“Van 1.000 naar 2.000 werknemers in 2010”

Neen, niet de hele bankwereld ligt op apegapen. Capco, het internationale bedrijf met ‘roots’ in Edegem, groeit zonder brute pech dit jaar uit tot één van de grootste adviseurs op het vlak van bancaire organisatie en technologie en profiteert optimaal van de ‘reshuffle’ in bankenland. Topman Rob Heyvaert over de verdubbeling van zijn personeelsbestand, de ‘deal fever’ van Fortis én de Belgische arbeidsmarkt.

Fortis is ontmanteld en verfranst, de Europese Commissie zet KBC en Dexia op dieet. Ziet u de werkgelegenheid in de Belgische banken hoopvol of pessimistisch tegemoet?

Rob Heyvaert, topman van Capco: “Capco raapt ongeveer 5% van zijn totale omzet van 250 miljoen dollar op in België. Ik woon weliswaar niet meer in België, maar kom er nog geregeld over de vloer. De Belgische banksector heeft rake klappen gekregen, misschien erger nog dan in andere landen, omdat de internationale honger van een aantal jongens zeer groot was in verhouding tot de lokale Belgische markt. Fortis bijvoorbeeld toonde zich veel te ambitieus. Haar ongelofelijke agressiviteit om ABN Amro te kopen was een fout, een illustratie van ‘deal fever’. Het oude management van Fortis moet absoluut haar verantwoordelijkheid nemen. De nieuwe eigenaar van de oude Fortis Bank, BNP Paribas, is heel professioneel goed bezig. Daarom moeten we als Belgen haar industrieel plan als een opportuniteit zien: we moeten zorgen dat we enkele van die competentiecentra hier kunnen houden. Klagen over het verlies van een kroonjuweel helpt niet.”
“Dexia en KBC worden ook goed geleid; het zijn gezonde banken. Je ziet nu hoe de Belgische banken zich terugplooien, ze komen weer dichter bij de klant. De banken stoten vooral hun buitenlandse activiteiten af. Je krijgt clusters van retailbanken, die krediet verlenen aan consumenten en bedrijven. Dat is een goeie zaak. Consumentenbankieren is arbeidsintensief. Ik denk dus niet dat er een gigantische druk komt op de werkgelegenheid bij de Belgische banken. In Canada en voor een stuk ook in de VS mogen bepaalde banken van de overheid zelfs al niet meer fusioneren. Ik zou durven stellen dat daardoor de bankwereld een vrij gezonde werkgever blijft.”

“België hebben we als bedrijf afgeschreven. Geen enkele grote privaat-publieke samenwerking van de Vlaamse regering vandaag werkt. De Belgische staat is in al zijn onderdelen failliet”, aldus Jan De Nul, topman van baggeraar De Nul in Trends. Bent u even hard in uw oordeel?

Rob Heyvaert: “Heel wat zaken kunnen inderdaad beter. Laat ik beginnen met het positieve. Ik vind bijvoorbeeld ons talent fantastisch in België. Capco is gestart met Belgisch talent (Capco’s bakermat ligt in Edegem, nvdr). Die pragmatische mentaliteit en ons onderwijsniveau vind ik top; ik denk dat men dat echt onderschat. Het hoeft niet altijd onbetaalbaar onderwijs à la Eton of Oxford te zijn. Bovendien is een Belgische ict-topper voor ons 30 procent goedkoper dan een gelijkaardig profiel in de Londense City of op Wall Street. Het grote gevaar schuilt erin dat de Belgische regering onvoldoende doet om ondernemen te promoten. Sociale lasten in België zijn een ‘joke’. In België moet je nog altijd de salariskosten maal 2,5 doen om de echte prijs van een medewerker te kennen. In sommige landen gaat dat maar tot +20%, +30% maximum. Duitsland doet het veel beter. We praten daarom inderdaad met Duitse overheidsinstanties om daar projecten op te starten.”

“Als je al dat Belgisch talent niet koppelt aan een flexibeler arbeidsmodel, dan ben je vroeg of laat een vogel voor de kat. Iemand zei ooit: ‘it’s not about job preservation, but about job creation.’ Toch heb ik het gevoel dat het in België veel meer draait rond jobbehoud en jobgaranties. Het land zou meer middelen moeten investeren in het scheppen van banen. Heel het ontslagmodel moet soepeler. Vergeef me, als ondernemer ben ik nu eenmaal het product van mijn eigen geloof. In België heb je als ondernemer schrik om iets te starten. Voor wie met een project start met twintig mensen, zijn de gevolgen gigantisch als hij mislukt. Dus beginnen mensen er eenvoudigweg amper aan. De VS hebben een zeer gunstig ondernemersklimaat en een zeer flexibele arbeidsmarkt. Ondanks Enron en Wall Street is een ondernemer er nog altijd geen ‘crook’ (bandiet). Die mentaliteit blijft dat land groot houden. Diegenen die het land afschrijven, hebben er niet geleefd. Er is maar één land ter wereld waar je met een team van 100 mensen failliet kan gaan en drie maanden later opnieuw begint en weer mensen kan aanwerven. De kosten van een afdanking doen je niet de das om. Daardoor durf je daar gewoon meer risico’s nemen. Al is er uiteraard een keerzijde, zoals de problemen in de Amerikaanse gezondheidszorg. Ik voel ook mee met de Belgische politici: zoveel opties zijn er niet om het begrotingsdeficit en de staatsschuld weg te werken.”

Wat zou u dan wel doen om ons land op een hoger niveau te tillen?

Rob Heyvaert: “Ik zou nog meer alles laten draaien rond kennis. Maar ik zou die ideeën niet laten verzuipen onder de subsidies. Laat de jongens die zoveel lawaai maken, eerst zelf geld zoeken voor hun ideeën, in plaats van te steunen op de overheid. Voor goede ideeën is er vandaag opnieuw kapitaal beschikbaar. Kapitaal is er genoeg, bruikbare ideeën zijn er te weinig.”
“Je creëert geen succesvol bedrijf zonder hard te werken. Daarom ben ik tegen systemen die het mogelijk maken vervroegd met pensioen te gaan. Ik zou de pensioenleeftijd later leggen, want we leven langer en gezonder. Ook moet de fiscale discipline in ons land veel te laks, zowel op het vlak van de inning van de belastingen als op het vlak van de omgaan met die enorme geldmiddelen.”
“Vergeet ook niet dat er veel goed gaat in België. De gezondheidszorg, bijvoorbeeld, is sterk en blijft betaalbaar. Een Belg geniet van een enorm hoge levenskwaliteit. Mijn Amerikaanse secretaresse, daarentegen, staat om 3.45 uur op om tweeënhalf uur naar New York te rijden. Ze werkt tot 19 uur en rijdt dan terug. Ze zit vijf uur in de auto. Ze verdient daarvoor 50.000 dollar per jaar.”
“Het blijft de taak van de overheid om een gezond ondernemingsklimaat te creëren. Daarnaast moet ze België blijven promoten als een interessante springplank binnen Europa: het is een ideaal vestigingsplaats voor hoofdkwartieren en een uitvalbasis voor de rest van de EU.”

De grootbanken wereldwijd likken hun wonden. De grondige opkuis en herinrichting van hun interne keuken geeft Capco als ondersteunende ict-dienstenleverancier de wind stevig in de zeilen?

Rob Heyvaert: “We hebben net als iedereen in de financiële wereld schrik gehad. Eind 2008 heerste er een absolute chaos. Een soort Armageddon op de financiële markten. Maar we hebben snel ingezien dat de meeste banken de komende drie, vier jaar drastisch moeten veranderen. Ze moeten alles omgooien, onder andere hun risicovolle activiteiten afstoten. En daar komen wij in beeld. Alle backoffice- en alle risicosystemen moeten hertekend worden. De banken vinden zichzelf opnieuw uit.”

“Capco levert IT-systemen aan de banken. Als een trader besluit daarmee ‘mortgage backed securities’ te kopen en dat risico te nemen, zorgen onze systemen dat die operatie correct wordt uitgevoerd, maar het blijft zijn beslissing. Ik zeg altijd: ‘don’t shoot the messenger’. Wijzelf hebben nooit in tradingrooms gezeten, we maken de banken enkel meer operationeel. Rond de zomer van vorig jaar vroegen we 20 miljoen dollar extra kapitaal aan onze aandeelhouders. Die hadden we nodig om sterk te beginnen aanwerven. In totaal heeft Capco 1.000 openstaande vacatures, we gaan naar een verdubbeling van ons personeelsbestand tegen eind dit jaar. En dit jaar verdrievoudigen we nog eens in de VS. Vorig jaar draaiden we 120 miljoen dollar omzet, dit jaar ongeveer 250. We kuisen onder andere de volledige ict op bij Fanny Mae (Amerikaanse hypotheekreus die door de Amerikaanse overheid in september 2008 gered werd. De Amerikaanse overheid bezit nu 80 procent van de aandelen, nvdr).”
“In Europa groeien we ook heel sterk, daar behandelen we veel postfusie-integratiedossiers. Maar we vinden niet genoeg capabele mensen. De banken werven weer aan, onze concurrenten ook. In België werken er een zestigtal mensen, we voorzien er nog twintig aanwervingen.”

Heeft u veel contacten met de Amerikaanse overheid?

Rob Heyvaert: “We zijn zeer actief in Washington, waar we commentaar geven op de nieuwe ideeën rond regulatie in de bancaire sector aan partners die betrokken zijn bij de plannen van president Obama. Maar de president zit met een probleem omdat het hele politieke apparaat in de Amerikaanse hoofdstad verziekt is door de tegenstelling tussen Democraten en Republikeinen.”

Uzelf zei vorig jaar in een interview met De Tijd: “Ik zie een mentaliteitsverandering bij de ceo’s van banken. Ze zijn veel meer bezig met risicobeheer en controle dan vroeger.” Kunnen we nu op beide oren slapen?

Rob Heyvaert: “Zolang een bank voor haar werking afhankelijk is van werkkapitaal van de markt, mag u nooit op uw beide oren slapen. Het klopt natuurlijk dat de vorige reguleringsgolf een reactie was op het faillissement van Enron (dat met haar cijfers had geknoeid, nvdr). De huidige crisis draait rond iets heel anders.
Maar de plannen voor de nieuwe regulering zijn goed. Banken zullen hopelijk binnenkort niet meer voor eigen rekening mogen speculeren (bijvoorbeeld aandelen tegen een lage prijs opkopen om die nadien met winst weer door te verkopen). Verder moet de verhouding tussen het eigen en het geleend werkkapitaal meer in evenwicht komen. Dan krijg je geen accidenten meer waarbij een bank vijftig à zestig keer zijn deposito’s weggokt.”
“Maar de ceo, het hoofd van de bank, moet kunnen diep gaan: hij moet perfect weten welke risico’s hij in huis heeft. Daarom heb ik een groot respect voor Jamie Dimon, de ceo van JP Morgan Chase. Die persoonlijk enorm grondige onderzoeken doet. Zijn management is doordrongen van risicobeheer.”

Nu ligt Jamie Dimon, samen met Goldman Sachs, onder vuur omdat hij producten heeft geleverd waarmee Griekenland zijn schulden minder hoog kon voorstellen?

Rob Heyvaert: “Hier bots je op een bijna filosofisch debat in welke mate de kapitaalmarkt gesofisticeerde vernieuwingen mag doorvoeren. En wat er nu juist moet gecontroleerd en gereguleerd worden. Hoever ga je daar in? Dat is een moeilijk en actueel debat. Want bepaalde nieuwe instrumenten maken het een bedrijf mogelijk gemakkelijker zijn schuld te financieren. Maar misschien moeten de kopers van dat papier beter geïnformeerd worden over het risico dat ze nemen?”

Peter Praet (directeur Nationale Bank ,die waakt over de financiële stabiliteit) stelt voor dat “buitenlandse banken die met Belgisch spaargeld aan de slag gaan, voldoende waarborgen geven om de veiligheid ervan te garanderen.” Vindt u dat een goed idee?

Rob Heyvaert: “Ik ondersteun dat. Het is meer dan een louter Belgisch probleem. Dat moet opgelost worden op Europees of globaal niveau. Het moet een richtlijn worden die ook de Amerikanen adopteren. Daarnaast moet er ook een limiet bepaald worden voor de overheidsschulden. Vooral de Amerikaanse overheidsschuld wordt een tijdbom.”

Er woedt een zware discussie over de bonussen en de salarissen van de toplui. U hebt zelf een idee gelanceerd: “Ik zou met langetermijnbonussen werken zodat bankiers meer nadenken over welke risico’s ze nemen.”

Rob Heyvaert: “Natuurlijk worden sommige bankmedewerkers te veel betaald, zeker in banken die door een regering gered zijn. En dit circus loopt nog altijd door. Ik geloof in het motiveren van medewerkers via een variabele compensatie. Maar een bedrijf moet zijn bonussen over een langere termijn gespreid uitdelen, wil dat systeem gezond zijn. Zo lopen onze bonussen over vier jaar. Elk jaar gaat er een som uw spaarpot in als u uw doelstellingen gehaald heeft. Na vier jaar krijgt u het geld en begint een nieuwe cyclus. Onze bonus hangt grotendeels af van de resultaten van Capco.”

Rekent u op een verdere dominantie van India in de ict-sector? Is Capco daar zelf actief?

Rob Heyvaert: “Indiase it-bedrijven hebben het landschap van de dienstverlening helemaal veranderd, maar we moeten helemaal geen schrik hebben van hen. Ze hebben nog culturele problemen om door te breken, maar qua methodologie en discipline luiden zij echter een nieuw tijdperk in. We mogen daar niet tegen ingaan. Die strijd is gestreden. Een groot it-project dat geen input krijgt vanuit India, is niet competitief. Elke grootbank is daar full speed mee bezig. Ook werven Indiase bedrijven nu agressief aan in Europa. Vooral de middelgrote, lokale it-bedrijven zullen problemen krijgen om talent aan te trekken. Die krijgen de B-kandidaten over de vloer. 200 van onze 1.000 werknemers zitten nu in Bangalore (India).”

De wereldeconomie verwacht alle heil van China: hebben Chinese grootbanken eveneens geprofiteerd van deze crisis om het financiële machtscentrum naar zich toe te trekken?

Rob Heyvaert: “China heeft nu wel enkele heel grote banken, die de internationale top-10 aanvoeren. Maar er is geen echt regelgevende autoriteit, die mij vertrouwen geeft om met deze banken zaken te doen. Uiteindelijk blijven het van mentaliteit staatsbanken. We werken wel aan een groot project rond termijncontracten voor de aandelenbeurs van Shanghai. Maar we hebben in China zelfs nog geen kantoor.”

Tot slot: heeft u al een opvolger?

Rob Heyvaert: “Ik ben er mee bezig, want we realiseren nu een omzet van 250 miljoen dollar en zijn op weg naar een miljard dollar; dat is tenminste ons doel. Dan mag de organisatie niet afhangen van één starperformer. Ik ben nu 45 jaar. Ik wil nog minstens vijf jaar ‘relevant’ blijven. Het is wel een aandachtspunt voor onze raad. Maar mijn medewerkers die onze operaties in respectievelijk de VS en Europa leiden, komen zeker in aanmerking, mocht er met mij iets gebeuren.”

Tekst Nico Schoofs, Erik Verreet - foto: Bart Heijne