Foutmelding

  • There are no workflow states available. Please notify your site administrator.
  • There are no workflow states available. Please notify your site administrator.

“Moeders opereren wars van status, salaris en carrière”

Elk week geeft columniste An Olaerts haar ongecensureerde kijk op de arbeidsmarkt en de wereld ver daarbuiten.


In tijden van verse kalenders is het de werkmens geboden even stil te staan bij de voortgang der dingen. Januari is evaluatiemaand, tijd om u af te vragen hoe dit zo gekomen is. En waaraan u deze loopbaan te danken heeft. Kam uzelf de snor en duik gelijk een oude zeehond in de zee der zelfkennis. Alvorens de baas, de ingebeelde baas, het mens van hr of meteen die van de boekhouding zich buigen over uw geval.
 
Aldus toog ik met mijn moeder de trap af, naar de kelder. In welk gezelschap kan men zich immers beter aan de grote evaluatie wagen. Moeders opereren wars van status, salaris en carrière. Al rijden hun kinderen rond in een geleasede Volvo S80, krijgen ze een forfaitaire onkostenvergoeding van 1.200 euro per maand en worden ze uitgenodigd om te komen spreken op dure seminariedagen. Een moeder blijft zich tot in den treuren afvragen of haar kind wel goed eet en of het zich welvoeglijk gedraagt. Ze heeft haar kind namelijk jarenlang de billen geveegd. Ze heeft haar kind aan tafel zien zitten met spinaziepuree op de wangen en ze is voor de beschaving gegaan. Want mijnelievegod een kind is een bundel prehistorische driften. Sommige volwassenen zitten nog steeds met zware reminiscenties, maar daar gaat het hier even niet over.


Moeders weten waar hun kinderen vandaan komen en hoe dat zo gekomen is. Zo weet mijn moeder heel goed dat ik eigenlijk dierenarts wilde worden. De Deltas Dierenencyclopedie voor de Jeugd is het boek waar ik het meest van hield. We vonden het in de kelder terug in een bananendoos. Helaas is het met mij en de dieren nooit wat geworden. Ik heb weliswaar weleens een olifantenverzorger mogen interviewen of een paling van een woordvoerder. En ik heb ook weleens een koolmees begraven in de tuin, maar dat was weinig professioneel. In ieder geval de officiële veeartsenij was aan mij niet besteed. Toen op school de échte biologie begon kon ik niet meer volgen. Scheikunde was een drama. En met het mens van wiskunde heb ik vorig jaar ei zo na opnieuw ruzie gekregen. Zodoende heb ik mij noodgedwongen bekwaamd in de menswetenschappen.


De bananendoos in de kelder gaf echter meer prijs dan de mislukte dierenartsendroom. In de betreffende doos vonden mijn moeder en ik namelijk ook een oud schriftje terug, de pagina's gelijnd en enigszins vergeeld. Mijn moeder lachte. In de kantlijn stond een datum. 7-1-1984. Daarna liepen tot beneden twee kolommen die gevuld waren met één en dezelfde spreuk, zijnde ‘Ik moet luisteren’. Twee bladzijden verder, de dato 21-3-1984, werd ik gesommeerd tot de retorische vraag: Wie is er thuis de baas? En zo ging dat maar door. Ik moet 's morgens uit het bureel blijven. Ik heb lelijk gekeken. Ik moet mij zo niet aanstellen. Ik mag niet vechten met mijn zus. Tot het schriftje op 29-12-1984 vol was. Ik keek mijn moeder aan en zei: ‘Zo is het dus gekomen’. 25 jaar geleden is het begonnen met straf te schrijven en op moeilijke dagen is het een straf gebleven. Besluit van de evaluatie: ook in tijden van verse kalenders is er voor de werkmens niet zoveel veranderd.