sinds een tiental jaar boomt in Silicon Valley – tussen 1995 en 2008 steeg het aantal jobs er met 58 procent tot 44.000, en vandaag volgens Nacsin nog hotter is dan de internetsector. “Voor sommige profielen ligt het loon in de cleantech nog iets hoger, omdat die nog iets specifieker en zeldzamer zijn.”

Het draait dus om geld, om veel geld zelfs, maar niet alléén om geld. Gelukkig voor veel bedrijven, want anders zouden ze kansloos de duimen moeten leggen voor Google en consoorten. Brett Reckard, rekruteringsverantwoordelijke bij Mozilla: "Goeie ingenieurs kunnen overal in Silicon Valley terecht, dat is duidelijk. Maar een hoog loon is lang niet voor elke ingenieur de belangrijkste motivatie. Velen vinden het interessanter om aan een project te werken waar ze hun hart en ziel kunnen in steken. Wij krijgen af en toe brieven van mensen die ons spontaan vragen op welke manier ze kunnen helpen. Om die reden is het voor ons ook niet enorm moeilijk om mensen bij Facebook of Google weg te halen, ook al liggen de lonen daar hoger. We lokken vooral mensen lokken met ons project. En dat lukt vrij aardig. Mocht het alleen om geld draaien, zou we dat mogen we vergeten.”

Nick Baum, voormalig ingenieur bij Google en nu aan het hoofd van start-upbedrijf Whereberry, bevestigt de woorden van Reckard: “Voor ingenieurs gaat het om meer dan geld alleen. Je wordt sowieso al heel goed betaald, als je goed bent in wat je doet. Eén ding is belangrijk als ingenieur: je wil dingen voor elkaar krijgen. Google begrijpt dat heel goed. Ze laten werknemers zo veel mogelijk hun eigen ding doen. Ik heb meegewerkt aan de Google Reader en dat was fantastisch werken: er was niemand van bovenaf die ons zei waar het heen moest. Wij beslisten daar over, met een kleine groep ingenieurs."

"Google beseft ook dat je mensen niet alleen binnen haalt met een goed loon, maar ook simpele dingen als een gratis lunch. Er zijn ook wasmachines, ze hebben een gratis busdienst (werknemers van AOL mogen hun huisdier zelfs meenemen naar hun werk, ds). Simpel, maar het werkt. Het drukt de levensduurte, die in Silicon Valley en vooral San Francisco serieus oploopt. Los daarvan zijn er ook veel ingenieurs die – zoals ik - iets willen verwezenlijken en daarom een eigen bedrijf starten, in plaats van voor een groot bedrijf te werken. Je hebt als goeie ingenieur niets te verliezen. Er zijn investeerders genoeg, en als het fout loopt, word je sowieso heel snel opnieuw aangeworven. De vraag is dus eerder: waarom zou je het niet doen?”

Ingenieurs onderbetaald?

De vraag rijst of Silicon Valley met zijn duurbetaalde ingenieurs niet afstevent op een nieuwe zeepbel, zoals die er amper tien jaar geleden ook al was. "Ik denk het niet. De meeste bedrijven hebben hun lessen getrokken uit wat er toen gebeurd is", zegt Valerie Frederickson. “Toen hadden de dotcombedrijven bijna geen businessmodellen. Ze wierven haast willekeurig aan. Sommige bedrijfsleiders wierven iemand aan als hij goed was en keken later of ze een job voor hem vonden, zo gek was het toen. Die binge hiring was mee de oorzaak van het feit dat zoveel bedrijven de fles op gingen en de zeepbel barstte. Dat en het feit dat ze geen duurzaam businessmodel hadden."

"Nu weten bedrijven heel goed in welke markt ze zitten, wat hun behoeften zijn. Het aanwerven gebeurt met meer overleg en de inzet is ook veel hoger dan toen. Ze werven dus niet zomaar iedereen aan. Ze hebben een heel duidelijk functieprofiel klaar als ze bij ons komen in functie van hun strategische plannen. Het duurt ook veel langer vooraleer ze effectief iemand aanwerven, en dat impliceert soms dat ze iemand door hun vingers zien glippen. Goeie kandidaten krijgen verschillende aanbiedingen.”

"Of bedrijven niet te veel betalen voor goeie mensen? Nick Baum haalt zijn schouders op en werpt een andere vraag op: “Wanneer betaalt een bedrijf te veel voor een werknemer? Dat valt heel moeilijk te zeggen. Je moet kijken naar wat pakweg een ingenieur opbrengt voor een onderneming. De commerciële waarde die een bedrijf als Google kan halen uit één enkele ingenieur is enorm. Facebook had op een bepaalde moment één ingenieur per 100 gebruikers. Dat is enorm. De impact van één ingenieur kan héél groot zijn. In dat opzicht kan je je zelfs afvragen of sommige ingenieurs niet onderbetaald worden.” Valerie Frederickson: “In elk bedrijf heb je mensen die onder- en overbetaald zijn. Je kan er van uit gaan dat de lonen nog verder gaan stijgen, al hangt veel natuurlijk af van hoe de economie nu evolueert: duiken we een nieuwe recessie in of niet? Afhankelijk daarvan zit er nog rek in.

Bekijk ook de fotoreeks

San Francisco/Silicon ValleySan Francisco/Silicon ValleySan Francisco/Silicon ValleySan Francisco/Silicon ValleySan Francisco/Silicon ValleySan Francisco/Silicon ValleySan Francisco/Silicon ValleySan Francisco/Silicon ValleySan Francisco/Silicon ValleySan Francisco/Silicon ValleySan Francisco/Silicon ValleySan Francisco/Silicon ValleySan Francisco/Silicon ValleySan Francisco/Silicon ValleySan Francisco/Silicon ValleySan Francisco/Silicon ValleySan Francisco/Silicon ValleySan Francisco/Silicon ValleySan Francisco/Silicon ValleySan Francisco/Silicon Valley

Terug naar het hoofdartikel 'Wereldwijde jacht op talent blijft open'