Dana Stefan werkt voor een Belgische elektronicaproducent

“Ik emigreer niet, dit is mijn land”

Dana Stefan wordt geregeld aangesproken in de fabriek. Vanachter hun werktafels wenken ploegbazen en medewerkers haar want ze weten dat zij iets kan doen bewegen. De meeste werknemers van de fabriek van GDM Electronics voelen zich niet zo betrokken. Maar Dana Stefan (30) is anders: “Ik hou mijn ogen open en reageer.”
“Het loopt al iets beter, maar de mentaliteit van mijn Roemeense werknemers is nog niet ok”, verklaart ook directeur Guido Pauwels. “Samen met enkele anderen is Dana voorlopig een uitzondering.”

GDM Electronics, een fabrikant van chipkaarten uit Herentals, is neergestreken in Curtea de Arges, een stadje op zo’n drie uur rijden van Boekarest. Drie jaar geleden brandde de prestigieuze nieuwbouw tot op de grond af. Voorlopig huurt het Vlaamse bedrijf vier verdiepingen in de afbrokkelende restanten van een grote textielfabriek, goed voor 220 mannen en voornamelijk vrouwen die de chips op de printplaten assembleren. In Curtea produceert GDM Electronics onder meer onderdelen voor machines van General Electric, Prodata en de tijdsregistratie van de F1-bolides.

Dana Stefan startte in 2004 bij GDM als directieassistente. Guido Pauwels: “Ik had toen een tolk die me permanent vergezelde. Toen iemand me vertelde dat die tolk alleen datgene vertaalde wat in zijn kraam paste, stond hij onmiddellijk buiten. Ik begon ernstig Roemeens te studeren en rekruteerde Dana.” Dana had juist haar diploma Economie en Rechten aan de universiteit van Pistesti behaald. Haar kennis van het Engels was haar entreekaartje bij GDM.

Deze jonge vrouw past in de andere aanpak die het bedrijf huldigt. Dana Stefan is vandaag de rechterhand van Guido Pauwels. “De meeste Roemeense werkgevers bestraffen hun mensen.”, vertelt ze. “Neem de driehonderd textielarbeiders die hier naast ons nog werken. Zij worden per hoeveelheid geproduceerde stuks betaald. Wie tijdens zijn shift de honderd opgelegde stuks niet haalt, krijgt maar de helft uitbetaald of moet overuren doen om die honderd toch te maken. Daardoor zijn ze niet trouw en vertrekken ze als ze elders honderd lei meer kunnen verdienen. Door de komst van de buitenlandse investeerders verandert de mentaliteit stilaan. In Curtea zijn ook enkele fabrieken van Duitse groepen zoals Oetker, Steinel en Fuchs. Daar houden de managers zich veel strikter aan de regels dan wij. Daarom is bij ons het verloop ook heel laag. Indien je genoeg begrip vertoont, loopt alles vlotter.”

Is haar ervaring in een 'Belgisch' bedrijf geen goede springplank om te emigreren? “Ik wil hier niet weg. Dit is mijn land. Mijn ouders leven nog en ik heb een broer. Mijn familiebanden zijn heel sterk.”

Terug naar het coververhaal 'Roemenië loopt leeg'