Column An Olaerts: “Kindertjes op tv, daar staken wij niet voor. Ook niet voor slaapzakliggers in Brussel Noord trouwens.”

Er waren weer kindertjes op tv. Ze zaten op hun knieën in een diep gat onder de grond. Zonder boterhammendoos en zonder schoenen. Ze hadden een puntig pikhouweel, dat wel. En boven hun oor hing een zaklamp, vastgebonden met elastiek. Er kwam een mannetje in beeld met een zak op zijn hoofd tegen het stof in zijn haar. Veiligheid, ahoi. Het mannetje was tien. Hij werkte al drie jaar in de mijn, acht uur per dag. Mooie uren, precies écht.
Mapbolomolokdupalok, zei het kind, zoiets. Het bleek Nepalees voor: Ik doe het voor het geld. Ik verdien 3 euro per dag. Hij kocht er rijst mee en hij huurde er een holletje van, onder een golfplaat tussen een hoop vuil.

Zijn zusje werkte ook, even verderop in het dorp, in een winkeltje met een gordijn. Het deurgat was te groot voor zo weinig bloemetjesstof.  Bovendien was het winkeltje leeg. Het zusje zat op een kruk. Ze verkocht wat ze had: niets. Maar voor de mannen die in vrachtwagens voorbij reden was het genoeg. Vroaar.
Oh, wat was het triest op tv. Vooral na de allerlaatste letters op de aftiteling. © 2011. En elf! Nu dus ongeveer, want we zitten amper aan twaalf. Priester Daens! Kom terug! Het is weer van dat! Op tv, in een diep gat onder de grond! Red die kindertjes! Spijtig genoeg is er niemand die het hoort. Priester Daens ligt zelf onder de grond. De grond waarop wij staken.

Ik weet het, ik weet het, ik mag niks zeggen over de staking. Want ik heb alles, een huis, een telefoon, een goede gezondheid en kansen. Mensenlief zoveel kansen! Alle kansen! En talent! Nondedju, talent dat ik heb! Zoveel talent dat het niet meer eerlijk is. De meeste mensen moeten het met minder rooien. En nog minder, want Di Rupo zit niet stil. Angela Merkel hijgt heel Europa in de nek. Wat denkt die troel wel niet? Op de rug van de werknemer! Ze zitten aan ons pensioen. Ze zitten aan mijn tijdskrediet. Ze zitten aan uw uitkering. Een mens zou voor minder zijn thermoskan uithalen, een zak over zijn jas trekken en met pamfletten op de parking gaan staan.

Solidariteit, dat zeldzame goed, is het enige wat ons kan redden. Wij staken voor elkaar. Samen tegen onrecht! Ons onrecht en dat van ons alleen! Kindertjes op tv, daar staken wij niet voor. Ook niet voor slaapzakliggers in Brussel Noord trouwens. En ook niet voor 150 Afrikanen op de Middellandse Zee. Het is logisch. Die types draaien niet mee in ons systeem. Onze zekerheid is sociaal begrensd. Om praktische redenen. Wij kunnen heus niet vechten voor het pensioen van de hele wereld. Daar hoeven wij ons niet schuldig over te voelen. Schuld is een uitvinding van de katholieken. En wat hebben die katholieken nog allemaal voor treurnis uitgevonden!

Overigens is het met onrecht net zoals met verdriet. Het is zo exclusief dat het zich niet laat vergelijken. Onrecht kun je niet ordenen van klein naar groot. Onrecht is onrecht. Als het u wordt aangedaan is het van u, los van al het andere onrecht. Andermans miserie biedt geen troost en kindertjes op tv zijn geen reden om te allen tijde tevreden te zijn. Appelen en citroenen zijn het. Maar af en toe is het goed om eventjes naar de grond te kijken waarop wij staken. Want ergens in dezelfde grond zitten kindertjes op hun knieën.