Foutmelding

  • There are no workflow states available. Please notify your site administrator.
  • There are no workflow states available. Please notify your site administrator.

“In sommige streken worden er carrières gespendeerd aan hazelnootjes”

Het is een rare vraag, maar toch. Hoeveel hazelnootjes eet u in een jaar? Twee? Drie? Of misschien wat meer, per pot Nutella. Maar ook dan komt u volgens mij niet aan een kilo per jaar. Hazelnootjes hebben weinig verdiensten.

Zelfs aan een coupe brésilienne wordt geen enkel hazelnootje besteed.  Ik weet in de buurt een rij hazelaren staan waar niemand naar bougeert, al ligt de hele stoep vol nootjes. Hazelnootjes zijn het bukken niet waard. Kortom, groot was de verbazing toen ik merkte dat hazelnootjes een beroep zijn. In sommige streken worden er carrières gespendeerd aan hazelnootjes!

Dat ben vorige week aan de weet gekomen omdat ik een agriturismo had geboekt in Italië, officieel een boerderij met gastenkamers. Altijd een goed plan, omdat er van die boerderij toch niet veel te vrezen valt. Agriturismo's doen over het algemeen niet in mesthopen of koeienvlaaien. Meestal gaat het om een berg vol olijfbomen die er stil en idyllisch bij staan. Stinkt niet. Knort niet. Ook dit jaar was het een plaatje, met rust en bos tot aan het meer. “Wat zou er aan die bomen hangen?”, zei ik nog. “Abrikozen misschien?” Maar het waren dus hazelnootjes. Stomweg. Met een consumptie van twee nootjes per jaar is het moeilijk te geloven dat nootjes een industrie zijn.

Het begon 's morgens in de vroegte met een leger Italianen dat het bos in trok met een stofzuiger op de rug. Daarmee bliezen ze de nootjes op hopen. Stofnest was het. De hele dag stegen er boven het bos dikke, bruine nootjeswolken op. Nog een geluk dat de zon scheen of ik had alleen kleur gekregen van de notenwalm. En lawaai dat het maakte!  Na de blazers kwam de man met de twee karretjes. Die reed tussen de bomen door om de nootjes op te slokken. Eerst in het eerste karretje, vervolgens door een slurf naar het tweede karretje. Allemaal in de agriturismo waar ik voor de ontspanning gelogeerd lag. U weet wel, om een week niet aan het werk te denken.

De hele dag reden er slurfwagentjes de berg op en af. Tot het donker was. En 's anderdaags opnieuw. De zon was nog niet goed boven die horizon uit of daar verscheen de brombrigade alweer. Met benzine tot 's avonds. Ik begreep er niets van. Had ik een boomgaard met nootjesbomen, ik zou meer geduld hebben en maar om de andere dag nootjes rapen. Precies of er in één nacht zoveel nootjes uit een boom kunnen vallen. Maar nee, naarstigheid en vlijt waren troef van maandag tot en met vrijdag.

Nog vreemder was dat die boeren erg zuinig waren op hun nootjes. Alle boomgaarden waren zorgvuldig omheind, werden 's avonds afgesloten met een ijzeren poort. Bovendien hing er hier en daar een bordje met Vietato raccogliere nocciole, wat Italiaans is voor Blijf van mijn nootjes af. Terwijl het hier niemand wat kan schelen.

De hele week heb ik mij in nootjesnevel afgevraagd waarvoor het allemaal moest dienen, de moeite en het werk. Oh, wat was dat slecht voor de ontspanning. Vandaar dat ik heb besloten: het maakt niet uit hoeveel hazelnootjes u eet in een jaar. Ik heb gezien wie ze heeft opgeraapt, voor de rest van uw hele leven.