Benjamin Mols (26), stagiair genocidepreventie bij de VN

Hij trok als 16-jarige naar Kosovo, heeft in het VN-hoofdkwartier in New York gewerkt en specialiseert zich in genocide en conflictbeheersing. Ben Mols heeft op zijn 26ste niet meteen een doorsnee parkoers achter de rug. En hij heeft intussen alweer nieuwe plannen. “Ik wil zo snel mogelijk terug naar het buitenland.”

Benjamin Mols zit in een wat afgeleefde cafetaria van de universiteit van Gent. Hij is net terug uit New York, waar hij stage liep bij het Office for Genocide Prevention and the Responsibility to Protect van de VN. “In het najaar was er een probleem in het noorden van Kosovo, en ik heb een analyse gemaakt van de situatie daar voor de verantwoordelijke voor genocidepreventie in Europa. Bij de kwestie tussen Noord- en Zuid-Soedan heb ik ook de verantwoordelijke voor Afrika geholpen. Ik screende de situatie en checkte informatie die ik kreeg van sociale en gewone media en lokale en andere bronnen. Ik hield me ook bezig met Congo, net toen er presidentsverkiezingen waren. Er waren elke dag crisisvergaderingen. Ik heb het gigantisch druk gehad, maar het was heel interessant.”
Mols gaf zijn fulltime job bij de UGent op om deze stage te doen. Hij kreeg een beurs van de Vlaamse overheid van zo’n 1.100 euro per maand: net genoeg om te overleven in New York. “Het was een opoffering, maar via de VN heb ik in ruil een heel interessant netwerk uitgebouwd. Echt iedereen zit in New York. Zo heb ik op een bepaald moment ook handjes geschud met Ban Ki-Moon, die langskwam op onze dienst.”

Benjamin Mols werd voor de stage uit een 150-tal kandidaten wereldwijd gekozen. Geen toeval: hij trok op zijn zestiende al naar Kosovo. “Ik was lid van het Kosovo Comité België, waar mijn vader voorzitter van was. Toen de oorlog daar uitbrak in 1999 waren wij de enige vereniging in België die degelijke kennis had van Kosovo. We werden gevraagd om mee te gaan op missies en ngo’s te ondersteunen. Zo ben ik tijdens mijn studies geschiedenis enkele keren voor een paar weken naar Kosovo getrokken. Voor mijn extra masteropleiding Democratisation & Human Rights in Sarajevo heb ik vier maanden in Skopje gewerkt bij een denktank rond Europese veiligheid en defensie. En daarna heb ik twee maanden in Bologna gewoond om er mijn scriptie te schrijven over hoe een systeem van geïnstitutionaliseerde mensenrechten, zoals binnen de EU, ecologische en demografische conflictsituaties kan voorkomen.”

Na zijn studie in Sarajevo keerde Benjamin Mols terug naar België. Hij werkte even voor het Belgische leger als ‘human factor-analist’. “Voor een eenheid in Heverlee maakte ik analyses waardoor de troepen beter rekening konden houden met de lokale bevolking. Daarna ben ik aan de slag gegaan als coördinator en secretaris bij de Vereniging voor de Verenigde Naties aan de Universiteit Gent. En daarna dus naar de VN in New York. Ik ben nu bezig met het uitschrijven van een training specifiek voor onderofficieren en vrijwilligers die op vredesmissie gaan. Na afloop van mijn stage in maart wil ik zo snel mogelijk naar het buitenland. Als conflict- of genocidespecialist. Dat is werken in penibele situaties, maar als je iets wil veranderen, moet je het ter plaatse doen, en niet op een stoel in een bureau. Ik ben jong, ik moet het nu doen.”